Abraham Lincoln: Gettysburg Address

De originele tekst:

Four score and seven years ago our fathers brought forth upon this continent a new nation, conceived in liberty and dedicated to the proposition that all men are created equal.

Now we are engaged in a great civil war, testing whether that nation, or any nation so conceived and so dedicated, can long endure. We are met on a great battlefield of that war. We have come to dedicate a portion of that field as a final resting place for those who here gave their lives that that nation might live. It is altogether fitting and proper that we should do this.

But in a larger sense, we cannot dedicate, we cannot consecrate, we cannot hallow this ground. The brave men, living and dead, who struggled here, have consecrated it far above our poor power to add or detract.

The world will little note, nor long remember, what we say here, but it can never forget what they did here. It is for us, the living, rather, to be dedicated here to the unfinished work which they who fought here, have thus far so nobly advanced. It is rather for us to be here dedicated to the great task remaining before us, that from these honored dead we take increased devotion to that cause for which they gave the last full measure of devotion; that we here highly resolve that these dead shall not have died in vain; that this nation, under God, shall have a new birth of freedom, and that government of the people, by the people, for the people, shall not perish from the earth.

In het Nederlands:

Zevenentachtig jaar geleden brachten onze vaders op dit continent een nieuwe natie voort, ontstaan in vrijheid en toegewijd aan het beginsel dat alle mensen als gelijken zijn geschapen.

Nu zijn we verwikkeld in een grote burgeroorlog, die beproeft of deze natie, of elke natie zo ontstaan en toegewijd, lang stand kan houden. We zijn bijeen op een groot slagveld van die oorlog. We zijn gekomen om een deel van dat veld toe te wijden als laatste rustplaats voor hen die hier hun levens gaven opdat deze natie mocht leven. Het is al met al gepast en juist dat we dit doen.

Maar in ruimere zin kunnen wij deze grond niet toewijden, wij haar niet zegenen, wij haar niet heiligen. De dappere mannen, overlevenden en gesneuvelden, die hier streden hebben haar gezegend ver boven onze armzalige macht daaraan toe of af te doen.

De wereld zal amper opmerken, noch lang onthouden, wat wij hier zeggen, maar ze kan nooit vergeten wat zij hier deden. Het is aan ons, die leven, om ons toe te wijden aan het onvoltooide werk dat zij die hier vochten dus zo nobel hebben bespoedigd. Het is dan aan ons om ons hier toe te wijden aan de grote taak die voor ons overblijft: dat uit deze geëerde doden we een versterkte passie kunnen putten voor het doel waarvoor zij de laatste volle dosis toewijding gaven; dat we hier plechtig vastleggen dat deze doden niet vergeefs zullen zijn gestorven; dat in deze natie, onder God, een nieuwe vrijheid zal opleven; en dat bestuur van het volk, door het volk, voor het volk, niet van de aarde zal verdwijnen.