"Libië staat weer op rand van burgeroorlog"

De inwoners van Tripoli hebben het stilaan gehad met de milities in de hoofdstad. Het bloedbad van vorige vrijdag is voor velen de druppel, maar de regering lijkt niet bij machte om de spiraal van geweld te stoppen.

Een auto-ongeval op de Omar Moktharlaan in het centrum van Tripoli. Er is enkel blikschade, maar in enkele seconden tijd is het wrak omsingeld door een groep omstanders.

"Van verzekeringsmaatschappijen is er geen sprake in Libië", zegt Mansur, een dertigjarige installateur van schotelantennes. 

"Iedereen heeft hier een pistool in zijn handschoenkastje zitten. Dus bij een ongeval zijn er twee opties: je kan rustig terug in je auto stappen en wegrijden. Of je kan een broer of neef bellen die lid is van een militie, om je ter hulp te snellen met zwaar geschut."

48 doden

In Libië bestaan de politie en het leger enkel op papier. Het zijn de rebellengroepen die Moeammar Khadafi van de macht hebben verdreven, die nu de plak zwaaien. Die milities behartigen lokale of zelfs individuele belangen. De regering schat dat ze 250.000 man sterk zijn, maar niemand kent het exacte cijfer.

Vorige week vrijdag is er voor de Libiërs een grens overschreden. Bij een vreedzame manifestatie in Tripoli tegen de straffeloosheid van de milities vielen 48 doden en bijna 500 gewonden. Sindsdien zijn er nog protesten geweest, zoals zondag op het Algiersplein.

Abdul Hamid Najah was daar aanwezig. "Khadafi zou op dezelfde manier gereageerd hebben, maar van hem wisten we waartoe hij in staat was. Hoe is het mogelijk dat dezelfde mensen die hielpen deze dictator afzetten, ons zo behandelen? Een van mijn buren is gedood en een andere moest dringend naar Italië worden overgebracht voor verzorging", vertelt deze advocaat. Volgens hem is de "passiviteit" van de regering de belangrijkste oorzaak van de instabiliteit in Libië.

Noodtoestand

Na het geweld van vrijdag kondigde de Libische regering de noodtoestand af gedurende 48 uur. Het anders zo drukke centrum van de hoofdstad werd afgesloten, en ook de scholen en universiteiten gingen dicht.

De inwoners gebruiken tekstberichtjes om elkaar te waarschuwen. 'Milities vechten in het oosten van Tripoli, het is beter om de ring te nemen', is zo'n typische sms.

Kemal Hassan is een van de duizenden Tunisiërs die momenteel in Tripoli werken. Hij getuigt dat hij 's avonds nooit buiten komt na zes uur, en dat hij het hotel waar hij werkt niet meer heeft verlaten sinds vrijdag. "Overal in de straten zijn er af en toe willekeurige schietpartijen. De meesten raken eraan gewend, maar ik niet."

Die willekeur beheerst het dagelijkse leven in Tripoli. Vier mannen kunnen plots uit een auto springen en aan al wie vaststaat in de ochtendfile hun "papieren" vragen. Maar zulke pesterijen zijn natuurlijk klein bier in vergelijking met het fysieke geweld.

Vluchtelingenkamp

Abu Muntalib werd zondag gedood door militieleden die een vluchtelingenkamp ten zuiden van Tripoli binnendrongen. Muftar, een vluchteling uit Tawargha, geeft zijn versie van de feiten: "Een groep mannen arriveerde hier vrijdagnacht in een auto met een Misrata-sticker op de voorruit. De volgende dag kwamen er vier terug om hun geweren op ons te richten. Balans: een dode en twee gewonden."

Vandaag is Tawargha een spookstad. Khadaffi had er op het eind zijn hoofdkwartier gevestigd, tijdens de belegering van de rebellenenclave nabij Misrata. Nu zijn ontheemde gezinnen uit Tawargha het mikpunt van milities uit Misrata.

"We durven niet naar buiten, maar zoals je kan zien kunnen we zelfs in het kamp worden aangevallen", vertelt de twintigjarige Yousef Mohamed, een andere vluchteling die herstelt van een schotwonde in zijn linkerbeen.

Burgeroorlog

Ook anderen klagen de onveiligheid in hun land aan. Wail Brahimi was een uitgeweken Libiër die tijdens de revolutie is teruggekeerd "om zijn land te helpen heropbouwen". Nu overweegt de advocaat, die gestudeerd heeft aan de Londense universiteit, om terug te keren naar het Verenigd Koninkrijk.

"We hebben een nieuwe oorlog kunnen vermijden door een fragiel evenwichtig tussen de milities, maar we beseffen dat dit niet lang meer kan duren. Misschien staan we zelfs op de rand van de burgeroorlog sinds de incidenten van vrijdag."