Pleidooi voor een Belgische ‘Bijltjesdag’ - Jo Libeer

Tegen het einde van deze maand wacht de Europese Commissie de jaarlijkse stabiliteitsprogramma’s van de lidstaten in. Daarin geven de leden van deze club aan hoe ze de volgende jaren denken hun begrotingsdoelstelling op de middellange termijn te realiseren. Het is een oefening in vooruitdenken. Niet één jaar, maar minstens 4 jaar.
opinie
Opinie
Aansturen van de 'opinie' teaser o.a. op de home pagina en 'opinie' weergave op een detail artikel. Deze tag zorgt er ook voor het automatisch aanvullen van de 'opinie' overzichtspagina

Ons land heeft het daar moeilijk mee. De focus in het budgettaire beleid ligt steeds op de korte termijn: het beoogde begrotingstekort dit jaar. Dat is geen nieuw gegeven. Ook onder de Paarse regeringen bestond deze focus: de begroting in evenwicht. Voor de daarop volgende jaren werden steevast begrotingsoverschotten aangekondigd. Maar daar kwam niks van in huis.

We kijken dus niet vooruit. Maar we kijken ook onvoldoende achteruit. We focussen op de begroting, niet op de uitvoeringsrekening. Een groot verschil met het bedrijfsleven. De Algemene Vergadering – die moet plaats vinden voor 30 juni - wordt er beschouwd als de hoogmis. Het is het moment waarop het bestuur van de vennootschap verantwoording aflegt over de bereikte resultaten aan de hand van de jaarrekening, door de commissaris-revisor gewikt en gewogen. Dat verantwoordingsseizoen start binnenkort. Het wordt opgevolgd door de gespecialiseerde media.

Ook de staat

Minder bekend, maar voor wie er even bij stilstaat de logica zelve, is dat ook onze overheden een jaarrekening moeten opmaken. Daar bestaat uiteraard regelgeving over. Meer bepaald moet de Minister van Begroting voor 30 juni van het volgende jaar de algemene rekening ter beoordeling voorleggen aan het Rekenhof, haar commissaris-revisor. Voor 30 november moet de jaarrekening dan, vertaald in een wetsontwerp, worden doorgestuurd naar het Parlement.

Tot zover de theorie. Lectuur van het jongste jaarrapport van het Rekenhof – een fel onderschat werkstuk overigens – geeft wat inzicht in de praktijk. Het Rekenhof attendeerde er de federale Minister op 1 augustus aan dat de wettelijke termijn verstreken was. Bijna drie maanden te laat kreeg ze de jaarrekening vervolgens ter beoordeling voorgelegd, weliswaar in een onvolledige versie. Van de rekeningen van heel wat staatsdiensten met afzonderlijk beheer en openbare instellingen ontbrak elk spoor. De rekeningen van de Regie der Gebouwen worden bijvoorbeeld met verschillende jaren vertraging doorgezonden.

Nochtans verdient die jaarrekening wel wat aandacht, want: “Het Rekenhof stelt immers tekortkomingen vast op het vlak van de volledigheid, de juistheid en de getrouwheid van de boekhoudkundige verrichtingen, in het bijzonder wat betreft de aansluiting tussen de begrotingsboekhouding en de algemene boekhouding, de toepassing van het begrip “vastgesteld recht”, de naleving van het boekhoudplan, het bestaan van organieke fondsen die niet bij wet ingesteld werden, de samenstelling van het maatschappelijk vermogen, de naleving van de principes van afgrenzing van de boekjaren en de registratie van de beheersverrichtingen van de federale staatsschuld.”

Parlement

Wanneer de Commissaris-Revisor de jaarrekening van een bedrijf van zo’n commentaar zou voorzien, kan een ondernemer niet met gerust gemoed naar de Algemene Vergadering. De kans dat de federale regering zich hierover zorgen maakt is echter vrij gering: de volgende begrotingscontrole is veel belangrijker dan de realisaties.

Het kan ook anders. Op de derde woensdag van mei, ook wel Bijltjesdag genaamd, presenteert de Nederlandse Minister van Financiën het Rijksjaarverslag aan het parlement. Daarin wordt aangegeven of de regering in het afgelopen jaar heeft bereikt wat het wilde bereiken, of het daarvoor gedaan heeft wat het zou doen en of het gekost heeft wat daarvoor gepland was. Daarover vindt vervolgens een “verantwoordingsdebat” plaats, in aanwezigheid van de Minister-President en de Minister van Financiën.

Het zou geen overbodige regel zijn om dat ook bij ons in te voeren. En uit te voeren.

(De auteur is Gedelegeerd bestuurder Voka.)

VRT NWS wil op vrtnws.be een bijdrage leveren aan het maatschappelijk debat over actuele thema’s. Omdat we het belangrijk vinden om verschillende stemmen en meningen te horen publiceren we regelmatig opinieteksten. Elke auteur schrijft in eigen naam of in die van zijn vereniging. Zij zijn verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst. Wilt u graag zelf een opiniestuk publiceren, contacteer dan VRT NWS via moderator@vrt.be.