Gesubsidieerde economie - Guy Janssens

De dienstencheques bestaan 10 jaar. Met dienstencheques kan je op goedkope manier poets- of strijkhulp inhuren.
analyse
Analyse
Aansturen van de 'analyse' teaser o.a. op de home pagina en 'analyse' weergave op een detail artikel. Deze tag zorgt er ook voor het automatisch aanvullen van de 'analyse' overzichtspagina

Het systeem heeft in tien jaar tijd een explosieve groei gekend. Het begon met 20.000 werknemers, de teller staan nu op 170.000 werknemers die in de sector actief zijn. 900.000 huishoudens maken gebruik van de dienstencheques. De gebruiker betaalt 8,5 € per cheque, je krijgt nog eens een belastingvermindering van 2,5 € en de federale overheid past bij tot 22 €. In 2011 kostte het systeem de federale overheid 1,4 miljard €.
 

Voor en tegen

Oef, tot zover de cijferlawine. En nu het debat. Aan de ene kant de voorstanders. Met als voornaamste argumenten: een zwarte sector is grotendeels witgewassen, laaggeschoolden hebben nu witte jobs en bijgevolg recht op werkloosheidsuitkeringen indien nodig, ze bouwen pensioenrechten op en het systeem is al bij al goedkoper dan in onze buurlanden.

Aan de tegenovergestelde kant de tegenstanders: het zijn gesubsidieerde, dus door de overheid betaalde banen. Het zijn geen echte jobs, het zijn ten dode opgeschreven jobs die de beoefenaars ervan ook niet voorbereiden op de echte arbeidsmarkt.

De derde partij

Het debat wordt gecompliceerder omdat er tussen de gebruiker van de cheques en de ontvanger ervan nog een derde partij staat: het dienstenchequebedrijf. En om het nog ingewikkelder te maken: dat kan publiek of privé zijn. Privébedrijven moeten winst maken. Erika Dejaegher van Randstad, het grootste privébedrijf uit de dienstenchequesector, zei in De Vrije Markt dat de dienstenchequesector jaarlijks goed is voor een omzet van 76 miljoen, en dat er 0,8 eurocent per cheque winst wordt gemaakt. Maar dat geldt lang niet voor alle bedrijven uit die sector. Er zijn er ook die in de rode cijfers zitten, en dat geldt zowel voor publieke als voor privébedrijven.

Een onverhoopt succes, zodanig zelfs dat het systeem precies wegens dat succes onbetaalbaar dreigt te worden. Waar hebben we dat nog gehoord? Juist, bij de zonnepanelen! De Vlaamse regering heeft dan ook drastisch ingegrepen in de subsidiëring, die ze eerst had opgezet om alternatieve zonne-energie te promoten. Staat hetzelfde lot de dienstencheques te wachten? Niet onmogelijk, want de bevoegdheid wordt weldra overgeheveld naar de gewesten en de gemeenschappen, zodat de Vlaamse regering er nog een heikel dossier bij op haar bord krijgt.

Hervormen

Iedereen is het erover eens dat het systeem moet worden herbekeken om het in de toekomst betaalbaar te houden. Begin met de fiscale aftrekbaarheid af te schaffen en maak de cheques duurder, is één van de aanbevelingen, onder meer van ex-minister, nu professor Frank Vandenbroucke en destijds de uitvinder van het systeem. Vandenbroucke zei één en ander op het colloquium van Randstand over de dienstencheques. Maar laat net op dat punt de federale regering al een paar keer haar tanden stukgebeten hebben. Want 900.000 gebruikers, dat is een niet onaanzienlijk pak stemmen. Zoveel kiezers die profiteren van een gunstig systeem van poets- en strijkhulp strijk je niet graag tegen de haren in. Het wordt dus een delicate oefening.

Professor Jozef Pacolet van de KuLeuven is een felle criticaster van het systeem. Hij gelooft niet dat de hele tewerkstelling van 170.000 werknemers zonder het dienstenchequesysteem helemaal zwarte tewerkstelling zou zijn. Pacolet meent dat er door het systeem een soort luxe is gecreëerd, een kunstmatige behoefte die er vroeger niet was. En het is niet aan de overheid om kunstmatige behoeftes te gaan subsidiëren. Bovendien, zegt Pacolet, als er bij aanvang al zo’n twintigduizend zwarte poetsbanen zouden zijn ‘gewit’, dan is de mentaliteit intussen wel veranderd. Zwartwerk wordt minder getolereerd dus je kan die sector perfect aan de vrije markt overlaten. Fraudebestrijding is trouwens erg ‘in’. Je zou ook op deze sector fraudebestrijding kunnen inzetten.

Keuzes

Wie van de dienstencheques gebruik maakt zijn vaak de goed-verdienende tweeverdieners, de middenklasse dus. Die fiscaal gezien de harde klappen krijgen. En waarvoor de overheid wel iets wilde doen, in de vorm van een fiscale aftrek voor dienstencheques. ‘Als de regering dan toch iets wil doen, laat ze dan de belasting lineair verlagen in plaats van via de omweg van een belastingaftrek te werken. Op dat punt ben ik een liberaal’ zegt Pacolet.

Het dienstenchequesysteem is een systeem van jobcreatie door de overheid. Pacolet vindt dat het niet de taak is van de overheid om jobs te creëren. ‘We gaan de weg op van de staal-of steenkoolsector met dit systeem’ zegt Pacolet. Gesubsidieerde jobs waarvoor er in de vrije markt geen plaats is kan je niet blijven subsidiëren’.

Aanpassing is nodig. Op de eerste plaats moet dus de fiscale aftrekbaarheid voor de bijl. Vervolgens de prijs naar een meer aanvaardbaar niveau optrekken. Met het risico dat een aantal mensen de prijs te hoog zullen vinden en ofwel de poetshulp schrappen, ofwel opnieuw naar het zwarte circuit trekken. Benieuwd waar de Vlaamse regering mee voor de dag zal komen.

(De auteur is eindredacteur en presentator van het sociaaleconomische magazine De Vrije Markt van VRT Nieuws.)