Zuidpoolijs smelt 10 keer sneller dan 600 jaar geleden

Het Antarctische ijs smelt tijdens de zomer 10 keer sneller dan 600 jaar geleden. Dat blijkt uit onderzoek van Britse en Australische wetenschappers. Het verlies van pakijs gebeurde nooit sneller dan de voorbije 50 jaar.

De onderzoekers boorden op James Ross Island, in het noorden van het continent, tot 364 meter diepte om de temperaturen van honderden jaren geleden na te gaan. De opeenvolgende lagen in het ijs geven immers de bewegingen van het smeltende en opnieuw bevriezende ijs weer.

"We hebben vastgesteld dat de koudste omstandigheden op het Antarctische eiland en de kleinste hoeveelheden smeltend ijs zich zeshonderd jaar geleden voordeden", verklaart Nerilie Abram, van het Antarctic Survey van Cambridge in Groot-Brittannië.

"De temperaturen waren toen ongeveer 1,6 graden Celsius lager dan de temperaturen aan het eind van de twintigste eeuw. En de jaarlijkse hoeveelheid gevallen sneeuw die smolt en vervolgens weer bevroor, bedroeg 0,5%. Vandaag ligt de hoeveelheid sneeuw die smelt tien keer hoger", klinkt het nog.

Volgens de studie, die verscheen in Nature Geoscience, namen de temperaturen de voorbije eeuwen gestaag toe, maar verliep die stijging sneller vanaf de tweede helft van de twintigste eeuw.