De Duitsers en de eurocrisis

De eurocrisis en de rol van de Bondsrepubliek vormen een van de belangrijke thema's van de Duitse verkiezingen. Bondskanselier Angela Merkel wil intussen niets kwijt over eventueel nieuwe Europese hulp voor Griekenland.

Iets meer dan een decennium geleden ruilden de Duitsers met enige tegenzin hun stabiele mark in voor de nu erg gammel lijkende euro. Toen de eurocrisis eind 2009 losbarstte, verweten de Duitsers de Zuid-Europese schuldenlanden en Ierland dan ook een verspillend wanbeleid, dat nu moest worden opgeruimd met veel steun vanuit het noorden. Als het aan de Duitse publieke opinie had gelegen, was Griekenland meteen uit de eurozone geschopt.

Dat het niet zo ver is gekomen, is grotendeels te danken aan bondskanselier Angela Merkel (CDU), die haar landgenoten kon overtuigen om het gros van de Europese hulp aan de schuldenlanden te leveren, waardoor de eurozone overeind bleef.

In ruil heeft Berlijn wel forse besparingen en hervormingen kunnen opleggen aan die landen, werd een verplichtend begrotingspact opgelegd aan de eurolanden en werden die dus in een Duits keurslijf gestoken. De eurozone aan de leiband van Duitsland dus.

Het zijn de arme Grieken en Portugezen die aanschuiven voor de gaarkeukens, niet de Duitsers. De Duitse economie en export "boomen", de werkloosheid ligt er laag en bovendien zou de Bondsrepubliek de voorbije jaren tientallen miljarden euro's bespaard hebben door de erg lage -en soms negatieve- rente die Berlijn betaalt op Duitse staatsleningen; wat uitgerekend door de eurocrisis mogelijk werd gemaakt. 

Merkel heeft zo haar eurobeleid kunnen verkopen aan haar sceptische landgenoten en dat ligt nu -samen met haar harde houding tegenover de schuldenlanden- aan de basis van haar populariteit en voorsprong in de peilingen.

AP2013

Wat? Een nieuw Grieks noodplan?

Merkel leek dan ook vrolijk af te stevenen op een herverkiezing tot haar partijgenoot en minister van Financiën Wolfgang Schäuble (CDU) zich eind augustus liet ontvallen dat er wellicht opnieuw steun nodig zal zijn om Griekenland na 2014 overeind te houden, iets wat meteen bevestigd werd door Jeroen Dijsselbloem, de voorzitter van de eurogroep.

Vanuit de Beierse zusterpartij CSU klonk meteen een duidelijk "Nein!". Net voor de verkiezingen kon Merkel dat soort gedoe missen en ze was er als de kippen bij om de kwestie van nieuw geld voor Griekenland (dat al 240 miljard gekregen had) te relativeren. Die kwestie komt ten vroegste eind 2014 ter sprake, aldus Merkel. 

Opvallend is dat Merkel het voor haar eurobeleid meer moet hebben van de sociaaldemocratische oppositie van de SPD, dan van haar liberale coalitiegenoot FDP. Die laatste worstelt met de kiesdrempel van 5% en is meer dan ooit gekant tegen het "weggooien van Duits belastinggeld in Griekse putten".

Merkels grote uitdager, de SPD-kandidaat Peer Steinbrück (foto), was als minister van Financiën zowat de architect van Merkels economisch beleid in haar eerste regering. Ook daarna steunden de SPD en de groenen vanuit de oppositie veelal Merkels aanpak van de eurocrisis, waardoor Steinbrück niet echt een alternatief lijkt.

Nu speelt de SPD'er het de laatste tijd meer op "investeringen in groei in plaats van alles kapotbesparen" (een beetje à la Hollande), maar zelfs dat sluit Merkel ook niet langer uit. Want omdat de nieuwe eurokritische partij Alternative für Deutschland (AfD) niet echt van de grond komt, is de rechterflank van Merkel afgedekt en kan ze dus opnieuw meer het centrum bespelen. 

AP2008

De eurozone wacht op Duitsland

Het stond in de sterren geschreven dat het nieuwe Duitsland -eens de kostprijs van de hereniging verteerd- de dominante macht in Europa zou worden.

Aanvankelijk gebeurde dat in tandem met Frankrijk (Merkozy), maar de laatste jaren kon Merkel ook alleen de agenda in de eurozone bepalen. Na de verkiezing van de socialist François Hollande in Frankrijk hoopten de zwakkere eurolanden op een ommezwaai, maar die is er niet gekomen. Een machtswissel in Berlijn lijkt nu ook niet echt waarschijnlijk: eerder de vraag wie met Merkel mee mag regeren.

Tot de Duitse verkiezingen stond de eurocrisis "on hold" en was het voor Grieken en Portugezen zinloos om opnieuw met de bedelnap rond te gaan. Nadien zullen er in euroland echter opnieuw harde noten gekraakt moeten worden. Merkel heeft dan wel het voordeel dat ze "haar" kandidaten aan de top van de ECB en de noodfondsen ESFM en ESM geplaatst heeft en dus de meeste troefkaarten in handen heeft.