Brussel = Charles Picqué - Véronique Lamquin

Charles Picqué geeft de fakkel door aan Rudi Vervoort. Picqué heeft het Brussels gewest 24 jaar geleden geschapen; 19 jaar lang heeft hij het bestuurd. Zijn vertrek kondigt het einde van zijn politieke loopbaan aan, tenminste op gewestelijk niveau (hij blijft burgemeester van Sint-Gillis). Daarmee begint het gewest aan een nieuwe start. Maar eerst nog even de balans opmaken van de Picqué-jaren.
opinie
Opinie
Aansturen van de 'opinie' teaser o.a. op de home pagina en 'opinie' weergave op een detail artikel. Deze tag zorgt er ook voor het automatisch aanvullen van de 'opinie' overzichtspagina

Stadsbeleid (deel 1): Een man met een visie

In de balans van Charles Picqué als stadsmanager moet een onderscheiding gemaakt worden tussen twee fazen. De eerste loopt over twee legislaturen: 1989-1999. Vooral de eerste zes jaren heeft Charles Picqué het gewest letterlijk uitgevonden. Alles moest gecreëerd worden: ophalen van huisvuil, regels qua stedenbouw en ruimtelijke ordening, een renovatiebeleid voor de arme wijken. Zelfs een administratie ontbrak.

Charles Picqué was de geschikte man om die taken tot een goed einde te brengen. De steden waren zijn lievelingsthema, hij had het thema door en door verkend toen hij bij de Koning Boudewijnstichting werkte. En zo drukte hij zijn stedelijke visie op Brussel. Hij boekte vooral resultaten op het vlak van stadsvernieuwing. Brussel was toen een stad vol littekens: lelijke gebouwen, braakliggende gronden, kankers… Een gevolg van jaren slechte of onbestaande stedenbouwkundig beleid.

Charles Picqué probeerde het tij te keren: hij lanceerde de wijkscontracten. Met publieke investeringen in infrastructuur en openbare ruimte slaagde hij erin een aantal wijken te revitaliseren. Vandaag bekent Charles Picqué zelf dat hij toen geen rekening genoeg heeft gehouden met de mensen die in die wijken wonen. Terecht. Maar het zou oneerlijk zijn dit hem twintig jaar later te verwijten. Des te meer omdat hij ook zeer vroeg geld heeft willen investeren in sociale cohesie, omdat hij ervan overtuigd was dat de sociale en culturele mix zeer vlug een grote uitdaging voor de stad zou worden.

Stadsbeleid (deel II) : Gebrek aan ambitie

Charles Picqué neemt een federale pauze tussen 1999 en 2003. Als hij in 2004 terug gaat naar het Gewest vormt hij een olijfboom-coalitie in de Franstalige vleugel van zijn regering (klassieke tripartite voor de Nederlandstalige vleugel). Het feit dat er nieuwe partijen aan boord zijn gekomen (nl Ecolo en CDH), maar vooral ook de legitimiteit die Charles Picqué uit de stembussen heeft gehaald (zijn monsterscore: 60.000 stemmen) doen velen hopen dat een hernieuwde ambitie voor Brussel mogelijk is. De tijd dringt, trouwens. De werkloosheidsgraad is van 12,4% in 1989 naar 19,7% in 2004 gestegen, bij de jeugd lopen de cijfers nog hoger op. Sommige wijken, bv in Anderlecht of Molenbeek, tonen geen enkel teken van venieuwing. De files worden langer met de dag.

Charles Picqué, de man met een stedelijke visie, wordt als een messias toegejuicht. Tevergeefs. Het gewest wordt bestuurd, maar zonder veel ambitie. Om verschillende redenen. Eerst, het Gewest krijgt niet geld genoeg om de nodige maatregelen te kunnen nemen, bv om het MIVB-net uit te breiden. Twee, de meerderheid heeft het heel moeilijk duidelijke prioriteiten te bepalen. Drie, Brussel is een ingewikkeld institutionele constructie: één Gewest, twee Gemeenschappen, 19 gemeenten voor 161 km2, dat zijn veel mensen om één coherent beleid te voeren.

Maar, vier, Charles Picqué is zelf ook verantwoordelijk. Hij is in Brussel teruggekomen zonder nieuwe visie. Hij heeft het moeilijk om een mobiliserend project te leiden, naar het voorbeeld van het Marshall-plan in Wallonïe. Als hij dat hoort antwoordt Charles Picqué altijd dat het economische weefsel in Brussel totaal anders is, met vooral multinationals en zeer kleine ondernemingen, en dat de andere politieke niveaus hun deel van de inspanning niet doen.

De context is inderdaad anders, maar dat vraagt des te meer een aangepaste antwoord van politici. Brussel verliest ook terrein tegenover buitenlandse steden qua stedelijke ordening : de auto blijft koning, gedurfde architecturale projecten worden geschrapt. Dat kan men Charles Picqué verwijten : hij is er niet in geslaagd de politieke, institutionele en economische moeilijkheden te overbruggen en hij heeft niet genoeg gedurfd een hernieuwde visie aan het Gewest te geven.

Een goede pleitbezorger

Maar minister-president is ook een functie waarbij men als ambassadeur voor zijn gewest fungeert. En op dat vlak verdient Charles Picqué een onderscheiding. Vanaf dag één van zijn ambtstermijn heeft hij het gewest fel verdedigd. Niet evident in die tijden wanneer Vlaanderen het statuut van Brussel negeerde (toen weigerde de Vlaamse minister-president zijn Brusselse collega te ontvangen) en Wallonië onverschillig was voor de toekomst van Brussel.

Charles Picqué heeft altijd geijverd om zijn plaats in te nemen op het politiek schaakbord. Hij heeft ook altijd gepleit voor een herfinanciering van het Gewest. En al die tijden heeft hij ook het Brusselse model weten doen functioneren, zelfs tijdens de communautaire stormen. Ook niet evident. Er waren moeilijke momenten maar het Gewest is nooit in gevaar geweest. Een pluim op de hoed van Charles Picqué die zich daar persoonlijk voor engageerde.

Met de zesde staatshervorming heeft hij zijn laatste grote overwinning geboekt. Hij heeft geld en bevoegdheden voor het Brusselse Gewest gekregen. Dat eiste hij al lang. Publiek maar ook intern, binnen zijn partij. Omdat hij een zwaargewicht is heeft hij bij de PS zijn punten kunnen halen. Als Brussel straks, na de stemming van de staatshervorming, versterkt wordt, is dat te danken aan Charles Picqué. Vandaar de standing ovation – uitzonderlijk op een politiek podium – zaterdag bij het Irisfeest. Applaus van iedereen, vanuit alle partijen. Brussel moet nu een nieuwe ambassadeur vinden.

(De auteur is politiek journalist bij Le Soir.)

 

VRT NWS wil op vrtnws.be een bijdrage leveren aan het maatschappelijk debat over actuele thema’s. Omdat we het belangrijk vinden om verschillende stemmen en meningen te horen publiceren we regelmatig opinieteksten. Elke auteur schrijft in eigen naam of in die van zijn vereniging. Zij zijn verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst. Wilt u graag zelf een opiniestuk publiceren, contacteer dan VRT NWS via moderator@vrt.be.