Meest recent

    Vroeger was alles beter - Peter Decroubele

    We hebben het spannendste voetbalseizoen in jaren achter de rug. Werkelijk, in ja-ren. Als de allerlaatste wedstrijd van de competitie beslist over wie kampioen wordt, dan is het spannend. En als dan ook nog eens de twee titelpretendenten tegenover elkaar staan, is het volledig volgens het scenario. Want daarvoor dienen die play-offs toch, mijnheer? Om het interessanter te maken, om zeker te vermijden dat de kampioen te vroeg bekend zou zijn.
    analyse
    Analyse

    Kijk, wil ik nu net de meest rabiate tegenstander van die play-offs zijn. Wat een onzin, wat een nonsensicale navelstaarderij. Voetbal is ook maar voetbal en hou je best simpel en eenvoudig: wie na een bepaald aantal wedstrijden de beste is, is, euh, de beste. Hang daar toch geen appendixen aan, geen uitgesponnen epilogen. In het basketbal en het volleybal bij ons hebben die play-offs altijd al de competitie vooraf tot net iets meer dan een formaliteit herleid. Willen we dat met het voetbal? Neen. De beste over een hele periode is de kampioen, simpel. Nu is het moment waar op je als team in vorm bent, té belangrijk. Buitensporig zelfs.

    Want dat is gebeurd de afgelopen weken bij ons. Duidelijk de beste na de zogenoemde reguliere competitie was Anderlecht. Of je nu voor of tegen bent, de cijfers spreken. Zulte-Waregem, voor velen nog altijd een beetje een obscuur clubje vanop de grens van “de twee Vlaanders”, was tweede. Bijna de beste. Bijna. We zijn enkele weken later. De play-offs zijn afgelopen, het resultaat is hetzelfde . Paars-wit kampioen, “den Essevee” tweede en bijzonder knap naar de voorrondes van de Champions League. Verloren moeite dus. En terecht. ’t Is niet in een latere fase dat het moet gebeuren, ’t moet elke match, elke speeldag, elke week gebeuren. Want dat is net gebeurd bij ons: Anderlecht heeft de play-offs spannend gemaakt, door steken te laten vallen. De andere ploegen hebben gebruik gemaakt van die zwakte, meer niet. Niets te zien met de filosofie of het opzet van de play-offs, maar neen, da’s gewoon een nageboorte. Die deze keer uitdraaide op pure spanning. Meer een toevalstreffer dan een gevolg van de formule. En dan zwijgen we nog over die vermaledijde play-offs II. De bezigheidstherapie voor de middenmoot is dat. Niemand ligt daarvan wakker. Zeker de ploegen ook niet. Weg die handel!

    Absurdistan

    Dat we eigenlijk nog zowat het enige land zijn in Europa dat gebruikt maakt van nacompetitie, zegt al iets. In zekere zijn zijn we weer een beetje Absurdistan en Surrealistisië. Beetje tegendraads doen, of is het eerder ouderwets en achterna hollend. Moeten de overal elders afgeschafte play-offs ons niets leren? Nog apart is de figuur van de trainer van Zulte-Waregem. Overal elders zou ie al geprezen en geloofd zijn, bij ons blijft Francky Dury de gewezen politieman die van zijn hobby zijn beroep heeft gemaakt en daar ei zo na kampioen mee werd op het hoogste niveau. Ooit was ie al eeuwen coach bij Zulte-Waregem, dan is ie even vertrokken naar AA Gent, waar ie al direct als Icarus te dicht bij de zon ging vliegen en smeulend naar beneden donderde. Hij liet zijn wonden sissen en sussen bij de voetbalbond (daar kan een mens zich nog eens wegsteken) om daarna terug bij Zulte-Waregem in de nijverheid te gaan.

    En zie, voor de tweede keer al een “working class hero”, Trainer van het Jaar ook. Hij doet me wat denken, Dury, aan het verweerde en half intellectuele van Arsène Wenger, aan het voetbalkundige van Ferguson en aan de gewone “doeningen” van Guy Thys. Eigenlijk schat ik zijn tweede plaats hoger in dan de door John Van Den Brom afgedwongen titel (al verdient ook dat alle respect), elders zouden ze schreeuwen om zo’n coach, in Absurdistan niet: volgend jaar zal Dury nog altijd ronddwalen aan de Gaverbeek, goed wetend dat ie de prestatie van dit seizoen nooit meer kan evenaren. Als zijn beste spelers al niet weg zullen zijn. De tragiek van het succes. Dur dur d’être Dury.

    Poen en centen

    Waarin zijn wij ook weer afwijkend? Wel, dat het grote geld hier minder een rol speelt. Wel degelijk, maar minder. Kijk rond en alle titels gaan naar de clubs met de meeste poen: Bayern in Duitsland, Manchester United in Engeland, PSG In Frankrijk (waar centen van een sjeik Beckham, Ibrahimovic en co. lokten, waardoor ze de titel konden kopen, sorry, afdwingen), Barcelona in Spanje (daar waar topclubs zelfs niet op schuldenputten leven, maar op heuse afgronden vol tekorten die ooit eens moeten worden gedempt), Ajax in Nederland (al valt dat budgettair nog mee). Idem voor kampioen Juventus in Italië, goed in de was, maar vooral dé concurrent van de Milanese clubs. Met AC Milan (al of niet nog van Silvio Berlusconi) dat maar héél nipt Champions League- voetbal haalt… En Inter Milaan dan, jarenlang amper te verslaan, haalt nu niet eens het Europese toneel. Enfin, genoeg moderne wiskunde en Venndiagrammen: wie het geld heeft, kan kopen, kan doen, kan laten en kan kampioen worden. Soms is 1+1 gewoonweg 2.
    Niet bij ons. Daar waar Anderlecht draait op een geschat budget van 35 miljoen euro, doet Zulte-Waregem het met een portemonneetje van 8 miljoen euro. En toch tweede worden. En geen toevalstreffer, laat ons eerlijk zijn, als je na een stuk seizoen van 30 speeldagen tweede staat, dan weet je het wel (een eerder aangehaalde theorie, nietwaar?). Wat bewijst dat je toch niet altijd een ploeg kan kopen, een titel kan claimen, een prijs kan masseren. Het kan anders, ’t heeft alles te zien met (spelers)materiaal, maar veel ook met sportief en ander beleid. Bij ons kan het dus anders. Of is ook dat toeval?
    Sportief is Anderlecht de terechte kampioen. Tot spijt van wie het benijdt. En Zulte-Waregem is een verdiende tweede. Waarneembaar en wiskundig te wettigen. Feit. En Club Brugge is terecht derde. Knappe play-offs gespeeld, maar voordien te vaak de boter laten aanbranden. Tja, logica heeft toch gesproken in de competitie, met cijfers en wetten die er al stonden voor de play-offs.
    Willen we ze echt afschaffen, die ondingen? En weer meer “gewone” speeldagen organiseren? Zoals het vroeger was. Want vroeger was het soms toch veel beter? En willen we zo het begrip “topwedstrijd” weer huldigen. Vroeger speelden de topploegen twee keer per jaar tegen elkaar, nu minstens vier keer. Het begrip is uitgehold, een “topper” is aan inflatie onderhevig. Mag het echt weer zoals vroeger? Al had ik Zulte-Waregem toch ook die titel gegund, dat ook wel eigenlijk…

    (De auteur is VRT-journalist.)