VS en Rusland eens over aanpak chemische wapens Syrië

In Genève zijn de Amerikaanse en Russische ministers van Buitenlandse Zaken John Kerry en Sergei Lavrov het eens geworden over de aanpak van chemische wapens in Syrië. De Syrische president Assad krijgt een week de tijd om een inventaris van die wapens over te maken.

Iets na de middag konden VS-minister John Kerry en zijn Russische collega Sergej Lavrov een akkoord bekendmaken. Dat kwam er na drie dagen onderhandelen. Het akkoord zal nu worden omgezet in een VN-resolutie en worden voorgelegd aan de OPCW, de organisatie die toeziet op het verdrag dat chemische wapens verbiedt.

Washington en Moskou willen dat het Syrische regime van Bashar al-Assad binnen een week een inventaris overmaakt van het chemische arsenaal.

Ten laatste in november zouden er dan dan inspecties van alle sites met chemische wapens moeten volgen. Daarna moeten die chemische wapens weggevoerd en vernietigd worden. Volgens Kerry zou dat midden volgend jaar een feit moeten zijn.  

Over wat er gebeurt als het Syrische regime niet meewerkt, is nog wat onduidelijkheid. Eerst had Kerry gezegd dat er dan een militaire interventie mogelijk wordt, maar Lavrov heeft dat ontkend. 

Washington en Moskou zijn het ook eens dat het Syrische conflict een politieke oplossing en geen militaire moet krijgen. Als het akkoord uitgevoerd wordt, lijkt de kans op een Amerikaans-Franse militaire interventie in Syrië veel kleiner te worden.

Zowel Kerry als Lavrov benadrukken nu dat er een politieke oplossing moet komen voor het conflict in Syrië en geen militaire; Ze willen nog altijd het komende vredesoverleg over Syrië een kans geven.

AP2003

En wat nu?

Er ligt dus een tijdschema klaar voor de chemische ontwapening van Syrië. Binnen de week moet er een inventaris zijn en eind november zouden er dan inspecties ter plaatse kunnen beginnen. Tegen midden volgend jaar moeten die wapens dan vernietigd zijn.

Ok, maar er zijn struikelblokken. Eerst en vooral moet bekeken worden in welke mate het Syrische regime wil meewerken met het opruimen van wat het als een van de militaire troefkaarten beschouwt. De ervaring in Irak in de jaren 90 leert dat dat soort regime een kat-en-muisspel wil spelen om de zaken te vertragen.

Een tweede punt is hoe die inspecties en vernietiging moeten uitgevoerd worden in een land in volle burgeroorlog. Wellicht zullen extremistische rebellen Nusra of Al Qaeda alles in het werk stellen om die operaties te verhinderen en eventueel om die wapens in handen te krijgen. 

Syrië heeft groot chemisch arsenaal

Inlichtingendiensten gaan ervan uit dat Syrië over een van de grootste arsenalen aan chemische wapens bezit, maar het land heeft daarover geen enkel verdrag ondertekend. 

Het zou niet enkel gaan om gifgassen zoals mosterdgas, maar ook over zenuwgassen zoals sarin en VX. Die doden niet enkel via de longen, maar ook via de huid.

Chemische wapens werden na de Eerste Wereldoorlog verboden en sindsdien zijn die verdragen uitgebreid tot biologische wapens. De ervaring in Irak in de jaren 90 toont evenwel aan dat inspecties erg gehinderd kunnen worden, te meer door de burgeroorlog in Syrië.