Muyters en De Coninck kibbelen over stageplaatsen

De 10.000 stageplaatsen voor jongeren zonder diploma die vorig jaar werden aangekondigd door de federale regering, raken voorlopig amper ingevuld. De federale en Vlaamse ministers van Werk, Monica De Coninck (SP.A) en Philippe Muyters (N-VA), geven elkaar de schuld voor de mislukking. Dat staat in De Standaard.
De Coninck en Muyters wijzen in elkaars richting.

De federale regering maakte vorig jaar geld vrij om 10.000 jongeren zonder diploma een stageplaats te kunnen aanbieden, als onderdeel van een pakket relancemaatregelen. De jongeren zouden zo een eerste werkervaring kunnen opdoen om gestart te raken op de arbeidsmarkt.

De overheid betaalt de stagiairs maandelijks 700 euro loon, de werkgever doet daar nog 200 euro bovenop. Dat geld komt dus van de federale regering, maar de uitvoering van het plan is een bevoegdheid van de gewesten. Vlaanderen moet dus op zoek gaan naar de stageplaatsen en moet de jongeren aanmoedigen om zo'n stage te doen.

Volgens de laatste cijfers van federaal minister van Werk Monica De Coninck waren er eind augustus 251 stageplaatsen ingevuld in Vlaanderen. Vlaams minister Philippe Muyters legt het cijfer wat hoger, op 479. Maar in alle geval is dat ver verwijderd van het aantal dat voor Vlaanderen was ingepland, namelijk 4.450 van de 10.000 plaatsen.

De Coninck wijst in de richting van Muyters. "Het federale niveau is niet verantwoordelijk voor de begeleiding van jongeren. Ik wil het morgen doen, ik heb het al honderd keer gezegd, direct en met veel plezier. En ik zal resultaat halen ook. Maar u kunt mij niet verwijten dat wij dat moeten doen, terwijl we het niet mogen doen."

"De Coninck moet ons niet verwijten dat we niet willen meewerken", reageert Muyters in De Standaard. Hij wijst erop dat in Wallonië pas onlangs de eerste stages gestart zijn. "Wij waren het eerste gewest dat intern de regels heeft aangepast om stageplaatsen mogelijk te maken." Muyters verwijst ook onder meer naar de gebrekkige taalvaardigheid van de kandidaat-stagiairs en hun beperkte mobiliteit als hindernissen. Bovendien is de federale regelgeving volgens hem gebrekkig.

"In januari opnieuw met volle kracht van start"

Muyters zegt dat er de komende maanden niet veel beterschap zal zijn, maar wil volgend jaar wel verandering zien. "We bereiden ons voor op januari volgend jaar om opnieuw van start te gaan met volle kracht en met de lessen die we intussen hebben geleerd."

Minister De Coninck wil het systeem beter gaan promoten. "Ik denk dat er een campagne moet worden gevoerd naar werkgevers toe, om heel duidelijk het systeem uit te leggen en de voordelen ervan, want uiteindelijk moet de werkgever financieel niet zo veel risico nemen omdat de overheid bijna het volledige stagegeld betaald."