China opnieuw opgeschrikt door aanslag

In Taiyuan in de Chinese provincie Shanxi zijn vanmorgen vroeg een reeks bommen ontploft in de buurt van het lokale hoofdkwartier van de communistische partij. Daarbij is één dode gevallen. Acht anderen raakten gewond. De aanslag volgt één week na het dodelijke incident op het Tiananmenplein in Peking.

De bommen ontploften rond 7.40 uur lokale tijd in de buurt van het hoofdkwartier van de communistische partij in de stad Taiyuan. "Verschillende bommen gingen af", laat de politie van de provincie Shanxi op een microblogsite weten. "De provinciale leiders zijn meteen ter plaatse gekomen. De politie onderzoekt de zaak."

Agenten hebben naar verluidt stalen ballen, elektrische bedrading en ontvlambare materialen op de plaats van de ontploffing gevonden. Volgens de Chinese staatstelevisie zaten de bommen in bloembakken langs de kant van de weg verstopt. Getuigen maken evenwel gewag van een bestelwagen die de lucht in ging.

De aanslag kostte aan één iemand het leven. Acht anderen raakten gewond. Eén van hen zou er erg aan toe zijn.

Het is nog onduidelijk wie voor de aanslag verantwoordelijk is. Mogelijk zijn de bommen het werk van misnoegde burgers. In het verleden hebben Chinezen die zich door de overheid onrechtvaardig behandeld voelen al wel vaker partij- of overheidsinstellingen aangevallen.

Shanxi staat bekend als een provincie waar veel steenkool wordt gewonnen. Dit heeft de eigenaars van de mijnen fortuinen opgeleverd, maar de lokale bevolking leeft veelal in armoede.

De aanval van vanmorgen kwam er nauwelijks een week na het dodelijke incident op het Tainanmenplein in Peking. Een auto geladen met jerrycans vol benzine reed toen in op enkele voetgangers. De wagen brandde volledig uit. Vijf mensen kwamen om het leven.