Vrees voor slachting olifanten in Centraal-Afrika

Een groep zwaarbewapende stropers heeft een onbekend aantal olifanten gedood in het Dzanga-Ndoki-park, in het zuidwesten van de Centraal-Afrikaanse Republiek. Dat meldt het Wereldnatuurfonds. Het nationaal park, aan de grens met Kameroen en Congo, wordt beschouwd als een unieke leefomgeving voor bosolifanten.

Olifanten zijn een bedreigde diersoort en zijn een geliefd doelwit voor stropers die uit zijn op ivoor.

Volgens het Wereldnatuurfonds zijn de stropers gezien terwijl ze olifanten aan het doodschieten waren in de buurt van een drinkplaats. Daar komen zo'n 200 olifanten zich tegoed doen aan de mineralen in het zand vlakbij. "We weten dat er de laatste dagen vaak met kalasjnikovs is geschoten", zegt een wetenschapper van het Wereldnatuurfonds die al drie jaar onderzoek doet in de regio.

Het zou gaan om een groep van 17 zwaarbewapende mannen, vermoedelijk uit Soedan, die misbruik maakt van het gebrek aan gezag in de Centraal-Afrikaanse Republiek, waar de Seleka-rebellen eerder dit jaar president François Bozizé van de macht hebben verdreven.

Het Wereldnatuurfonds roept de internationale gemeenschap op om te helpen bij het herstellen van de orde in de Centraal-Afrikaanse Republiek. De autoriteiten in Bangui wordt gevraagd om onmiddellijk troepen te sturen om een eind te maken aan de stroperij in het grensgebied met Kameroen en Congo.