De verzorgingsstaat is stervend - Jan Van Duppen

Inmiddels is het bijna 10 jaar geleden dat ik me als nieuwkomer in Nederland ietwat overdonderd voelde door de gesmeerde collectieve offergang van mijn patiënten bij het jaarlijkse ritueel van de griepvaccinatie. Het had iets van een door de overheid georganiseerde bedevaart naar de mythologische behoeder van influenza en aanverwant of erger leed.

Zegening

Wie in aanmerking kwam voor de gratis griepprik, werd door mijn assistente aangeschreven en in cohorten meldde iedereen zich gehoorzaam op dag en uur voor de preventieve prik.

Het had iets van een zegening: de dokter volbracht de tekenen en de aanrakingen. Op die manier was het makkelijk kennismaken voor de nieuwe huisarts en kon zijn bezwerende kracht gewogen worden.

Die werd duidelijk niet te licht bevonden want een Belgische dokter had in de zwoele onderbuik van de wereldhaven nog een exotisch profiel: ook een allochtoon of een nieuwkomer die nog sprak zoals de ouwe opa.

Enkele maanden later werd de bevolking nog eens extra warm gemaakt voor de griepvaccinatie wegens een mogelijk levensbedreigende variant van het griepvirus. Het bleek achteraf een voorbode van de dure speculaties op de pandemie van de Mexicaanse varkensgriep. De preventieve mantra’s werden geolied en ingereden.

Solidariteit

En toen dreigde in 2005 een pandemie van vogelpest, waartegen een antiviraal medicijn levensreddend ingezet zou kunnen worden. Omdat Volksgezondheid tot het aanschaffen van grote hoeveelheden van deze virusremmer werd verleid, betekende Tamiflu een goudmijn voor de firma die dit op de markt bracht. Bovendien zou het ook nog helpen tegen het griepvirus. Zeker bij wie bejaard, zwak of ziek zou zijn.

Het levensreddende middel was door de grote vraag maar beperkt voorradig. Het zat niet in het verzekeringspakket en het was niet bepaald goedkoop. Later zou blijken dat Tamiflu onvoldoende deed wat toen nog beloofd en door velen geloofd werd. Idem dito voor de griepvaccinatie bij ouderen en mensen met een zwakker immuunsysteem.

In volle mediahype vroegen steeds meer patiënten naar een voorschrift voor dit medicijn. Doorgaans slaagde ik erin - volgens de richtlijnen van de rijksoverheid en huisartsenstandaarden - om mijn patiënten te behoeden voor dure aankopen van het antivirale wondermiddel. De minister van Volksgezondheid probeerde de hype te keren door een beroep te doen op solidariteit bij een beperkte voorraad van het medicijn.
Met als gevolg dat de vraag ernaar verder steeg, al kon ik toch standhouden.

Ieder voor zich

Maar op visite werd ik in een morele houdgreep geklemd door een hoogbejaarde dame die me in de beslotenheid van haar flat indringend toefluisterde dat ik haar een voorschrift van dat levensreddende medicijn diende te bezorgen. Ondanks haar leeftijd en dankzij haar heldere geest en goede gezondheid wou zij koste wat kost nog langer leven te midden van de dreigende pandemie. Ze had alleen verre familie die amper naar haar omkeek, maar ze trotseerde graag de wereld van radio, krant en tv. En vooral wou ze zelf de regie houden over haar eigen leven. Niet afhankelijk zijn van anderen en hen niet tot last zijn.
Mijn mantra werd telkens gepareerd.
Over de prijs: ‘Maakt niet uit, dokter, ik kan mijn geld toch niet meenemen in mijn graf’.
Over de beperkte effectiviteit van het medicijn: ‘Beter iets dan niets, toch?’
Over de solidariteit met mensen die het echt nodig hadden bij een beperkte voorraad:...
De dame keek me lang stilzwijgend aan en zei toen: ‘U begrijpt dat niet, dokter. U bent hier nieuw. Als Belgische dokter weet u niet hoe het er in dit land aan toe kan gaan. Als het water echt aan de lippen staat, is het ieder voor zich. En dan sta je als bejaarde helemaal aan het einde van de rij als je het moet hebben van solidariteit en steun van de overheid. Dat is hier altijd zo geweest, wat voor mooie praatjes onze politici ook vertellen. Dan is het ieder voor zich.’

Participatiesamenleving

Sinds Prinsjesdag vorige week duikt dit gesprek van jaren terug weer op uit mijn herinneringen.
In de oproep uit de troonrede van Zijne Majesteit Willem-Alexander onder het blauw-rode kabinet Rutte-Samsom klinkt de discussie over de transitie van verzorgingsstaat naar een participatiesamenleving: "Van iedereen die dat kan, wordt gevraagd verantwoordelijkheid te nemen voor zijn of haar eigen leven".
Voormalig PvdA-coryfee Wouter Bos reageerde voluit: ‘Als dat niet slechts de mening van de VVD-leider is, maar ook van de coalitie, is er bij de PvdA sprake van een kleine ideologische revolutie. Geen visie meer op de overheid die er ook voor de middenklasse is, een overheid die verbindt omdat iedereen eraan meebetaalt en iedereen ervan meegeniet. In plaats daarvan een overheid louter voor de allerzwaksten. Amerikaans, klassiek liberaal en zichzelf uiteindelijk marginaliserend. Zeg me dat het niet zo is!’

God voor ons allen

Het wordt dus weer ‘ieder voor zich en God voor ons allen’.
Maar onze publieke godheid is al lang dood.
Zij het dat Hij weer springlevend is bij islamisten die hun Ene en Ware met alle geweld aan de publieke ruimte willen opdringen.
In 2010 verklaarde de vandaag zegevierende Duitse bondskanselier Angela Merkel de multiculturele samenleving dood.
En nu verklaart de Nederlandse regering ook nog de verzorgingsstaat dood en inruilbaar voor de participatiesamenleving.
Het terugtreden van de overheid zal mensen dwingen zich zo te gedragen dat andere mensen bereid zijn voor hen te zorgen. Ook in ruil voor geld, goederen of diensten in natura. Familiale, religieuze of andere netwerken zullen nauwer gaan spannen en uitsluiten. Daarbuiten zal handel, ook in zorg, volgens de principes van vraag en aanbod een ontmoetingsplatform creëren op de vrije markt.
De verontwaardiging hierover zal weer het masker van de billijkheid dragen.

Voor wat hoort wat

Door de kapitaalvlucht, het op grote schaal uitstoten van laaggeschoolden uit de arbeidsmarkt en een wereldwijde bankencrisis krimpen de economische fundamenten van die verzorgingsstaat verder terwijl de vraag naar zorg onevenredig stijgt. Bovendien worden reeds meer dan een halve eeuw die zo geroemde marktprincipes van vraag en aanbod ondermijnd door het toelaten van massale immigratie in de verzorgingsstaat.

Of zoals de vroegere Antwerpse burgemeester Patrick Janssens het in zijn boek ‘Voor wat hoort wat, naar een nieuw sociaal contract’ formuleerde: “In de mate echter dat de migratie rechtstreeks of onrechtstreeks leidt tot meer mensen die uitkeringen ontvangen uit het bijstandssysteem of die een beroep doen op sociale dienstverlening (onderwijs, gezondheidszorg) zonder dat belastingen of bijdragen worden betaald, vormt dat een bedreiging van ons systeem. Dat is geen morele maar een puur economische vaststelling. En een relevante: in Antwerpen is vandaag meer dan 60 % van de leefloontrekkers via een of andere vorm van migratie ons land binnengekomen”.

(De auteur is huisarts in Rotterdam en voormalig parlementslid voor de SP.A.)

lees ook