"ACW-uitspraak kan precedent worden"

De uitspraak van de BBI over de belastingaangifte van de ACW-vennootschap Sociaal Engagement geeft aan dat er geen sprake is van fraude. Dat zegt Rik Van Cauwelaert in "Terzake". Maar de uitspraak zou wel een belangrijk precedent kunnen vormen voor zelfstandigen die een gelijkaardige vennootschap hebben.

De Bijzondere Belastinginspectie heeft beslist dat Sociaal Engagement van 2010 tot 2012 niet onder het stelsel van de vennootschapsbelasting viel, maar onder dat van de rechtspersonenbelasting. Dat wil zeggen dat het een onroerende voorheffing moet betalen op de inkomsten van de winstbewijzen die het van Dexia kreeg,  plus een boete van 30 procent. Goed voor een bedrag van 9,5 miljoen euro.

"Uit die uitspraak kan je afleiden dat er geen sprake is geweest van fraude", zegt Van Cauwelaert. "Dat wordt ook aangetoond door het feit dat ze maar drie jaar teruggaan. Bij fraude, zeggen specialisten mij, was men minstens vijf jaar teruggegaan en zou de aanslag  veel hoger zijn geweest", aldus Van Cauwelaert.

"Voor fiscalisten en advocaten is dit een bijzonder boeiende uitspraak, dat heb ik al gehoord", zegt Van Cauwelaert. "Als men dit gaat uitvoeren (nvdr rechtspersonenbelasting in plaats van venoorschapsbelasting) voor een aantal zelfstandigen, die op deze manier vennootschappen hebben, dan denk ik dat de fiscus nog veel werk gaat hebben de volgende jaren. Dit is een heel belangrijk precedent".

Van het strafrechtelijke onderzoek verwacht Van Cauwelaert niet veel meer. "Nadat de BBI gezegd heeft dat er geen sprake is van fraude, zie ik niet in dat het parket zou zeggen dat er wel sprake is van fraude". Volgens de bronnen van Van Cauwelaert is er in dat strafrechtelijk onderzoek trouwens nog niet veel gebeurd.