Britten investeren in "cyber warfare"

Groot-Brittannië gaat honderden computerexperts in dienst nemen om vitale netwerken te beschermen tegen cyberaanvallen. Londen wil eventueel ook offensief kunnen terugslaan als het wordt aangevallen.

Vorig jaar werden volgens de Britse minister van Defensie Philip Hammond 400.000 gevallen van spionage of aanvallen met computervirussen tegen netwerken van de Britse overheid verijdeld. Hij noemde de landen die achter de aanvallen zitten, niet bij naam, maar algemeen verwijzen analisten naar Rusland en China.

Daarom wil Hammond nu honderden experten extra aanwerven om die netwerken te beveiligen. Hij is bereid om daar een flink deel van het defensiebudget aan te besteden. De experten zouden daarbij samenwerken met bestaande beveiligingsagenten en met de elektronische geheime dienst GCHQ.

Tegelijk wil Londen ook de eigen capaciteit verhogen om terug te kunnen slaan als de netwerken worden aangevallen. De Britten dreigen ermee om de computernetwerken van aanvallers zelf te bestoken. Het zou dan gaan om aanvallen tegen vijandige communicatienetwerken, nucleaire en chemische wapensystemen, vliegtuigen, schepen en dergelijke.

Groot-Brittannië heeft na de Verenigde Staten, Rusland en China het vierde defensiebudget ter wereld. Het land heeft overigens een lange reputatie terzake: tijdens de Tweede Wereldoorlog konden computerexperts in Bletchley Park Duitse codes kraken, wat een belangrijke rol speelde bij de geallieerde overwinning.