Bruxelles, waar 't Brussels thuis is - Christian Laporte

Voor alle duidelijkheid, dankzij de zeer humanistische “Walen buiten”, de geslaagde verhuiscampanje van de Vlaams-nationalisten in de jaren zestig, met onder andere, in de mooiste broederlijke geest van het Evangelie, een groot aantal katholieken die hun franstalige alter-egos gewoon buiten gewipt hebben in Leuven in 1968, ben ik...een Waal geworden.

Woordje uitleg: de overheveling naar Ottignies van de UCL heeft me toegelaten in het hartje van Waals Brabant te studeren na toch nog een heel plezant jaar in Leuven zoals het liedje zegt. Met nog een grote dank nog aan de visionnaire burgemeester Yves du Monceau die het lef had een universiteit binnen te halen in zijn gemeente met alle gevolgen daaraan gekoppeld.

Ik ben daar blijven plakken want daar woonden - en wonen er nog steeds... - leuke en interessante mensen. En ook toffe meisjes waarvan er een de helft van mijn trouwboek is geworden...

Dit allemaal om U te zeggen dat ik in feite een Brusselaar ben! Ik heb het daglicht in Elsene ontdekt niet ver van het mythische Flageyplein dat in in die tijd nog de bakermat van de NIR-INR was, de voorloper van de VRT. Men zei toen dat deze gemeente een “oasis francophone” was. De Vlamingen waren daar blijkbaar niet echt thuis omdat ze een kleine minderheid vormden.

Eerlijk gezegd, dat lijkt sloganesk, althans vandaag merkt men dat niet meer: ook Elsene telt dynamische Vlaamse verenigingen. En ik durf hopen dat mijn Vlaamse landgenoten nu wel goed bediend worden op de gemeente!

Een ketjesspirit

Alhoewel ik gedurende mijn jeugdjaren in de Rand leefde  zonder faciliteiten maar ook zonder moeilijkheden - ik kwam uit een perfect tweetalig nest wat me toeliet mijn studiejaren in de twee landstalen te krijgen - vertoefde ik vooral in Brussel.

Het was toen “le Bruxelles du FDF” maar gelukkig bleef een zekere Brusselse ketjesspirit overleven zowel in het Frans, als in 't Vloms. En ik ben steeds een “aficionado” gebleven niet alleen van de twee “parlers” maar ook van een Brusselse levensbeschouwing, een "goût de vivre". Brussel Men relativeert alles een beetje maar staat - als het moet - op zijn strepen, zonder de dikkenek uit te hangen...

Ik ben dus erelid zowel van de Franstalige als van de Nederlandstalige Academie van en voor het Brussels...Indien ik U dit allemaal nu toevertrouw is het natuurlijk niet toevallig: "De week van 't Brussels” loopt en het programma loont de moeite met als apotheose een theatrale 'verbrusseling' van “L'emmerdeur” de film van Francis Veber waar Lino Ventura moest leren leven met een echt onverdraagbare Jacques Brel.

Daarnaast zijn er een aantal andere culturele ontmoetingen voorzien, tot en met een prestatie van “de Fanfaar” die absoluut niet het muzikaal ensemble is aan wie u zou denken maar een moderne hardrockband...waarvan de muzikanten jonge toffe Brusselse gasten zijn.

Een vaststelling: in zulke omgeving voel ik me dikwijls meer op mijn gemak dan in sommige “chique milieus” van de mooiste wijken “où on se la pète” zoals het Frans het soms heel raar verwoordt. Ik zou dus aan al mijn Vlaamse maar ook aan mijn franstalige vrienden willen aanraden een Brussels taalbad te nemen in de volgende dagen en weken.

Terug echte zinnekes

En eerst en vooral aan onze N-VA-medeburgers. Want indien ze zich een beetje meer echt bezighielden met hun taalgenoten uit de hoofdstad, zouden ze misschien vlugger bewust worden van de stommiteit om van deze stad/dit gewest een soort confederaal distrikt te maken waar de burgers een taalvoorkeur zouden moeten bekennen.

En dus voor een subnationaliteit – brrr... - kiezen. Brusselaars zijn terug meer en meer echte zinnekes van allerlei afkomsten. Brussel is niet langer een overwegende exclusieve Franstalige stad en zal ook nooit een echte Vlaamse stad zijn.

De Brusselse moedertaal

De recentste studies toonden het aan: een derde van de huidige Brusselaars is noch eerst Franstalig, nog eerst Nederlandstalig en bij de volgende verkiezingen zou men echte verrassingen kunnen waarnemen want weinig neo-Brusselaars zijn taalfanaten. Meer nog, sommigen proberen ook de lokale dialecten te spreken met een aardig oosters of zuidelijk geurtje.

Op het moment dat de Brusselse politieke partijen zowel F als N hun lijsten aaneen aan het timmeren zou, zou het niet misplaatst zijn even na te denken over deze nieuwe regionale realiteiten...

Des te meer omdat vier jaar geleden de Staten Generaal van Brussel ook tot de conclusie kwamen dat het hoofdstedelijk gewest fel aan het veranderen is. Maar ja politici luisteren zelden naar de burgers buiten de verkiezingsperiodes. En indien u en ik dat eens wilden doen veranderen?

(De auteur is politiek kommentator bij de Libre Belgique.)

lees ook