"Jammer dat deze oplossing nodig is"

Wielerbond Vlaanderen vindt ribbelstroken niet meteen de meest geschikte oplossing voor snelheidsduivels op de fiets, maar erkent wel dat er een probleem is met zogenoemde "wielerterroristen".

Waterwegen en Zeekanaal heeft op het jaagpad langs de Schelde tussen Gent en Oudenaarde verschillende ribbelstroken aangelegd om fietsers aan de maximumsnelheid van 30 kilometer per uur te houden. De maatregel is vooral bedoeld om wielertoeristen in toom te houden.

Hans Vandeweghe, de algemeen directeur van Wielerbond Vlaanderen, erkent dat er een probleem is met snelheidsduivels. "Er rijden daar inderdaad af en toe zogenoemde terroristen die mensen van het pad jagen, met vreselijke snelheden voorbijrazen, wilde wedstrijden organiseren, zeker als het zomert. Ik vind het heel jammer dat men denkt deze oplossing te moeten vinden. Maar er moet iets aan gedaan worden, zo kan het niet meer verder."

"Ik heb het zelf ook al meegemaakt, dan komt dat peloton daar voorbijgestormd met 40 tot 45 kilometer per uur, of soms zelfs 50 tot 55 kilometer per uur. Als je daar met je gezin wandelt, of zelfs als gewone wielertoerist 30 kilometer per uur rijdt, dan word je echt van straat gereden", vertelt Vandeweghe.

"Ribbelstroken zijn niet meteen de oplossing die ik zou voorstellen. Ik zou zelf aan een andere oplossing denken, asverschuivingen bijvoorbeeld, maar daar gaat het peloton ook doorrazen." Vooral voor mensen die het niet gewoon zijn om te "koersen", zouden de ribbelstroken ongevallen kunnen veroorzaken, denkt Vandeweghe.

"Ik vraag me af hoe sterk de ribbels zijn. Als ze niet meer dan een soort speedbumper, een snelheidsremmer zijn, dan is er geen probleem. Maar als het echt obstakels worden, is het voor elke fietser een probleem, zelfs voor mensen met een elektronische fiets", denkt Vandeweghe.

Eigenlijk zouden er betere afspraken moeten komen met groepen wielertoeristen die stevig willen doorrijden. "In Nederland gebeurt dat bijvoorbeeld, op industrieterreinen. Tussen dat en dat uur mag je hier vrij rijden, en met welke snelheid je wil. Het probleem is dat je daar in Vlaanderen heel weinig plaats voor hebt. Plus: mensen rijden als ze tijd hebben en als het goed weer is, wat ook maar logisch is. Ze starten op een bepaald uur, dat is dan vaak 's ochtends en in het weekend, dan gaan er ook andere mensen wandelen."

Vandeweghe wijst er nog op dat het niet altijd gaat over mensen die deel uitmaken van een club of een bond. "Het gaat om een minderheid, die verziekt het voor de rest. Ze zijn macho's op twee wielen."