De Chinese droom - Stefan Blommaert

De Chinese droom is jouw droom. De slogan hangt overal, bij scholen en fabrieken, in dorpen, over het hele land. Het is een oneliner die het toekomstgerichte beleid van de nieuwe partijleider en president Xi Jinping moet samenvatten.
analyse
Analyse
Aansturen van de 'analyse' teaser o.a. op de home pagina en 'analyse' weergave op een detail artikel. Deze tag zorgt er ook voor het automatisch aanvullen van de 'analyse' overzichtspagina

Xi lanceerde ‘de Chinese droom’ in november van vorig jaar nadat hij op het vijfjaarlijkse communistische partijcongres was verkozen tot nieuwe voorzitter. De Chinese samenleving moet worden gereactiveerd en verjongd, zo luidde de boodschap. En die boodschap is in 2013 bepalend en alomtegenwoordig geworden in China.

Beleid verwoord in een kernachtige slogan, het is iets waarmee zowat alle Chinese leiders de voorbije decennia uitpakten. De vorige president Hu Jintao had het – ietwat droger – over een ‘harmonieuze samenleving’ en de ‘wetenschappelijke ontwikkeling’ van China, wat stond voor gestage en duurzame groei onderbouwd door academisch onderzoek. Zijn voorganger Jiang Zemin hanteerde de schimmige term ‘de drie vertegenwoordigingen’, waarmee bedoeld werd dat de partij alle geledingen van de maatschappij moest vertegenwoordigen, en op alle vlakken leiding moet geven.

Incontournalble

De Chinese droom. Het doet onwillekeurig denken aan de Amerikaanse droom. Het entrepreneurschap en de werklust die de maatschappij vooruit stuwen. The sky is the limit. Raakvlakken zijn er zeker met de manier waarop China zich zonder omkijken op de gouden toekomst stort. Maar het gaat er vooral om dat China opnieuw een ‘grote natie’ moet worden, zoals ooit in het verleden. Zonder binnen- en buitenlandse vernederingen te moeten slikken, zo interpreteren veel Chinezen het. En precies dat streven naar grootsheid is iets waarmee de nieuwe leiders zich in 2013 druk mee hebben beziggehouden. Met soms een flinke dosis arrogantie.

China is inderdaad incontournable geworden. De tijd dat het land de les kon worden gelezen lijkt voorbij. Getuige de recente passage in Peking van de Britse premier Cameron, die verkoos om de kwestie Tibet te laten rusten ten voordele van de vele businessdeals. Of de succesvolle maanlanding van de Chang’e 3, die de Chinese ruimtevaart definitief geloofwaardigheid en ongebreideld zelfvertrouwen gaf. En natuurlijk is er de militaire ontwikkeling van China, waarover steeds meer landen in de regio verontrust raken. Japan in de eerste plaats natuurlijk. Het conflict rond de Diaoyu/Senkaku-eilanden zal ongetwijfeld ook in 2014 de Aziatische agenda blijven beheersen.

Onrust

De Chinese droom, dat betekent economische en sociale vooruitgang, het streven naar een ‘gematigd ontwikkelde maatschappij’ tegen 2020, en het bereiken van een volledige ontwikkeling een paar decennia later. Het betekent een flinke dosis nationalisme, en dat blijft niet beperkt tot de spanningen rond de Zuid-Chinese Zee. Ook inzake interne conflicten is Peking niet van plan om veel toegevingen te doen: of het nu gaat om Tibet of Xingjiang (met zijn islamitische Oejgoerengemeenschap), het adagium “wij zorgen voor ontwikkeling, jullie houden je mond” blijft meer dan ooit gelden.

De Chinese droom, het heeft ook te maken met economische groei gebaseerd op duurzaamheid. Op dat vlak beseffen de nieuwe leiders dat ze absoluut drastische maatregelen moeten nemen. Al was het maar omdat pollutie het land naar schatting zowat 80 miljard euro per jaar kost. Maar ook, omdat de inwoners van de grote steden – en meer en meer ook van kleinere entiteiten – het beu zijn om met het hoofd in de smog te moeten lopen. Milieuvervuiling, en vooral luchtverontreiniging, is maatschappelijk niet meer aanvaardbaar. Sociale onrust duikt steevast op als er weer eens plannen opduiken voor een vervuilende fabriek her of der. En onrust, dat is nu precies wat de communistische autoriteiten kunnen missen als kiespijn. Dus werd milieubescherming ook voor de nieuwe machthebbers een geliefkoosd thema.

Niet onderschatten

Niet dat de lucht er minder grijs door wordt. Ongetwijfeld zullen er in de maand januari, als het kwik zwaar onder nul daalt, weer pieken in de pollutie worden opgetekend. Want dan draaien de steenkoolcentrales die zorgen voor verwarming op volle toeren, en dan proef je buiten de zoete smaak van fossiele rook in je mond. Daar staat tegenover dat er volgend jaar opnieuw ontelbare windmolenparken en zonnepanelenvelden zullen worden gebouwd. Meer dan waar ook ter wereld.

Helaas: het lijkt soms een processie van Echternach, waarbij stappen voorwaarts niet zelden worden geneutraliseerd door even grote stappen achterwaarts. Het groeiend aantal auto’s, als gevolg van de groeiende welvaart, zitten daar voor een groot stuk tussen.

In weerwil van het negatieve imago dat China in het westen heeft, mogen de positieve evoluties van de voorbije decennia niet worden onderschat. Een land in armoede slaagde erin een groot deel van de bevolking een meer dan behoorlijk levenspeil te geven. Van een gesloten systeem dat alleen maar argwaan had tegenover de buitenwereld – zowel tegenover het westen als tegenover gelijkgestemde communistische regimes – evolueerde het tot een mogendheid die een naar eigen zeggen constructieve rol wil spelen op het wereldtoneel.

Een kwart eeuw

Alleen, op politiek vlak maakt China nauwelijks vorderingen. Hervormingen blijven cosmetisch, of blijven helemaal uit. Democratisering is hier een leeg begrip, zelfs op lokaal vlak trappelen schaarse experimenten ter plaatse. Van persvrijheid is geen sprake, en hoewel het internet voor een potentieel aan bruisende vrije meningsuiting zorgt, wordt het gecontroleerd, gecensureerd en gecorrigeerd. Niets dat erop wijst dat daar in 2014 verandering in zal komen. Integendeel, in het afgelopen jaar hebben de autoriteiten een campagne gelanceerd die niets minder op het oog heeft dan een nog grotere greep op cyberspace.

Op 4 juni 2014 zal het een kwart eeuw geleden zijn dat het protest op het Tiananmenplein bloedig werd neergeslagen. Ook dat voorspelt niet goeds voor de politieke sfeer volgend jaar. Ongetwijfeld staan de zenuwen bij de ordediensten nu al gespannen, want met zo’n symbolische verjaardag willen ze op alles voorbereid zijn. Zeker na de aanslag bij Tienanmen in november – door de autoriteiten toegeschreven aan Oejgoerse terroristen – zal niets aan het toeval worden overgelaten. Ook journalisten zullen het merken, dat is wel zeker.

Kracht van vaagheid

Maar de Chinese droom, die zal volgend jaar dus in ontelbare speeches van gezagsdragers op hoog en laag niveau worden gefêteerd. Het begrip blijft vaag, en dat is misschien ook de kracht ervan. Je kan er veel mee willen zeggen, maar het kan ook holler klinken dan een leeg olievat.

Chinezen hebben iets met vaagheid; soms is het bewuste vaagheid. Maar ze kunnen ook verbazen. Zoals ze dat de voorbije twintig jaar hebben gedaan met hun spectaculaire economische ontwikkeling. Voorspellingen doen is dus bijzonder precair, zelfs al gaat het over de nabije toekomst. Maar dat China in 2014 onveranderd boeiend zal zijn, daar durf ik mijn hand voor in het vuur steken.

(De auteur is VRT-journalist en correspondent in China)