Tientallen doden op bloedige zondag in Mogadishu

In de Somalische hoofdstad Mogadishu zijn minstens 20 doden gevallen bij twee aanvallen met bomauto's. De aanslagen zijn opgeëist door al-Shabaab, een fundamentalistische militie die grote delen van het land controleert en banden zou hebben met het terreurnetwerk Al Qaeda.

Bij een eerste aanval bestormden gewapende mannen het gerechtsgebouw nadat ze twee bomauto's hadden laten ontploffen. Ze hielden ook gedurende een tijdje mensen gegijzeld.

Volgens het Somalische ministerie van Binnenlandse Zaken is de belegering intussen achter de rug en zijn alle aanvallers gedood.

Even later vielen er vier doden toen een bomauto ontplofte in de buurt van het gebouw van de Somalische inlichtingendienst, bij de weg naar de internationale luchthaven. De bom ontplofte op het moment dat er een konvooi met Turkse hulpverleners voorbijreed. Twee van hen lieten daarbij het leven.

Al sinds 1991, toen rebellen een eind maakten aan de dictatuur van Siad Barre, is het Oost-Afrikaanse land Somalië een land dat eigenlijk niet meer bestaat. Somaliland, in het noorden van het land, scheurde zich toen af en is sindsdien de facto onafhankelijk en relatief stabiel.

De rest van het land is al jarenlang een waar oorlogstoneel, waarbij allerlei krijgsheren het geregeld tegen elkaar opnemen, waar van enig centraal gezag eigenlijk geen sprake is en waar de fundamentalistische al-Shabaab de laatste jaren grote delen van het land controleert.

Van enige economische activiteit van belang is niet langer sprake. Grote delen van de bevolking zijn aangewezen op voedselhulp en anderen nemen hun toevlucht tot piraterij om rijkdom te vergaren. 

AP2013