Over Ieren die vliegen naar Brussel - Steven Decraene

De beslissing van de lagekostenmaatschappij Ryanair om vanaf eind februari 10 nieuwe routes te lanceren vanuit de luchthaven van Zaventem zet de Belgische luchtvaartwereld op haar kop. Plotseling is de Ierse prijsvechter bereid de sterk gesubsidieerde luchthaven van Charleroi te verlaten om toch maar meer passagiers aan te trekken. “Onze strategie evolueert,” zegt de CEO van Ryanair, maar in feite geeft hij toe dat zijn maatschappij op regionale luchthavens nog moeilijk kan groeien. Uitwijken is dus de boodschap.
analyse
Analyse
Aansturen van de 'analyse' teaser o.a. op de home pagina en 'analyse' weergave op een detail artikel. Deze tag zorgt er ook voor het automatisch aanvullen van de 'analyse' overzichtspagina

Michael O’Leary is veranderd. Grijzer en misschien wijzer. De flamboyante topman van de Ierse lagekostenmaatschappij Ryanair blijft wel graag tegen schenen schoppen, houdt zich nog altijd aan weinig conventies, maar lijkt toch wat milder geworden. Je hoort op zijn persconferenties minder scheldwoorden of onzinnige tirades. Zijn uithalen zijn meer gedoseerd, zonder daarom aan kracht te verliezen.

O’Leary beseft gewoon dat het verhaal van de underdog geen steek meer houdt. Ryanair is niet meer het kleine broertje, maar met zijn 81 miljoen passagiers per jaar ruim de grootste luchtvaartmaatschappij in Europa. Een underdog die blaft, is sympathiek. Maar wie de grootste is, heeft andere zorgen dan jammeren over pesterijen van de concurrentie, hij wil alleen maar de grootste blijven.

De voormalige boekhouder van Mr. Ryans kleine luchtvaartmaatschappij ontketende vanaf eind jaren negentig een kleine revolutie in de Europese luchtvaart. Als geen ander kende O’Leary de macht van het getal. Vele kleintjes maken groot. Door op die kleintjes te letten, goed te besparen en een groot aanbod goedkope vluchten aan te bieden, kon Ryanair groeien als geen ander. Voor 30 euro heen en terug naar Italië, wie wou het niet…

AP2012

Groeien om te overleven

Het business-model van Ryanair is gebaseerd op groei. Hoe meer passagiers er zijn, hoe meer winst je kan maken. Als je daarnaast een vliegtuig efficiënter inzet dan de concurrentie en voor de afhandeling op de regionale luchthavens subsidies krijgt van lokale overheden, ben je snel de grootste in luchtvaartland.

Maar ondertussen heeft iedereen wel eens goedkoop gevlogen en ook de keerzijde van de medaille ontdekt. Extra kosten voor bagage, geen compensatie voor gemiste vluchten, allemaal elementen die sommige reizigers deden terugkeren naar traditionele maatschappijen die hun business-model ondertussen bijgesteld hadden. Bovendien staat de subsidie-politiek van regionale overheden voor hun kleinere luchthavens op de helling door de Europese regelgeving die staatssteun verbiedt. Groeien in die markt, wordt moeilijk.

En dus kijkt O’Leary voor zijn groei naar primaire luchthavens zoals Zaventem, Rome, Lissabon en straks misschien ook Schiphol Amsterdam. Hij moet toegeven dat concurrenten zoals EasyJet en Vueling die al langer vanaf grotere luchthavens vliegen ook succes hebben. En O’Leary ziet zelfs dat die concurrenten stilaan marktaandeel inpikken van zijn eigen operaties. Geen toeval dat Ryanair vanaf Zaventem dezelfde bestemmingen aanbiedt die de Spaanse lagekostenmaatschappij Vueling een maand eerder ook al aankondigde.

AP2013

Kannibalisme in de lucht

In september 2014 krijgt Ryanair trouwens de eerste levering van een reeks nieuwe vliegtuigen. In totaal kochten de Ieren 175 nieuwe toestellen en die moeten allemaal gevuld worden, O’Leary wil tegen 2019 jaarlijks 110 miljoen passagiers vervoeren. Alle hens aan dek dus. En als je geen nieuwe passagiers meer kan aantrekken, moet je de klanten van andere maatschappijen maar afpakken. Dat kan bijvoorbeeld in Rome en Zaventem want de respectievelijke homecarriers Alitalia en Brussels Airlines staan financieel zwak en overleven geen lange concurrentieslag tegen een prijsvechter met een grote oorlogskas.

Die strategische herpositie van Ryanair in navolging van andere lagekostenmaatschappijen die al op primaire luchthavens vliegen (zoals EasyJet, Vueling en Air Berlin), leidt tot een overaanbod op bepaalde routes. Zo lijkt het wel alsof alle vliegtuigen vanuit Brussel binnenkort naar de Italiaanse hoofdstad Rome zullen vliegen. Wie straks een citytrip naar de eeuwige stad boekt, kan met maar liefst vier luchtvaartmaatschappijen vanuit Zaventem vliegen: Brussels Airlines, Alitalia, Vueling en nu ook Ryanair. Een aanbod van ongeveer 1.200 stoelen per dag op een bestemming die het misschien met de helft van het aantal passagiers kan doen.

Er zullen met andere woorden slachtoffers vallen in de lucht. De ene maatschappij zal de andere overvleugelen, oppeuzelen. Kannibalisme als gevolg van een ongezonde situatie. Wie valt eerst uit de lucht: de Italianen, de Belgen, de Spanjaarden of toch de Ieren. The bets are on…

Als journalist gok ik liever niet, maar één ding is zeker: Brussels Airlines zal meer nog dan Alitalia en Vueling zijn huid duur verkopen. Als home-carrier is het voor hen een kwestie van overleven. En bij monde van hun voorzitter Etienne Davignon liet Brussels Airlines weten te zullen vechten met alle middelen. “We gaan in de clinch,” zei de tachtiger. Davignon is dan misschien minder kwiek en vuilgebekt dan O’Leary, de Brusselaar beschikt wel over een lange adem.

Steven Decraene is journalist bij "Terzake" en volgt de inernationale luchtvaartsector.