Hoge hoop in China

In Peking begint morgen het "Derde Plenum van het Centraal Comité van de Communistische Partij". In de Chinese pers worden er hoogdravende woorden gebruikt om het belang van de bijeenkomst te omschrijven: er staan "ongeziene hervormingen" op het programma, de maatregelen zullen "alomvattend" zijn. Ook bij sommige westerse analisten zijn de verwachtingen hooggespannen.
analyse
Analyse
Aansturen van de 'analyse' teaser o.a. op de home pagina en 'analyse' weergave op een detail artikel. Deze tag zorgt er ook voor het automatisch aanvullen van de 'analyse' overzichtspagina

De Chinese economie heeft zeker nieuwe impulsen nodig. Na jaren van ongebreidelde economische groei sputtert de machine. Daar zit de wereldwijde financiële crisis zeker voor iets tussen, maar de obsessie van de Chinese leiders om de economie te stimuleren door grootscheepse investeringen en infrastructuurwerken hebben veel steden aan de rand van het faillissement gebracht.

Ook de enorme afhankelijkheid van de export is geen gezonde basis voor een gestage groei, zo is de voorbije jaren gebleken. De nieuwe leiders willen de focus daarom verleggen naar de binnenlandse consumptie als motor voor verdere economische ontwikkeling. Maar daarvoor is vertrouwen van de bevolking nodig, en ook een groeiende middenklasse en een minder grote kloof tussen arm en rijk. Structurele hervormingen zijn dus vereist.

Minder 'staat', meer concurrentie

Wat er preciés op het plenum zal worden beslist blijft giswerk, maar de voorbije maanden zijn er wel tekenen die aangeven in welke richting de hervormingen zullen gaan. Algemeen is het de bedoeling dat de invloed van de staat in de economie wordt teruggedrongen. Staatsbedrijven genieten traditioneel nog altijd van heel wat voordelen tegenover de privésector (onder meer via goedkope leningen) en in bepaalde sectoren zoals olie, telecom of de bankwereld hebben ze zelfs een monopolie.

Om de concurrentie eerlijker te maken en de marktmechanismen beter te laten spelen zou er op dat vlak dus flink wat moeten worden bijgeschaafd. In de eerste plaats zijn er maatregelen nodig om ondernemen makkelijker te maken, zonder al te veel bureaucratische rompslomp.

Werk in eigen streek?

Er wordt verwacht dat ook het omstreden hukou-systeem zal worden hervormd. Een hukou is een soort verblijfsregistratie voor de inwoners – meestal in hun geboorteplaats – waarmee ze kunnen genieten van sociale rechten zoals gezondheidszorg en onderwijs voor hun kinderen, maar alléén op de plaats waar ze geregistreerd zijn. Dat is een groot probleem voor de miljoenen Chinese migratiearbeiders die jarenlang werken in steden waar ze geen toegang hebben tot levensnoodzakelijke sociale voorzieningen.

Van een afschaffing van het systeem is wellicht geen sprake, maar alles wijst wel in de richting van aanpassingen. Dat is nodig om de huidige migratiearbeiders een beter leven te geven – en zo de consumptie aan te zwengelen en de sociale vrede te bewaren – maar ook omdat de Chinese overheid de komende jaren nog eens miljoenen méér werknemers van het platteland nodig heeft om in de steden te komen werken.

Ambitieus

Er zal op het plenum ongetwijfeld ook weer worden gepraat over de corruptie, het houtrot van de Chinese samenleving. De strijd daartegen is een van de stokpaardjes van de nieuwe leiders. Dat bleek eerder ook al tijdens het partijcongres van vorig jaar en op de zitting van het Volkscongres (parlement) afgelopen lente. Er werd intussen een flink gemediatiseerde anticorruptiecampagne op gang getrokken. Maar de resultaten zijn tot nu toe niet spectaculair, het probleem blijft overal voortwoekeren. En dat heeft natuurlijk ook zijn invloed op de economie en op het vertrouwen van de burgers in het politieke en economische establishment.

Een hervormingsgezinde think tank van de Chinese regering heeft een ambitieus hervormingsprogramma uitgewerkt dat als leidraad kan dienen voor de discussies op het plenum. Naar goede Chinese traditie draagt het plan cijfers in zijn titel: 383, of 3 hervormingen (van de markt, de overheid en de bedrijven), 8 sleuteldomeinen (onder meer administratieve vereenvoudiging, landhervorming, innovatie) en een trio van verwezenlijkingen, bijvoorbeeld in de sociale zekerheid.

Als dit plan als dusdanig zou worden goedgekeurd, dan kan ongetwijfeld de term ‘diepgaande hervormingen’ worden gebruikt. Maar binnen de partij heb je zowel hervormers als conservatieven (de hardleerse communisten). Die laatsten zullen allerminst geneigd zijn om nog meer drastische stappen in de richting van een vrije markteconomie goed te keuren. Het is dus uitkijken hoe het zit met de krachtsverhoudingen onder de nieuwe leiders.

Kordaat voorzichtig

Veel waarnemers gaan uit van kordate maar tegelijk voorzichtige beslissingen. Geen economische revolutie, dat zeker niet. Radicale – en dus moeilijk controleerbare – experimenten zijn iets waar de huidige leiders van gruwen. En diepgaande politieke veranderingen moeten al helemaal niet worden verwacht. Een vrijere pers, een vrijer internet, meer soepelheid inzake meningsuiting, dat is allemaal niet voor vandaag. Het voorbije jaar, onder de nieuwe leiders, lijkt er zelfs een terugval op het vlak van de vrijheden. Partij en staat willen hun grip op het maatschappelijk denken kennelijk niet lossen.