"Belgische en Nederlandse nationale bank bewaarden nazi-oorlogsbuit"

De Belgische en de Nederlandse nationale banken hebben op de vooravond van de Tweede Wereldoorlog gestolen nazigoud in bewaring gehouden. Dat blijkt uit archiefstukken van de Britse nationale bank die onlangs gepubliceerd zijn.
AP1945
Amerikaanse soldaten tellen na de oorlog Duits goud.

Na de annexatie van Sudetenland - toen een deel van Tsjechoslovakije - door de nazi's in 1938, zat de angst voor een Duitse aanval er diep in. Daarom hadden begin 1939 de Tsjechoslovaken het goud uit hun nationale bank ondergebracht bij de Bank of England in de veronderstelling dat het daar veilig zou zijn voor de grijpgrage handen van de nazi's.

Uit documenten van de Bank of England die onlangs zijn gepubliceerd, blijkt nu dat na de Duitse verovering van Praag op eenvoudig verzoek van de Duitse Reichsbank de Britten voor zo'n 5,6 miljoen pond (ruim 840 miljoen euro) goud overdroegen van de Tsjechoslovaakse rekening naar die van de Duitse Reichsbank.

Amper een week later, eind augustus 1939, hebben de Duitsers met hulp van de Bank of England zo'n 4 miljoen pond (ruim 600 miljoen euro) versluisd van de Duitse rekening naar de Belgische en de Nederlandse nationale bank. Het resterende goud werd verkocht in Londen.

Wellicht waren de nazi's bang dat bij een eventuele oorlogsverklaring tussen Groot-Brittannië en Duitsland, de tegoeden bevroren of zelfs inbeslaggenomen zouden worden. Amper enkele dagen later viel nazi-Duitsland Polen binnen en kwam die oorlogsverklaring tussen Groot-Brittannië en nazi-Duitsland er effectief.