Tabakslobby "screent" Europarlementsleden

De tabaksproducent Philip Morris heeft profielen laten maken van honderden leden van het Europees Parlement. Op die manier hoopt het bedrijf hun stemgedrag over een tabaksrichtlijn te beïnvloeden.

Volgens de krant Le Soir heeft Philip Morris 161 lobbyisten aan het werk gezet en had het bedrijf daar 500.000 euro voor over. Die lobbyisten onderzochten de profielen van honderden leden van het Europees Parlement en verdeelden die met kleurtjes in categorieën: wie heeft welk standpunt en is eventueel beïnvloedbaar?

Het onderzoek is specifiek gericht op de stemming over een nieuwe tabaksrichtlijn die de productie, verkoop en gebruik van tabak aan strengere regels zou onderwerpen. Die stemming zou op 8 oktober plaatsvinden.

Onder de onderzochte Europarlementsleden waren volgens De Standaard ook Marianne Thyssen (CD&V, foto), Frédérique Ries (MR) en Anne Delvaux (CDH). Thyssen en Ries kregen een "rood etiket" als tegenstanders van tabak en niet-beïnvloedbaar. Bovendien staat in het rapport dat "het erg ongunstig zou zijn als Thyssen voorzitter wordt van de bevoegde commissie".

Niet abnormaal, maar toch vragen

Marianne Thyssen voelt zich enigszins geflatteerd door die omschrijving omdat die zou aangeven dat ze de volksgezondheid boven de belangen van de tabaksindustrie stelt.

De praktijken van Philip Morris zijn niet illegaal. "Dat lobbyisten hun werk doen, is niet abnormaal", zegt ze, "het is aan ons om voorstellen te weigeren als ze de grenzen van het ethische overschrijden". Thyssen roept politici dan ook op om voldoende weerbaar te zijn tegenover dat soort beïnvloeding. Je moet ook opletten welke groepen het geld en de macht hebben om dat soort lobbywerk uit te laten voeren en welke niet.

Anderzijds komen politici voortdurend in contact met lobbyisten en belangengroepen zoals werkgevers en vakbonden, maar ook individuele bedrijven. Daar is niets mis mee, aldus Thyssen, want vaak brengen die contacten ook goede en nuttige informatie met zich mee over wat de gevolgen zijn van bepaalde wetgeving. 

Wel vraagt ze zich af of in het geval van Philip Morris de wetgeving op de privacy en die op de werking van de Europese instellingen niet overschreden. De belangrijkste buffer moet bij de politici zelf liggen en die moeten voldoende weerbaar zijn tegen druk, aldus Thyssen.