The Prodigy moet het van de hits hebben

Redacteurs Joris Truyts en Ellen Maerevoet hebben een parcours uitgestippeld langs de verschillende podia van Pukkelpop en brengen drie dagen lang verslag uit vanop de wei. The Prodigy was de hoofdact van de tweede dag.

The Prodigy was een van de meest populaire dance-acts van de jaren 90. Het project van Liam Howlett slaagde er, mee dankzij de opvallende frontman Keith Flint, in een breed publiek te bereiken, onder meer met hits als “No good (start to dance”) , “Firestarter” en “Smack my bitch up”. En het was toch vooral van die hits dat The Prodigy het ook vanavond moest hebben.

De headliner op het hoofdpodium begon er tien minuten eerder dan gepland aan, met “Voodoo people”. Het podium baadde in rood licht en dat zou het grootste deel van het optreden zo blijven.

Ook met “Breathe” en een hertimmerde versie van "Poison" kreeg The Prodigy de massa daarna in beweging. De fans werden trouwens aangesproken met de titels “vechters” en “strijders”. Dat hun dance met rock-inslag nog steeds een breed publiek aanspreekt, bleek uit het feit dat er nog heel wat volk bij momenten wild stond de dansen voor het hoofdpodium. Bij momenten dus, en dat was toch vooral wanneer de hits voorbij kwamen. Zo kon “Firestarter” op een uitbundig herkenningsapplaus rekenen. Vooraan in het publiek ontstond er zelfs even een kleine moshpit.

Toch komt de gespeelde agressie van Keith Flint anno 2013 eerder ietwat lachwekkend over. The Prodigy is een ninetiesact die de tand des tijds niet helemaal heeft doorstaan. En ook over het "live"-gehalte van deze show kunnen weer enkele vragen gesteld worden. Fijne afsluiter voor de fans en voor wie nog zin had in een rondje headbangen en molenwiekend ronddansen, maar in ons geheugen zal dit optreden niet gegrift blijven. (EM)

All rights reserved to Matthias Engels

Sobere James Blake sluit de Marquee in stijl

Rond halftwaalf loopt de Marquee aardig vol voor James Blake. De jonge Brit opent met "Air & lack thereof". Meteen wordt heel duidelijk dat Blake houdt van diepe bassen, die ook tot ver achteraan de tent in elke vezel van je lijf te voelen zijn. Blake brengt sobere, gelaagde elektronica met daarboven zijn zachte, soulvolle stem.

Bij momenten heel erg knap en de ideale soundtrack om de avond mee af te sluiten. Maar een tikje eentonig ook wel, waardoor de aandacht al eens verzwakt. Gelukkig is er dan mooi in het midden van de set "Limit to your love", de Feist-cover die voor Blake de grote doorbraak betekende. We krijgen een lang uitgesponnen versie die drijft op subtiele pauzes en alweer zéér diepe bassen. Pakkend.

Naar het einde toe loopt de tent langzaam leeg, op het hoofdpodium staat The Prodigy klaar. Blake lijkt te denken: dan ook maar wat meer de techno-richting uit, want we krijgen vervolgens hardere beats en snellere ritmes. Er wordt zowaar gedanst in het publiek. Een knappe apotheose is ten slotte het breekbare "Retrograde" uit zijn nieuwe plaat "Overgrown". Een stijlvolle afsluiter voor de Marquee, die Blake.

Voor de jonge Brit hadden de Amerikanen van Local Natives de tent mogen bespelen. Maar een matige opkomst bij hen, nochtans een sterke liveband. Maar ja, het is ondankbaar om tegenover Eels te staan. Local Natives was onlangs in ons land als het voorprogramma van The National, met wie ze nauw samenwerken.

Als er één groep is waarmee de muziek van Local Natives te vergelijken is, is het ook The National. Wat meer rechtoe-rechtaan gitaargeweld misschien en wat minder zwaarmoedig, maar ze vissen onmiskenbaar in dezelfde vijver. Wij zagen een energieke liveshow van een klein uur met straffe songs als "Breakers" en "You & I" (beiden van hun album "Hummingbird" dat begin dit jaar uitkwam). Kortom, een groep om in de gaten te houden. (JT)

Eels brengt ode aan Neil Young met "Cinnamon girl"

Door de annulatie van Neil Young was de set van Eels naar achter geschoven in het programmaschema. De show van Mr. E op Pukkelpop was erg vergelijkbaar met zijn verjaardagsconcert dit voorjaar in het Koninklijk Circus. De band draagt nog steeds de trainingspakken van een bekend sportmerk. Ook de zonnebrillen ontbreken niet en er wordt wat afgeknuffeld op het podium.

Dat Eels zijn set niet aanpast aan een festivalpubliek valt te begrijpen, maar het is misschien niet zo een verstandige zet. Het duurde ruim een half uur voor er met “Fresh feeling” en “That look you give that guy” subtiele meezingers in de set gesmokkeld werden. Humor was er echter voldoende voorhanden. Zo zong de band toen de leden werden voorgesteld “Let it E”, een eigen versie van "Let it be" van The Beatles. “Aha, eindelijk wat aandacht voor mij”, repliceerde Mr E. “En ik hou daar nog van ook.”

Eels was zich bewust van het feit dat de meeste festivalgangers op dit moment liever Neil Young zouden gezien hebben. “Hey, wij keken ook uit naar Neil Young, daarom zullen we een song van hem spelen”, zei hij, waarop “Beast of burden” (van de Rolling Stones) volgde. “Ok, dat was blijkbaar geen Neil Young-song”, klonk het achteraf, waarop de band toch nog een mooie versie van “Cinnamon girl” bracht.

De band moest zich ook aan de opgelegde tijdslimiet houden en daarom was het laatste nummer (zoals wel vaker bij optredens van Eels) een mix van “My beloved monster” en “Mr E’s beautiful blues”. Een degelijk concert, maar geen topfestivalervaring voor een breed publiek. Sorry Mr. E.

Voor Eels was het in de Club de beurt aan Poliça, de Amerikaanse band rond Channy Leaneagh, die u misschien kent van het radiohitje “Dark star”. Leaneagh zat ooit nog in een band met Justin Vernon (alias Bon Iver), qua adelbrieven kan dat tellen, maar Leaneagh kan het op een podium ook prima zonder Vernon.

In de Club bracht ze een betoverend mooi concert. “Dark star” zat al vroeg in de set. Leaneagh zei dat ze erg blij was dat ze het optreden van Daughter in de Club had kunnen meepikken, “een van haar favoriete bands”. De zangeres deed met haar stem, die nu eens krachtig klonk en dan weer breekbaar, wat denken aan Lamb. Wat ook opviel, was hoe ze met haar subtiele danspasjes op een uiterst elegante en innemende manier het hele podium in beslag nam. Besluiten deed ze met het zinnetje "Ciao, adios, au revoir", graag heel gauw, wat ons betreft. (EM)

All rights reserved to Matthias Engels

Daughter bevestigt op tweede Pukkelpop-passage

Een groep rond een frontvrouw met een stem om u tegen te zeggen, is Daughter. Iets na 19 uur beginnen ze eraan in de Club. Vorig jaar speelden ze daar ook, maar een pak vroeger op de dag. Intussen is hun eerste album uit, "If you leave", en hebben ze ook een geslaagde doortocht in de Botanique achter de rug.

Een ideale voorbereiding was het niet voor de band. Een groot deel van hun instrumenten is achtergebleven op de luchthaven. Ze zijn er dan maar snel gaan lenen van andere groepen, vertelt Tomas De Soete in zijn aankondiging. Tijdens het concert valt er weinig van te merken.

Daughter brengt intieme en broze muziek die je doet wegdromen bij de ijle stem van zangeres Elena Tonra, om dan plots wakkergeschud te worden door de hevige dreunen van drummer Remi Aguilella. Dat het met hun bekendheid de goede weg opgaat, is te merken aan het grote aantal meezingende festivalgangers bij afsluiter "The wild youth". Vrolijk word je er niet van, maar alweer een geslaagde Pukkelpop-passage van het Londense trio. (JT)

Chvrches scoort met onderkoelde elektro

“Wij hebben pas 10 minuten voor het optreden vernomen dat we op hetzelfde moment als Major Lazer zouden optreden. We dachten dat er helemaal niemand naar ons zou komen”, zegt Lauren Mayberry, de zangeres van het Schotse Chvrches met enige zin voor overdrijving. Inderdaad, de moeizame tocht van de backstage naar de Marquee toonde aan dat er een enorme massa voor het hoofdpodium stond, maar ook in de tent was er een behoorlijke opkomst.

Feestje bij Major Lazer of niet, wij geven wie voor Chvchres gekozen heeft, geen ongelijk. De band brengt een heel ander genre, onderkoelde elektropop met hoekige jaren 80-beats en veel synths. Denk aan La Roux. Lang zijn ze nog niet bezig, hun eerste album verschijnt volgende maand. Maar het fantastische “The mother we share”, dat ze opsparen tot het einde van de set, kon wel al heel wat aandacht trekken.

Stevige beats dus, maar de muziek van Chvchres is in de eerste plaats gebaseerd op melodieuze refreinen. Wij zijn ook fan van de speciale stem van Mayberry: meeslepend, melancholisch en bij momenten ook heel krachtig. Af en toe zingen haar twee mannelijke collega's mee, wat voor een extra contrast zorgt.

Aandoenlijk trouwens dat Mayberry wat Nederlandstalige zinnetjes op een blad papier heeft meegebracht. "Ik spreek geen Vlaams", menen wij te verstaan, maar aan de uitspraak is nog werk. Haar Frans is heel wat beter. Wij gaan alvast het album "The bones of what you believe" checken. Wie ze gemist heeft, in oktober is er al een herkansing in de AB. (JT)

All rights reserved to Matthias Engels

Alle T-shirts de lucht in bij Major Lazer

Toen eerder deze week bekend raakte dat de organisatie geen “grote” vervanger voor Neil Young gevonden had, maar Major Lazer in de late namiddag nog aan de line-up toevoegde, lokte dat veel gemor uit op de sociale media. Toegegeven, de meeste Neil Young-fans zullen niks aan deze uitgebouwde dj-act vinden, maar dat ze garant staan voor feest met een grote F, bewezen ze hier op Pukkelpop vorig jaar al en eerder deze zomer brachten ze op Werchter een ware volksverhuizing naar de Klub C op gang.

Diplo en de zijnen weten als geen ander het publiek te entertainen. Zo liep Diplo al bij het begin van de set in een ballon over het publiek en ging hij vlak daarna ook nog eens crowdsurfen (eigenlijk officieel verboden door de organisatie). Meteen daarna werd het publiek opgeroepen om de “biggest Harlem shake this side of Europe” uit te voeren. Eerst stokstijf stilstaan en dan als een gek beginnen te bewegen. Op Pukkelpop lukt dat. Het publiek at uit Diplo’s hand, kreeg massa’s confetti over zich heen en hits (van anderen weliswaar) als “Heads will roll”, “Insane in the brain” en “Smells like teen spirit” galmden door de boxen.

Daarna volgde de intussen bekende passage in het optreden, waarin “iedereen in het publiek” zijn of haar shirt moet uittrekken en ermee boven zijn of haar hoofd moet zwaaien. Als apotheose moeten alle T-shirts de lucht ingegooid worden. Op festivals zoals Werchter en Pukkelpop werkt dat.

Ook “Bubble butt”, een nummer waar aan het begin van deze zomer nogal wat om te doen was, stond op de setlist. “We weten dat deze song wat stof heeft doen opwaaien, maar dat kan ons niet schelen”, klonk het. En prompt mochten er opnieuw enkele dames uit het publiek komen meedansen op het podium, versta: hun meest sexy moves bovenhalen.

En dan komen we bij het probleem van verslagjes schrijven over Major Lazer: ze zullen wel nooit de uitgelaten sfeer kunnen vatten die er op zo’n moment heerst op een festivalwei of in een tent. Major Lazer lijkt op festivals te staan voor vrijheid, je "en masse" eens goed laten gaan, doen waar je zin in hebt. Wat wel jammer is, is dat Diplo en co zich uiteindelijk zelfs niet eens meer de moeite getroosten om hun grote hit “Get free” (toch wel de zomerhit van vorig jaar) helemaal uit te spelen. Maar een gek feestje, dat was het zeker. (EM)

Noah and the Whale maakt valse start helemaal goed

Bijna 30 graden of niet, zoals steeds komen de Londenaars van Noah and the Whale stijlvol in kostuum en met veel cool het podium opgewandeld. Maar al snel moet opener “Tonight’s the kinda night” stilgelegd worden. Het keyboard blijkt niet te werken. De band gaat dan maar 5 minuten terug naar de coulissen en begint vervolgens opnieuw. “Part of the show. We like to open as dramatically as possible”, zegt frontman Charlie Fink flegmatiek.

Tijdens “Give it all back” zijn er opnieuw (heel even) technische problemen. Van die pauze maakt Fink gebruik om iedereen aan te raden zeker Eels mee te pikken later op de avond. Noah and the Whale heeft net zijn vierde album uitgebracht, maar speelt op Pukkelpop toch vooral ouder werk, op de nieuwe single “Heart of nowhere” na. Met het geluid zit het de rest van het optreden overigens uitstekend, dus de valse start wordt hen al snel vergeven.

De groep werd in zijn beginperiode vooral vergeleken met Mumford & Sons, maar ruilde de folksound met banjo en ukelele voor een breder, poppier geluid met synthesizers. Het werd hen niet door alle fans in dank afgenomen. Maar wij zagen op de wei toch vooral een band die gegroeid is en nieuwe wegen durft in te slaan.

In alle geval heeft Noah and the Whale intussen genoeg knappe popliedjes bij elkaar geschreven om het festivalpubliek een uurtje te entertainen. Fink en co doen dat onder meer met de hit “L.I.F.E.G.O.E.S.O.N.” en een knappe versie van “Rocks and daggers”, maar ook met de Daft Punk-cover “Digital Love”. Hun bekendste nummer “5 years time” houden ze als afsluiter. Op de tonen van “it was fun, fun, fun” gaan ze eruit. Toepasselijk is dat.

Net voor Noah and the Whale was Nina Nesbitt te bewonderen in de Marquee. Dat mag u letterlijk nemen, want de Britse singer-songwriter is een knappe verschijning. Door het afzeggen van Frank Turner mocht ze een plaatsje opschuiven. Voor de 19-jarige zangeres moet het nog allemaal beginnen. “Dit is mijn eerste festivaloptreden buiten Engeland”, zegt ze zelfs. Haar eerste album moet ook nog verschijnen.

Maar in haar thuisland heeft ze met “Stay out” wel al een stevige hit te pakken. Live ook een instant catchy nummer, zo blijkt. Het meeste succes bij het publiek heeft de zangeres met een cover, een leuke versie van “Don’t stop” van Fleetwood Mac. Haar eigen songs én haar stem, die wel niet altijd 100 procent zuiver klinkt, doen in de eerste plaats denken aan Amy MacDonald. Om ons favoriete popprinsesje te worden, heeft Nina toch nog werk. (JT)

All rights reserved to Matthias Engels

Kolkend feestje bij The Opposites in Dance Hall

De Nederlandse hiphoppers The Opposites hadden volgens presentatrice Lisa Smolders op de Main Stage moeten staan en er was inderdaad aardig wat volk opgedaagd in de Dance Hall voor het feestje van The Opposites, al was er van een echte overrompeling wel geen sprake.

Het beloofde feestje kwam echter maar traag op gang omdat de hiphoppers raar genoeg met nogal slepende tracks begonnen. Ze probeerden het publiek er wel bij te betrekken door tot vervelens toe te vragen om de handjes in de lucht te steken, maar in het begin leidde dat tot niet veel meer dan de handjes die effectief de lucht ingingen. Tot op het moment waarop er gevraagd werd aan het publiek om twee pasjes naar links en twee pasjes naar rechts te zetten en er vanuit het publiek een oorverdovende “hey ho” opsteeg. “Pukkelpop, jullie hebben zin een feestje”, klonk het rond half vier vanop het podium, vanaf dan ging het in crescendo en ging het spreekwoordelijke dak van de dance hall eraf. Zelfs wie niet sprong, werd de hoogte ingestuwd omdat de planken vloer zo op en neer gingen.

The Opposites zetten verschillende delen van het publiek tegen elkaar op, lieten de festivalgangers in grote cirkels lopen en riepen op om shirts uit te trekken en ermee in de lucht te zwaaien. Wie zijn shirt nu ook al heeft weggegooid, heeft een probleem, want dit beproefde trucje past ook Major Lazer (straks op het hoofdpodium) steevast toe.

Net toen het feestje in gang was, volgden “Slapeloze nachten” en daarna “Licht uit”, twee bekende nummers waarbij er luidkeels meegezongen. Met een flard “We come 1” van Faithless dat er nog door gemixt werd, bereikt de show een hoogtepunt. Muzikaal stelt het allemaal niet zo veel voor, maar qua publieksparticipatie kon dit echt wel tellen. Mission accomplished voor The Opposites. (EM)

Puggy: zomerse opener voor zomerse dag

Ook op dag 2 mocht een Belgische band het hoofdpodium openen. Nu ja, Belgisch, het Brusselse Puggy is vooral een internationaal gezelschap, bestaande uit een Engelse zanger, een Franse bassist en een Zweedse drummer. In Wallonië en Frankrijk is de band al een tijdje een vaste waarde. Volgend voorjaar mogen ze Vorst Nationaal proberen te vullen, om maar te zeggen: geen klein groepje.

Zit er ook een doorbraak in Vlaanderen aan te komen? Dat kunnen wij toch niet met zekerheid zeggen. Het is een feit dat de taalgrens oversteken aan beide kanten altijd een moeilijke opdracht blijkt. Aan Studio Brussel zal het alvast niet gelegen hebben, de radiovriendelijke poprock van Puggy komt er wel eens langs.

De Brusselaars beginnen eraan onder een stralende zon, want het belooft een snikhete dag te worden op Pukkelpop. Logischerwijze is de opkomst beperkt, maar dat lijkt de groep niet te deren. Frontman Matthew Irons, die in zijn bindteksten Engels en Nederlands afwisselt, staat met zelfvertrouwen en charisma op het podium.

Catchy, uptempo en aanstekelijk. Dat is kort samengevat de muziek van Puggy. Niet alle nummers blijven hangen, maar wie van het genre houdt, kan maar beter het über-catchy "Goes like this" en de meezinger "When you know" even opzoeken. Een zomerse en aangename opener voor een zomerse dag. (JT)

All rights reserved to Matthias Engels

Pukkelpop ontwaakt langzaam met In The Valley Below

Terwijl het gisteren lang op de zon wachten was in Kiewit, is ze vandaag al meteen van de partij. En dat laat zich voelen, onder meer in een snikhete Castello, waar In The Valley Below dag 2 mocht openen. Opvallend weinig volk trouwens in de Castello, het blijft voor groepen een ondankbare taak om zo vroeg op de dag te spelen op Pukkelpop.

In The Valley Below is een duo uit Los Angeles (Angela Gail en Jeffrey Jacobs). Ze zingen voornamelijk duetten. Gail bedient een mengpaneel waaruit effectjes komen en Jacobs speelt gitaar. Het duo wordt bijgestaan door een toetsenist en een drummer.

Gail en Jacobs creëren alleen door hun outfit al een bepaalde retro-sfeer. Zij draagt een witte jurk (die aan een ouderwetse trouwjurk doet denken) en hij draagt een wit hemd en bretellen.

Het duo heeft stemmen die mooi samengaan en hun duetten liggen goed in het oor. Maar wat toch vooral opviel was dat de meeste songs volgens hetzelfde stramien opgebouwd waren, enkele effectjes, een stevige drumbeat, daarboven de melodieuze stem van Gail en een korte gitaarsolo van Jacobs ergens in het midden.

Gail zei dat ze het publiek "zo mooi zweten vond". Zelf was ze zo galant om met een doekje af en toe het zweet van het voorhoofd van haar compagnon te wissen. In The Valley Below was een leuke opwarmer voor dag 2, maar het was zeker geen memorabel optreden. (EM)