Eerherstel voor terechtgestelden WO I?

De regering heeft beslist om in te gaan op de open brief van de nabestaanden van de in verdachte omstandigheden geëxecuteerde soldaten tijdens de Eerste Wereldoorlog, en een advies te vragen aan het Raadgevend Wetenschappelijk Comité. Dat kondigde premier Elio Di Rupo aan in de bevoegde Kamercommissie, waar hij ondervraagd werd door Bercy Slegers (CD&V).

Ten laatste eind maart moet het werk van het comité afgerond zijn. Dan komen de analyse en de resultaten van deze dossiers terug bij de regering die dan een gepast initiatief zal nemen. Het comité is samengesteld uit hedendaagse historici en onderzoekers, en werd eerder in het leven geroepen door de regering in het kader van 100 jaar Wereldoorlog I.

"Na een grondig wetenschappelijk onderzoek en analyse van de dossiers, moet de overheid excuses aanbieden aan de nabestaanden van deze soldaten die onterecht werden geëxecuteerd", vindt Slegers. Ze wijst er op dat in sommige landen reeds postuum gratie verleend is aan de in verdachte omstandigheden terechtgestelde soldaten uit Wereldoorlog I.

Zo is er het voorbeeld van Nieuw-Zeeland (2000), Groot-Brittannië (2005) en Ierland (2006). In Canada (2001) bracht het parlement excuses uit en in het kader van de eeuwherdenking staat ook een gratiemaatregel in Frankrijk hoog op de agenda.

Het CD&V-Kamerlid dringt er bij de regering op aan om snel te beslissen eens ze het advies van het comité binnengekregen heeft. "Wanneer dit in maart terug op de tafel van de regering komt, verwacht ik dat de regering onmiddellijk een passend initiatief neemt om ook deze oorlogsslachtoffers te kunnen herdenken. Reeds op 4 augustus 2014 vindt namelijk de federale herdenkingsplechtigheid plaats in Luik en eind oktober zijn er herdenkingsplechtigheden in Ieper en Nieuwpoort."