Proefperiode verdwijnt voor arbeiders en bedienden

De proefperiode voor arbeiders en bedienden verdwijnt. Dat is het gevolg van het onlangs overeengekomen eenheidsstatuut. Volgens het uitzendkantoor Randstad zullen allochtonen en laaggeschoolden nu minder kansen krijgen.

De proefperiode werd door werkgevers gebruikt om de kwaliteiten van een werknemer na te gaan. In de proefperiode kon een werkgever een arbeider ontslaan zonder opzegvergoeding of -termijn. Voor bedienden bedroeg de opzeg tijdens de proefperiode een week. Met het eenheidsstatuut is nu overeengekomen om die proefperiode af te schaffen.

Volgens minister van Werk Monica De Coninck (SP.A) is de nood voor zo’n proefperiode er nu niet meer. Zo’n proefperiode was vooral handig, omdat de opzegtermijn en –vergoeding (buiten de proefperiode) al snel kon oplopen tot enkele maanden. Doordat de opzegtermijn voor beiden is teruggebracht op twee weken, is het systeem met de proefperiode dus niet meer nodig.

Uitzendkantoor Randstad is het daar niet mee eens. Zij vrezen dat allochtonen en laaggeschoolden minder kansen zullen krijgen. "Vroeger had je in het geval van arbeiders geen opzegvergoeding", zegt Jan Denys van Randstad. "Nu moet je ze minstens twee weken uitbetalen. Dat is voor kleine kmo's toch een extra rem."