Zijn rotsblokken over "ijssnelwegen" naar Verboden Stad gesleurd?

De kolossale rotsblokken die voor de bouw van de Verboden Stad in de Chinese hoofdstad Peking zijn gebruikt om al even gigantische stenen sculpturen uit te houwen, zijn destijds over zogenoemde "ijssnelwegen" aangesleept. Dat is de conclusie van een studie uitgevoerd door wetenschappers aan de universiteit van Princeton in New Jersey. Niet iedereen hecht evenveel geloof aan die stelling.
CC BY-SA 3.0

De bouw van de keizerlijke Verboden Stad in Peking ging aan het begin van de 15e eeuw van start. Het duurde meer dan 200 jaar vooraleer het immense complex was voltooid. Gedurende die periode verplaatsten de Chinezen kolossale rotsblokken naar het hart van de stad waar ze tot al even gigantische stenen sculpturen werden uitgehouwen.

Onderzoek heeft uitgewezen dat de rotsblokken afkomstig zijn van een steengroeve zo'n 70 kilometer verder. Nochtans wegen de massieve blokken vaak meer dan 100 ton. Uit oude geschriften is bijvoorbeeld gebleken dat een rotsblok van 49 kubieke meter met een gewicht van 112 ton in 1557 in vier weken tijd van de groeve naar de Verboden Stad werd verplaatst. Hoe de Chinezen hierin destijds zijn geslaagd, is dan ook voer voor speculatie.

Dikke boomstammen

Al in de 4e eeuw voor Christus kenden de Chinezen het wiel. Toch is het onmogelijk dat ze de rotsblokken via karren of andere voertuigen met wielen hebben vervoerd. In de 16e eeuw konden karren geen ladingen groter dan zo'n 86 ton torsen.

De Amerikaanse wetenschappers besloten daarom een andere piste verder te onderzoeken die in het verleden al summier door enkele historici is geopperd. Zij suggereerden dat de stenen tijdens de winter in houten sleeën of over houten rollers over het ijs werden versleept.

In de praktijk houdt deze theorie minder steek. Om dergelijke blokken te verslepen, zijn dikke boomstammen nodig. Die zijn moeilijk wendbaar op kronkelige wegen. Bovendien was de ondergrond meestal allesbehalve egaal. Volgens de onderzoekers zouden minstens 330 mannen nodig zijn geweest om één rotsblok op deze manier te verplaatsen.

Waterfilm als "glijmiddel"

Echter: uit het onderzoek is gebleken dat slechts 50 mannen nodig zijn wanneer een dergelijke rotsblok over een zogenoemde "ijssnelweg" wordt versleept waarbij een waterfilm als "glijmiddel" wordt gebruikt. Dat staat te lezen in het wetenschappelijke tijdschrift Proceedings of the National Academy of Sciences.

Andere specialisten plaatsen vraagtekens bij deze stelling. Zo is de theorie niet toepasbaar op andere plekken in de wereld waar eveneens kolossale blokken over lange afstanden zijn versleept, maar waar winters niet koud genoeg zijn om "ijssnelwegen" aan te leggen.

Een wetenschapper aan de universiteit van Lyon meent dan weer dat de Amerikaanse onderzoekers het aantal mensen onderschatten die nodig zijn om een rotsblok over een "ijssnelweg" te verplaatsen. "De inspanning nodig om een rotsblok vanuit stilstand in beweging te krijgen, is bijvoorbeeld veel groter dan de inspanning nodig om het blok in beweging te houden", zegt Thomas Mathia. Hij voegt eraan toe dat de theorie bovendien enkel steek houdt op perfect horizontale oppervlaktes. "Zodra een rotsblok een helling van 10 graden moet worden opgetrokken, zouden nog eens 270 mensen nodig zijn."