Open VLD pleit voor "flexi-jobs"

Open VLD wil werknemers tot 500 euro per maand laten bijverdienen zonder dat ze daarop belastingen moeten betalen. Parlementsleden Nele Lijnen en Rik Daems dienen daartoe een wetsvoorstel in. Dat schrijft Het Laatste Nieuws. Met de zogenoemde "flexi-jobs" willen de liberalen Belgische bedrijven beter in staat stellen de concurrentie met het buitenland aan te gaan. De eerste reacties lopen wat uiteen.

Volgende maand starten de gesprekken over het concurrentiepact dat de concurrentiekracht van Belgische bedrijven moet vergroten.

In de aanloop daar naartoe lanceert Open VLD een voorstel om werknemers maandelijks tot 500 euro netto te laten bijverdienen zonder dat ze op dat bedrag belastingen moeten betalen.

Deze zogenoemde "flexi-jobs" zouden vooral in arbeidsintensieve sectoren tal van voordelen bieden. "Het helpt in de strijd tegen werkloosheid, want de loonkost daalt. En het ontraadt zwartwerk, omdat het zowel voor de werknemer als de werkgever voordelig is", zeggen Open VLD-parlementsleden Nele Lijnen en Rik Daems, die het wetsvoorstel hebben ingediend.

"Op de eerste 500 euro zou de werkgever ervan afkomen met een bijdrage van 25% of 125 euro, zonder verdere fiscale of sociale verplichtingen. Dat die eerste 500 euro als het ware netto is, verlaagt ook de kost voor de ondernemer."

"Het voorstel is volgens ons kostenneutraal"

De liberalen haasten zich te benadrukken dat ze met het voorstel geen mini-jobs naar Duits model nastreven. "Het grote verschil is dat je minstens een deeltijdse job moet hebben om van het stelsel te kunnen genieten. Werklozen met een uitkering kunnen er geen gebruik van maken. Voor gepensioneerden maken we wel een uitzondering."

"Werknemers starten met een leeg contract en kunnen op afroep worden ingezet. De uren die ze presteren, kunnen simpelweg worden aangegeven via het informaticasysteem van de RSZ. Zo werkt het ook al voor de studentenarbeid."

"Het voorstel is volgens ons kostenneutraal. Heel wat zwartwerk zal wit worden uitgevoerd. Dat staat gelijk aan meer groei en consumptie en dus meer overheidsinkomsten. En voor deeltijdse arbeiders kan het net de opstap zijn naar een voltijdse job."

"Niet voor wie halftijds werkt"

Staatssecretaris voor Ambtenarenzaken Hendrik Bogaert (CD&V) gaat deels akkoord met het wetsvoorstel van Open VLD om overwerk tot 500 euro per maand belastingvrij te maken. "Alleen denk ik dat dit niet moet gelden voor wie halftijds werkt", zegt hij.

"Wie reeds voldoende bijdraagt aan de sociale zekerheid via een voltijdse job, moet niet meer bijdragen op wat extra wordt gedaan", vindt Bogaert. "Alleen denk ik dat dit niet moet gelden voor wie halftijds werkt. Indien men dit toelaat, kan het gebeuren dat een werkgever iemand opzettelijk een halftijdse job geeft en de tweede helft via de regeling voor overwerk betaalt."

"Maakt strijd om goede job nog harder"

De christelijke vakbond ACV is niet te spreken over het voorstel. "Dit voorstel slaat de bal volledig mis", zegt topman Marc Leemans.

"Het voorstel maakt overuren nog goedkoper en het roept kleine oproepcontractjes in het leven. Lagere lasten, dat klinkt aanlokkelijk, maar het creëert geen extra banen. Meer zelfs, de strijd om een goede job met een aantrekkelijk loon wordt er nog harder door."

"Algemene lastenverlaging brengt meer zoden aan de dijk"

Ook zelfstandigenorganisatie NSZ wordt niet echt enthousiast over het voorstel van Open VLD.

"Hoewel wij elke maatregel toejuichen die de loonkosten voor werkgevers doen dalen, blijven we op onze honger zitten. In de marge worden de loonlasten aangepakt, bijvoorbeeld voor de drie eerste aanwervingen of voor bepaalde kansengroepen, maar een structurele aanpak, die dan geldt voor alle ondernemingen, is veel essentiëler", vindt NSZ-voorzitter Christine Mattheeuws. Volgens NSZ komt er beter een algemene loonlastenverlaging.

Middenstandsorganisatie Unizo hamert er ook op dat de overheid "naast het flexibiliseren van de arbeidsmarkt moet blijven inzetten op een doorgedreven activeringsbeleid van werklozen". Prioriteit blijft voor Unizo dat "de kloof tussen bruto- en nettoloon voor alle werknemers" vermindert.