"Fiscale cadeaus vergroten de werkgelegenheid niet"

In 2012 hebben de 1.000 meest winstgevende bedrijven in België gemiddeld 6,17% belastingen betaald. Dat blijkt uit een studie van de PVDA. Tegelijk schrapten ze volgens de partij 19.646 voltijdse jobs. "De regering geeft bedrijven fiscale cadeaus met het argument dat die de werkgelegenheid stimuleren, maar niks is minder waar", stelt de studie.

Voor het vierde jaar op rij heeft de PVDA een studie gepubliceerd over de belastingen die de bedrijven in ons land betalen. Daarbij maakt de partij 3 ranglijsten. Ze bekijkt eerst en vooral het gemiddelde belastingtarief dat de 1.000 meest winstgevende bedrijven hebben betaald. Hetzelfde doet ze met de 50 bedrijven die de meeste fiscale kortingen kregen. Ten slotte maakt ze die oefening nog eens met de 20 bedrijven die de meeste notionele intresten hebben afgetrokken.

Volgens de studie maakten de 1.000 meest winstgevende bedrijven in 2012 allemaal samen 50 miljard euro winst. Daarop betaalden ze 3,1 miljard euro belastingen. Dat brengt het gemiddelde tarief op 6,17%. In 2011 was dat 5,09%, het jaar daarvoor 5,73%. 

"Als argument om die lage belastingtarieven te rechtvaardigen, wordt vaak aangehaald dat ze de werkgelegenheid stimuleren", zegt de studie hierover. "Als we kijken naar de evolutie van het aantal jobs in die 1.000 bedrijven, dan stellen we vast dat het aantal effectieven tussen 2011 en 2012 met 7% is gedaald. Het totale volume daalde van 287.832 naar 268.186 voltijdse equivalenten."

9,37 miljard euro korting

De 50 bedrijven die de meeste fiscale kortingen kregen, betaalden in 2012 gemiddeld 2,65% belastingen. Vorig jaar was dat 2,63%. In 2010 lag het percentage op 1,78.

Ter vergelijking: het normale tarief bedraagt 33,99%. Dat betekent dat deze bedrijven vorig jaar een korting van 9,37 miljard euro hebben gekregen. Dat is volgens de PVDA bijna evenveel als het geld dat de vennootschapsbelasting jaarlijks opbrengt.

Sommige bedrijven uit de top 50 slaagden erin hun belastingen tot quasi nul te herleiden. Zo maakte een onderneming als AB Inbev België vorig jaar net geen 6 miljard euro winst. Dankzij allerlei kortingen werd daarop slechts 26.000 euro belasting betaald. Opmerkelijk: maandag kondigde de brouwer nog aan dat de prijs van een pint vanaf februari de hoogte ingaat.

Notionele intrestaftrek

De 20 bedrijven die vorig jaar de grootste notionele intrestaftrek optekenden, deden dat voor een totaal van bijna 4,4 miljard euro. Dat leverde hen een belastingvoordeel van ongeveer 1,5 miljard euro op. Op die manier betaalden ze gemiddeld 5,45% belastingen.

Volgens de PVDA telt de top 20 slechts 3 industriële bedrijven die van de notionele intresten profiteren dankzij hun eigen middelen, wat het oorspronkelijke opzet van het systeem was. Opmerkelijk: de 17 andere bedrijven in de lijst hebben gemiddeld slechts 25 voltijdse personeelsleden in dienst.

Uit een vergelijking in De Standaard blijkt wel dat grote bedrijven minder dan vroeger van de notionele intrestaftrek gebruik maken. Dat geldt bijvoorbeeld voor ArcelorMittal Finance and Service Belgium (AFSB). Volgens de PVDA komt dit doordat AFSB door de Bijzonder Belastinginspectie op de vingers is getikt omdat het bedrijf ten onrechte van de maatregelen gebruik zou hebben gemaakt.