Leve de files! - Guy Janssens

Hij is nog niet helemaal voorbij, die mooie zomer, maar het nieuwe werkseizoen is in ieder geval alweer gestart. De bijbehorende files zullen wel volgen, al leek het de afgelopen week nog mee te vallen. Tenminste op ‘mijn’ traject, de E19 Antwerpen-Brussel. Afgelopen zomer is er duchtig gewerkt op onder andere de E40, om een spitsstrook aan te leggen. Kwestie van het fileleed tenminste al op deze belangrijke invalsweg naar Brussel wat te verlichten. Eerder was er al een spitsstrook geopend op de E313 in Wommelgem. De resultaten waren goed, maar twee spitsstroken op het totale Vlaamse wegennet is wellicht niet meer dan dweilen met de kraan open.
labels
Analyse
Aansturen van de 'analyse' teaser o.a. op de home pagina en 'analyse' weergave op een detail artikel. Deze tag zorgt er ook voor het automatisch aanvullen van de 'analyse' overzichtspagina

Extra-inspanningen

Vlaanderen trekt dit jaar ongeveer 700 miljoen uit voor het onderhoud en de verbetering van het netwerk van autowegen en gewestwegen. In totaal zo’n 6.000 km. Er moet nog altijd een forse achterstand worden ingelopen. De bedoeling is dat tegen 2015 alle autowegen ‘up to date’ zijn en tegen 2020 alle gewestwegen. Maar daarmee is het wegenprobleem nog de wereld niet uit. Er zijn namelijk nog 60.000 km gemeentelijke wegen. En die hebben we ook nodig om de hoofdassen te kunnen bereiken, om de kinderen naar school te brengen (misschien beter met de fiets?), enz.

En daar knelt (een deel van het) schoentje. De gemeenten zijn plots erg armlastig geworden. Ze kreunen onder andere onder de pensioenlasten van hun personeel. De budgetten voor openbare werken zijn fors teruggelopen met gemiddeld zo’n 33%  in vergelijking met vorig jaar. De aannemers weten er alles van. Nu was 2012 natuurlijk wel een gemeentelijk verkiezingsjaar. Maar de terugloop is structureler dan dat. De volgende jaren wordt er zeker geen verbetering verwacht van de budgettaire situatie. En dat doet het ergste vermoeden voor de toestand van het gemeentelijk wegennet: met putten en kuilen zullen we dus nog wel een poos moeten leren leven.

Alternatieve financiering

Even terug naar het ‘grote’ wegennet. Het budget van 700 miljoen is structureel onvoldoende, zeggen zowel automobilistenvereniging VAB als de wegenbouwers. Begrijpelijke standpunten, van beide zijden. Voor de aannemers van wegenwerken is het hun broodwinning; en automobilisten hebben natuurlijk liefst het allerbeste onder hun wielen.

Maar ook de Vlaamse overheid zit in een amechtige budgettaire situatie. De overheidsmiddelen die worden vrijgemaakt voor openbare werken zijn in een periode van dertig jaar fors teruggelopen. Allicht hebben de uitgaven voor de aanleg van autowegen doorheen Vlaanderen/België in het verleden mee bijgedragen tot de staatsschuld zoals we die nu kennen. Maar we moeten daar wel bij bedenken dat die aanleg destijds nodig was om Vlaanderen industrieel te ontsluiten. De wegen waren er gewoonweg nodig om ons land tot economische bloei te laten komen. In de jaren vijftig was Vlaanderen ruraal. Om nieuwe industrieterreinen te kunnen aanleggen en die bereikbaar te maken vanuit de havens en de grote steden waren die noodzakelijk. De snelle welvaart in Vlaanderen van de afgelopen vijftig jaar is voor een groot deel gebouwd op het toegankelijk maken van het hinterland. Het verschil met nu is dat het budgettaire aspect van ondergeschikt belang was.

Het economische lot van Vlaanderen zal ook in de toekomst afhankelijk blijven van goede verbindingen, te land en over het water. Met de juiste mix van auto- water- en ijzeren wegen. Dat dit serieuze investeringen met zich zal brengen staat buiten kijf. Denk aan de Oosterweel-saga in Antwerpen.

Alleen zal het nu moeten gebeuren niet met een half, maar met een heel oog op de openbare financiën. Het wordt dus keuzes maken voor de schaarse openbare middelen die er zijn. En de juiste inzet van privé-middelen. De mogelijkheden zijn bekend: rekeningrijden voor vracht- en personenverkeer, tol op de autowegen enzovoort. Het debat zal de volgende jaar met meer intensiteit moeten worden gevoerd. Misschien kunnen we daar al over beginnen nadenken als we de volgende weken weer met zijn allen staan aan te schuiven in de file naar ons werk.

(Guy Janssens is sociaaleconomisch VRT-redacteur en presentator van De Vrije Markt.)