De goudprijs duikt onder 1.500 dollar

Vandaag is voor een ounce goud minder dan 1.500 dollar betaald op de internationale markten. Na een piek in 2011 is de goudprijs dus opnieuw aan het dalen en de eurocrisis zit daar voor een stukje tussen.
2011 AP

In tijden van crisis en onzekerheid is goud altijd een vluchtheuvel geweest en na de financiële crisis van 2007 was dat niet anders. In september 2011 kostte een ounce goud nog meer dan 1.900 dollar, maar de voorbije weken is daar de klad in gekomen. Vandaag daalde de prijs onder de grens van 1.500 dollar.

Dat het noodlijdende euroland Cyprus een deel van zijn goudreserves zou verkopen aan aan geld te komen, is de directe aanleiding. Sommige analisten sluiten niet uit dat  ook andere eurostaten in moeilijkheden in de verleiding zullen komen om dat voorbeeld te volgen en dat zou het aanbod op de markt kunnen verhogen en de prijzen verder doen dalen.

Samen bezitten Italië, Spanje, Portugal, Griekenland en Ierland 3.230 ton goud. Tegen de prijs van vandaag is dat goed voor een waarde van 125 miljard euro.

Toch zijn er nog geen aanwijzingen dat die landen zouden overwegen om hun goudvoorraden aan te spreken. Er zijn daar ook internationale beperkingen op (zie kader).

Er zijn echter ook andere factoren. Zo blijkt de inflatie in maart in de Verenigde Staten onder de verwachtingen te liggen. In tijden van inflatie wordt goud gekocht, als beleggers denken dat die afneemt, verkopen ze meestal goud. Bovendien is de goudprijs de voorbije maanden gedaald omdat verwacht wordt dat de rente in de VS zal stijgen. 

Goudreserves dumpen kan niet zomaar

Het protocol van het Europees Systeem van Centrale Banken (ESCB) -een van de pijlers van de eurozone- bepaalt de onafhankelijkheid van die banken tegenover hun nationale overheden. Die regeringen kunnen dus niet zomaar goudreserves van de centrale banken verkopen, al is het natuurlijk de vraag of overal in de eurozone die autonomie van de centrale bank zo sterk is als die van de Bundesbank in Duitsland.

Er is echter nog een andere filter: het Akkoord van Washington uit 1999 tussen de centrale banken van de eurozone, Groot-Brittannië, Zwitserland en Zweden. Die beperkten toen de jaarlijkse verkoop van hun goudreserves tot 400 ton. Sinds 2010 hebben die centrale banken evenwel meer goud opgekocht dan ze van de hand deden, al is dat geen garantie voor de toekomst.

De World Gold Council -een vereniging van de belangrijkste goudmijnbedrijven- raadt Cyprus overigens aan om staatsobligaties gedekt door de goudreserves uit te geven. Dat zou vier tot vijf keer meer kunnen opbrengen dan de rechtstreekse verkoop van goud.

Meest gelezen