Liggen gammagolven aan de basis van bijna-doodervaringen?

Amerikaanse onderzoekers hebben mogelijk het mysterie achter bijna-doodervaringen ontsluierd. Bij een experiment op ratten ontdekten ze een sterk verhoogde hersenactiviteit vlak nadat bij de diertjes de dood was ingetreden. De kans bestaat dat dit fenomeen bij stervende mensen de vermeende waarneming van helder licht en verhoogde waakzaamheid veroorzaakt.

Een helder wit licht, een buitenlichamelijke sensatie of het leven dat voor de ogen voorbijflitst: overal ter wereld beschrijven mensen die een bijna-doodervaring hebben beleefd de gebeurtenis op een gelijkaardige manier.

Amerikaanse onderzoekers hebben nu mogelijk het geheim achter die mysterieuze ervaringen ontsluierd. Ze volgden daartoe in detail het stervensproces van 9 ratten in het laboratorium.

Daaruit bleek dat de hersenen van de diertjes een sterk verhoogde activiteit kenden vlak nadat hun hart was gestopt met slaan. Concreet bereikten de gammagolven in hun hersenen een piek tot 30 seconden na hun dood.

Sterker: de straling was op dat moment groter dan tijdens om het even welk moment dat de ratten levend en wakker waren.

Onbekende of verwarrende omstandigheden

Bij de mens worden gammagolven gelieerd aan het niveau van bewustzijn. Als hetzelfde fenomeen zich ook bij ons vlak na de dood voordoet, kan het mogelijk verklaren waarom zovele mensen wereldwijd over dezelfde gewaarwordingen getuigen na een bijna-doodervaring.

Verder onderzoek op mensen is in elk geval nodig om definitief uitsluitsel te bieden. Hoe dan ook liggen de bevindingen van de Amerikaanse onderzoekers in de lijn van de algemeen aangenomen notie dat het menselijke brein in geval van onbekende of verwarrende omstandigheden (zoals bij een bijna-doodervaring) overgestimuleerd en hyperopgewonden raakt.

Het volledige onderzoek is gepubliceerd in Proceedings of the National Academy of Sciences.