Drie Indiase blauwhelmen gedood in Zuid-Soedan

In Zuid-Soedan zijn drie Indiase blauwhelmen gedood. Gewapende militiegroepen drongen hun kamp binnen. Bij het geweld dat daarop ontstond, vielen drie doden. De Verenigde Staten hebben een klein contingent soldaten gestuurd. Volgens president Barack Obama staat het Afrikaanse land op de rand van een burgeroorlog.

Eerder op de dag hadden gewapende jongeren een VN-kamp in de staat Jonglei aangevallen. Het is niet duidelijk hoeveel slachtoffers daarbij gevallen zijn.

De Amerikaanse president Barack Obama heeft een klein militair contingent van 45 soldaten naar Zuid-Soedan gestuurd. Hoewel dat volledig uitgerust is om eventueel de wapens op te nemen, is het vooral de bedoeling om de Amerikaanse staatsburgers te beschermen. De militairen zullen ter plekke blijven tot de veiligheid er zich hersteld heeft.

"Zuid-Soedan staat op de rand van de afgrond", zei Obama in een verklaring. "Het recente geweld dreigt het hele land terug te katapulteren naar de donkere dagen uit het verleden." De Amerikaanse president riep de Zuid-Soedanese leiders op om moed te tonen en zich opnieuw voor vrede te engageren.

Eerder op de week had het Amerikaanse overheidspersoneel wier aanwezigheid niet cruciaal is, het bevel gekregen om het land te verlaten. De VS evacueerde woensdag 120 diplomaten en burgers. Ook nu nog worden Amerikaanse staatsburgers in veiligheid gebracht. De Britten, Duitsers, Italianen doen hetzelfde.

Etnische zuiveringen

Ook VN-secretaris-generaal Ban Ki-moon heeft nogmaals aangedrongen op een politieke dialoog. "Om dit land een toekomst te geven, moeten de huidige leiders van Zuid-Soedan al het mogelijke doen om te vermijden dat het land in de chaos verglijdt. Want dat zou een verraad zijn van alle idealen waar het in zijn lange strijd voor onafhankelijkheid voor gevochten heeft", aldus Ban.

Nadat ze eerst had gezegd de situatie volledig onder in handen te hebben, moest de regering van Zuid-Soedan gisteren toegeven dat ze geen controle meer heeft over de strategische stad Bor, de hoofdplaats van de staat Jonglei. "De situatie in Bor kan het best omschreven worden als gespannen en fragiel. Als ze niet in bedwang kan worden gehouden dan staat de deur open voor etnische zuiveringen", stelde een lid van de regering in Keniaanse hoofdstad Nairobi.

De verschillende etnische groepen in Zuid-Soedan leven al decennialang in onmin. Maar tot voor enkele jaren waren ze min of meer verenigd in hun haat tegen het regime in Khartoem, de vroegere hoofdstad van Soedan. Sinds de onafhankelijkheid van Zuid-Soedan zijn ze zich steeds meer op elkaar gaan richten.

500 doden, 20.000 ontheemden

De situatie in Zuid-Soedan escaleerde zondag toen de presidentiële garde uiteenviel. Lijfwachten van de Dinka-stam (waartoe ook president Salva Kiir behoort) probeerden hun collega's van de Nuer-minderheid te ontwapenen. Het geweld dat zo in de hoofdstad Juba ontstond, verspreidde zich vervolgens over de rest van het land.

Volgens Kiir werd het geweld uitgelokt door een poging tot staatsgreep van de verdreven vicepresident Riek Machar, zelf een etnische Nuer. Machar heeft toegegeven dat hij Kiir niet meer wil als president maar ontkent dat hij een staatsgreep plande.

Volgens de VN hebben gevechten in de hoofdstad Juba sinds dinsdag tussen de 400 en 500 doden en 800 gewonden geëist. Tussen 15.000 en 20.000 mensen hebben een toevlucht gezocht in basissen van de VN in Zuid-Soedan. Internationale organisaties vrezen voor een burgeroorlog tussen de Dinka en de Nuer.