Wegentol en variabele prijs voor treinkaartjes?

De economische denktank OESO raadt ons land aan om de verkeerschaos aan te pakken. Dat zou kunnen via een autotol in grote steden en goedkopere treinkaartjes buiten de spitsuren.

Eerst het goede nieuws: volgens de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) heeft ons land de wereldwijde economische crisis relatief goed doorstaan en lijken we goed op weg om financieel orde op zaken te stellen.

De OESO juicht de keuze van onze banken toe om zich op de (veiligere) binnenlandse markt toe te leggen. Enkel Dexia Holding zou door de staatsgaranties nog een zware kost kunnen worden.

Wel blijft de staatsschuld erg groot en dreigt die groter te worden als na 2020 de vergrijzing de kost van pensioenen en gezondheidszorg de hoogte zal injagen. Bovendien is onze concurrentiekracht verzwakt, vooral tegenover Duitsland. Ons land brengt te weinig innovatieve producten voort, waardoor het bij de export vaak moet opboksen tegen groeilanden of Oost-Europese concurrenten.

De recepten van de OESO zijn klassiek: beperk vervroegd pensioen, verminder minimumlonen om de arbeidsmarkt te stimuleren en doe eindelijk eens iets aan de automatische index van lonen en uitkeringen.

Ontwikkel de gordiaanse verkeersknoop

Een opvallende aanbeveling van de OESO betreft echter de mobiliteit of het gebrek eraan. Nergens anders in Europa wonen mensen zo ver van hun werk, dat vaak geconcentreerd is in grote steden zoals Brussel en Antwerpen. Dat leidt tot dagelijkse files, tijdverlies, economische kost en luchtvervuiling.

De OESO merkt op dat de verantwoordelijkheden verspreid zijn tussen de federale (trein) en regionale overheden (bus, tram, havens) en dat het ontbreekt aan coördinatie en een geïntegreerd mobiliteitsbeleid voor het hele land. Die verkeersproblemen raken niet opgelost door subsidies voor diesel en woon-werkverkeer, en nieuwe infrastructuur komt moeizaam en traag tot stand.

De organisatie heeft twee opvallende aanbevelingen in petto. Om het autoverkeer in de spits terug te dringen, zou er in en rond grote steden en drukke plaatsen tol moeten geheven worden. Inzake het oververzadigd openbaar treinvervoer zouden er hogere tarieven gelden voor de piekuren en goedkopere kaartjes daarbuiten. Het laatste zou ook gelden voor abonnementen. Dat zou een groot deel van het vervoer en mensen stimuleren om buiten de piekuren te reizen.

Hoe dan ook, is er volgens de OESO nood aan een geïntegreerd langetermijnplan voor mobiliteit en dat van alle overheden samen.