Aangespoeld op de Olympus - Rudi Vranckx

Goden op de Olympus zijn we, ver verheven boven de ellende in de wereld. We oordelen over leven en dood. Met een pennentrek beslissen we of Afghanistan in oorlog is, dan kunnen we de vluchtelingen tenminste terugsturen zonder wroeging. Dura lex, sed lex nietwaar.
analyse
Analyse
Aansturen van de 'analyse' teaser o.a. op de home pagina en 'analyse' weergave op een detail artikel. Deze tag zorgt er ook voor het automatisch aanvullen van de 'analyse' overzichtspagina

Maar wij goden willen niet weten wàt oorlog is, we weten vooral wat goed is voor de Olympus en voor onszelf. We beslissen dat een zwarte Eritreeër of Somaliër zijn ellende of onderdrukking niet mag ontvluchten. We laten het 'onprettige' werk bij voorkeur opknappen door knechtenregimes onderwege.

 

Het resultaat zijn lijkzakken op de kade van een afgelegen eiland. Als het er genoeg zijn, komen de camera's eens langs. Maar niet te lang. Want er is andere waan te verslaan en al zeker genoeg ellende. Op de Olympus wordt even vergaderd, getaterd en gezucht, tot ook dat weer voorbij is.

In Italië bepalen de strapatsen van een komiek en een bejaarde charmezanger weldra weer de headlines, lang voor de laatste drenkeling is opgevist. Elders spelen de nationale voetbalploegen een belangrijke match. Of moet er dringend over het lot van een paar panda's geredetwist worden. Voor het overige duiken we op televisie in een zwembad, vergapen we ons aan een soap over het koningshuis, of dromen we collectief over een prijs van een miljoen. Het weze iedereen gegund. Ik koester immers ook m’n eigen dromen. God, wat is het fantastisch op onze Olympus.
 

AP2013

Doortocht

Ik reis echter toevallig veel rond in een soort niemandsland waar oorlog, hongersnood en onderdrukking vaak de regel zijn. Ik praat er met mensen, wanneer ze nog niet zijn dichtgeritst in de anonieme lijkzakken waartoe ze voorbestemd zijn. Ze zijn anders gekleurd, bidden soms anders, eten meer gekruid. Op dit ogenblik ben ik in Ethiopië, halverwege naar Soedan, Tsjaad en zo verder door. Voor mij is deze reis mijn werk, de journalistiek, voor de anderen op deze route is het hun leven.

Ik kan vandaag alleen maar denken aan die moeder die ik een paar weken geleden sprak in Somaliland. Op een ochtend waren haar zoon en dochter verdwenen. Vertrokken in de woestijn, met een paar telefoonnummers op zak... van mensenhandelaars. Tenslotte is er in Somalië alleen maar oorlog en werkloosheid. Haar dochter is veilig aangekomen in Italië. De zoon wachtte af in Libië, wachtte op een boot. Het moedertje wacht nu met spanning op nieuws. Zal ze dat ooit krijgen? Nieuws van op de kade van Lampedusa? Veel mensen uit haar buurt hebben al kinderen verloren zo, wacht haar hetzelfde lot?

Ik dronk er een koffie met een jongeman. Een computertechnicus, vriendelijk, behulpzaam. Een jongen met een droom, die hij nooit zou kunnen waarmaken in Somalië. Ook hij had die nummers van smokkelaars op zak. Ook hij is nu onderweg. Ik heb een afspraak met hem, later... ooit. Daar moet ik allemaal aan denken als ik die lijkzakken op de kade zie liggen.

Naam

Willen we als media eens de foto afdrukken van alle doden en bijna-doden op een bootje? Geen esthetische, behoedzame foto, maar een simpel portret, met naam en familiegeschiedenis erbij. Willen we de droom vertellen die ze ooit koesterden? Willen we tenslotte ook uitzoeken waar ze vandaan komen en welk leed ze achterlaten? Van allemaal, tot de laatste stumperd toe. Dat is het minste wat wij kunnen doen: er opnieuw mensen van maken.

De goden op de Olympus hebben we zelf in het leven geroepen omdat ze het beste en het slechtste in ons vertegenwoordigen. Ze maken ons het leven makkelijker. We kunnen er ons achter verschuilen. Maar het geweten legt de verantwoordelijkheid bij onszelf. Af en toe worden we daaraan herinnerd.

(Rudi Vranckx is oorlogsverslaggever voor VRT-nieuws.)