Hitleritis - William van Laeken

Is het omdat de huidige generatie Duitse politici nogal aan de saaie kant is, Angela Merkel voorop, dat we een beroep op Hitler moeten doen om wat leven in de brouwerij te brengen? In strips, in films, op de cover van tijdschriften, Hitler doet weer mee.

Een nepspotje op Youtube voor een Mercedes van de C-klasse is al meer dan drie miljoen keer aangeklikt, één keer door mij. De glimmende wagen rijdt een idyllisch dorpje binnen, hinkelende meisjes op straat letten niet op, maar geen nood, het Collision Prevent System van de Mercedes zorgt ervoor dat de auto, zelfs met een verstrooide chauffeur, op tijd remt. Opluchting. Auto rijdt verder. Een knul van een jaar of twaalf speelt vliegertje op straat, let eveneens niet op, de Mercedes knalt tegen hem aan, hij blijft voor dood liggen. Zijn moeder komt naar buiten gerend en schreeuwt ‘Adolf!’. Cut. Bord met daarop de naam Braunau am Inn, het Oostenrijkse geboortedorp van Hitler. Dan de tekst Erkennt Gefahren bevor sie entstehen, herkent gevaren vóór ze ontstaan. Het intelligente Collision Prevent Sytem schakelt zichzelf én de jonge Adolf uit. Triomf van Duitse techniek. Een knap gemaakt spotje, het afstudeerwerk van een filmstudent, maar Mercedes kon er niet mee lachen. Daarom de waarschuwende tekst vooraf: Non-authorized spot! No affiliation with Mercedes-Benz.

Saneren

Nürnberg in Beieren. Hitler liet er door zijn hofarchitect Albert Speer een reusachtig terrein inrichten voor de partijbijeenkomsten van de nazi’s. Met stadion, congresgebouw en het enorme Zeppelinfeld waar 300.000 mensen konden verzamelen om de Führer toe te juichen. Bedoeld voor een Duizendjarig Rijk, maar nu, na driekwart eeuw, goed op weg om ruïne te worden. (Ik heb er wel eens gefilmd, want ruïnes zijn zo fotogeniek.) De Volkskrant berichtte over het dilemma waar het stadsbestuur van Nürnberg voor stond. Het onkruid zijn werk laten doen, de gebouwen en tribunes helemaal laten vervallen? Dan wordt het misschien een mythische plek, een bedevaartoord voor neonazi’s. Alles wegdoen, alles opruimen en het terrein een andere bestemming geven? Dan krijgen de Duitsers het verwijt dat ze hun bruine verleden wegmoffelen. Nürnberg koos daarom voor ‘sanering’. Alles wordt in kaart gebracht, het moet een ‘leertraject’ worden. Een plek zoals er in Duitsland en vooral in Berlijn tientallen zijn die steeds dezelfde vermanende boodschap meegeven: vergeet vooral niet wat we hebben aangericht, vergeet niet hoe slecht we toen waren !

De kampioen onder de slechteriken was uiteraard Hitler. Het was lang oppassen geblazen als je met hem wou lachen, maar dat is nu wel veranderd, het taboe is weg. In 2007 was er al een succesrijke komische film over Hitler van een Duits-joodse regisseur. Nu is er het boek Er ist wieder da van de tot nog toe onbekende auteur Timur Vermes, een bestseller waarvan er bijna 800.000 exemplaren zijn verkocht. Hitler wordt daarin op een late augustusdag wakker op een stuk braakgrond in Berlijn en zal zich gaandeweg ontpoppen tot komiek en dank zij de televisie tot BD, Bekende Duitser. Het boek is in de ik-vorm, lange monologen en tirades van een Hitler die weliswaar met zijn tijd meegaat, tokkelt op zijn gsm en laptop, maar er verder dezelfde abjecte denkbeelden op nahoudt. In Humo legde de auteur uit dat we niets opschieten met een monster van Hitler te maken, dat is trouwens al genoeg gebeurd, maar dat hem vooral de vraag interesseerde wat mensen zo aantrekkelijk aan Hitler vonden (anders stem je toch niet voor hem) en of zo’n figuur ook nu nog zou kunnen aanslaan.

Monster en mens

Ik heb me ooit ook eens gewaagd aan een ontmoeting met Adolf Hitler, voor het boek “Onmogelijke interviews” (uitgeverij Kritak, 1988). Ik voerde daarin in de Tiergarten in Berlijn een oudere man op met een donkere winterjas aan, het bleek Hitler te zijn, of een fantoom van hem, en we geraakten in gesprek. Ik was in de jaren tachtig vaak in Berlijn en was nogal fanatiek op zoek naar de oorlogswonden in de stad, ik wist blindelings de weg naar de ‘schuldige plekken’, daarom kwam ik op het idee om Hitler tegen het lijf te lopen. Het was de tijd van de Historikerstreit in Duitsland: gerenommeerde historici kruisten de degens over de vraag of Hitler een soort Germaanse versie van Stalin was, dan wel een unieke, monsterachtige figuur. ‘Ik sta er versteld van hoe ik nog steeds over de tongen blijf rijden’, liet ik Hitler tegen mij zeggen. Hij droeg overschoenen tegen de smeltende sneeuw. Als ik die pagina’s teruglees moet ik toegeven dat ik van deze ‘kouwelijke man naast mij’, met al zijn verschrikkelijke denkbeelden, toch een menselijke figuur wou maken. Wat Timur Vermes in zijn boek ook heeft gedaan. Met dat verschil dat zíjn Hitler veel komischer is. En dat het boekje waarin míjn Hitler stond gauw bij De Slegte lag.

(De auteur was VRT-journalist en presentator van Panorama.)

lees ook