Het bilan van Di Rupo I - Marc De Vos

De verkiezingen liggen nog meer dan zeven maanden in het verschiet, maar federaal lijkt de campagne al beslecht. Waar de Franstalige socialisten meer dan 500 dagen voor nodig hadden na de vorige verkiezingen ligt nu al in hun schoot: de Vlaamse partijen hebben zichzelf uit elkaar gespeeld. CD&V en Open-VLD kanten zich tegen de zevende staatshervorming die voor de N-VA essentieel is.
opinie
Opinie
Aansturen van de 'opinie' teaser o.a. op de home pagina en 'opinie' weergave op een detail artikel. Deze tag zorgt er ook voor het automatisch aanvullen van de 'opinie' overzichtspagina

Daarmee staat de N-VA aan de zijlijn. Ze zal zich op eigen kracht op het veld moeten wringen, net nu het “effect De Wever” lijkt weg te deemsteren en partij een nieuw elan vergt. Door zelf staatshervorming uit te sluiten, leggen de Vlaamse partijen de lat lager voor de Franstalige partijen om andere gesprekspartners dan de N-VA te vinden. Dat kan ook problematisch zijn voor wie het sociaaleconomisch beleid primeert. Het zal immers vooral het Vlaamse gewicht zijn dat die hervormingen in beweging moet krijgen.

Perceptie

Er gaan dezer dagen twee versies rond over de regering di Rupo. Er is die van Dr. Pangloss: het personage van Voltaire dat gelooft in “de beste van alle mogelijke werelden”. In die rooskleurige wereld – vorige week nog bejubeld door PS-voorzitter Magnette – is België de crisis zonder veel kleerscheuren doorgekomen en is het licht aan het einde van de tunnel bereikt.

En er is de versie van Dr. Doom – vooral in zwang bij de N-VA – die vooral een belastingregering ziet die echte problemen heeft ontweken. De strijd tussen Dr. Pangloss en Dr. Doom domineerde de laatste “state of the union” van premier di Rupo en wordt ongetwijfeld één van de bepalende thema’s van de komende kiescampagne.

Balans

De waarheid ligt bijna altijd in het midden. In haar korte politieke leven heeft de regering di Rupo meer gedaan dan veel van haar voorgangsters in de recentste vaderlandse geschiedenis. Staatshervorming, pensioenen, fraudebestrijding, asielbeleid, gezinsmigratie, ambtenarij en eenheidsstatuut: het mag gezien worden, ook al valt er inhoudelijk altijd heel wat op af te dingen. Dit is een federale regering met meer daadkracht dan wat we gewoon waren geworden.

Maar dat was ook niet moeilijk: de periode van Paars was vooral politieke spielerei en nadien was het altijd balanceren op de koord tussen crisisbeheer en “non-governo”. Di Rupo I is de eerste “normale” regering sinds jaren, die effectief heeft gedaan wat een regering moet doen: regeren. Dat was trouwens ook van moeten: de algemene economische malaise, de permanente budgettaire krapte, het rijzende tij van de vergrijzing en de systematische druk van Europa lieten gewoon geen ruimte voor stilstand. En er was de slagschaduw van de N-VA: de klassieke partijen, zeker in Vlaanderen, waren existentieel verplicht te bewijzen dat ze nog konden wegen en beslissen, anders was de N-VA alweer slapend rijk geworden.

Maar het lijdt evenmin twijfel dat deze regering er budgettair de kantjes heeft van afgereden en dat ze noodzakelijke structurele hervormingen – begroting, belastingen, competitiviteit, arbeidsmarkt, gezondheidszorg en opnieuw pensioenen – hooguit heeft aangeraakt. Die grote dossiers zullen met nog meer drang op de tafel van de volgende regeringsonderhandelingen komen. De tijd van geleidelijke marginale bijsturingen is voorbij. Het wordt een keuze tussen stevig hervormen of beheer van verval.

Programma

Grote dossiers smeken om strategische oplossing, die telkens de tussenkomst van verschillende bevoegdheidsniveaus in ons land zal vergen. Is staatsstructuur een deel van die politieke oplossing, of een deel van het probleem? Dat is de vraag.

Om ze te beantwoorden is iets ongekend nodig: een duidelijk Vlaams front, niet over bevoegdheden, maar over programma. Het zal er wel niet van komen, maar we zullen de partijprogramma’s in elk geval met meer dan de gebruikelijke belangstelling tegemoet kunnen zien. In de opkomende kiescampagne zullen alle partijen kleur moeten bekennen over hun grote opties. Geen vage slogans of onberekende beloftes, maar duidelijke visie en concrete oplossingen. Wie dat niet doet, zal daar hopelijk mee geconfronteerd worden in de debatten.

(De auteur is de directeur van de denktank Itinera en doceert aan de UGent. Hij schrijft deze column in eigen naam – Twitter @devosmarc)

VRT NWS wil op vrtnws.be een bijdrage leveren aan het maatschappelijk debat over actuele thema’s. Omdat we het belangrijk vinden om verschillende stemmen en meningen te horen publiceren we regelmatig opinieteksten. Elke auteur schrijft in eigen naam of in die van zijn vereniging. Zij zijn verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst. Wilt u graag zelf een opiniestuk publiceren, contacteer dan VRT NWS via moderator@vrt.be.