"De Kerk moet homo's en gescheiden mensen barmhartig omringen"

De katholieke kerk moet homoseksuelen en gescheiden mensen niet veroordelen, maar met barmhartigheid begeleiden. Dat is een van de opmerkelijke uitspraken die paus Franciscus in zijn eerste grote interview heeft gedaan. Hij stelde voorts dat de Kerk zich minder op dogma's en doctrines moet richten.
AP2013

In zijn eerste grote interview sinds hij begin dit jaar paus werd, heeft Franciscus enkele opmerkelijke uitspraken gedaan over waarvoor de katholieke kerk volgens hem precies moet staan.

Het opvallend lange interview is verschenen in het Italiaanse jezuïetenmagazine La Civiltà Cattolica en getuigt van een andere ingesteldheid dan die van zijn voorgangers Johannes-Paulus II en Benedictus XVI.

Aanvankelijk heeft Franciscus het over vrij onschuldige onderwerpen zoals zijn favoriete componist (Mozart), kunstenaar (Caravaggio), auteur (Dostojevski) en film ("La strada" van Fellini). Maar algauw snijdt hij enkele ernstige thema's aan, waarbij hij geen blad voor de mond neemt.

"We moeten streven naar een nieuw evenwicht"

Volgens Franciscus zijn niet alle dogma's en morele leerstellingen van de katholieke kerk gelijkwaardig. "De Kerk mag zich daarom niet geobsedeerd bezighouden met het onophoudelijk verspreiden van een onsamenhangende waaier aan doctrines", meent hij. "We moeten streven naar een nieuw evenwicht. Anders zullen de morele fundamenten van de Kerk als een kaartenhuisje ineenstorten en riskeren we de frisheid van het evangelie te verliezen."

Integendeel: de Kerk moet volgens hem als "een veldhospitaal na een veldslag" zijn, waarbij ze "de wonden van de gelovigen geneest en op zoek gaat naar degenen die gekwetst zijn of zich uitgesloten voelen".

"De Kerk heeft zich soms opgesloten in kleine dingen en in enggeestige regeltjes. De dienaars van de Kerk moeten bovenal dienaars van barmhartigheid zijn."

"De Kerk moet een thuis voor iedereen zijn"

Franciscus laat ook zijn licht schijnen over heikele thema's als abortus en homoseksuelen. "We mogen niet uitsluitend de nadruk blijven leggen op zaken als abortus, het homohuwelijk en voorbehoedsmiddelen. Dat is onmogelijk. De leer van de Kerk over die onderwerpen is duidelijk en ik ben een zoon van die Kerk, maar we moeten het er niet voortdurend over hebben."

"Ooit wilde iemand me provoceren en kreeg ik de vraag of ik homoseksualiteit goedkeurde. Ik antwoordde met een andere vraag. Wanneer God naar een homoseksueel kijkt, onderschrijft hij dan het bestaan van die persoon met liefde? Of verwerpt en veroordeelt God hem?"

Een gelijkaardige houding houdt hij erop na wat abortus betreft. "Als een vrouw abortus heeft gepleegd, daar zwaar onder lijdt en oprechte spijt betuigt, dan moet ze worden vergeven."

"We moeten altijd de persoon in kwestie beschouwen. In het leven begeleidt God mensen. We moeten hetzelfde doen, vertrekkend vanuit hun situatie. Het is noodzakelijk dat we dat met barmhartigheid doen."

"De Kerk waarnaar ik streef, is een thuis voor iedereen, geen kleine kapel waarin enkel plaats is voor een kleine groep geselecteerde mensen. We mogen de Kerk niet reduceren tot een nest dat onze middelmatigheid beschermt."