Japanse premier bezoekt omstreden schrijn

De Japanse premier Shinzo Abe heeft donderdag een bezoek gebracht aan het omstreden Yasukuni-schrijn in Tokio. Geen enkele Japanse regeringsleider in functie had dat nog gedaan sinds Junichiro Koizumi in 2006. Een officieel Japans bezoek lokt telkens felle reacties uit van de buurlanden.
AP2013

In het Yasukuni-schrijn worden ongeveer 2 miljoen - voor het merendeel Japanse - oorlogsslachtoffers geëerd. Het schrijn is internationaal omstreden omdat er ook veertien veroordeelde oorlogsmisdadigers opgenomen zijn. Een officieel Japans bezoek lokt daarom telkens felle reacties uit, onder meer van China en Zuid-Korea.

China heeft tijdens de oorlog zwaar geleden onder de bezetting van de Japanse imperialisten (1931-1945). Zuid-Korea bewaart pijnlijke herinneringen aan de wreedheden van de keizerlijke Japanse troepen tijdens de kolonisatie (1910-1945).

De laatste keer dat een Japanse premier het Yasukuni-schrijn bezocht, was in 2006, toen Koizumi nog premier was. Tijdens zijn eerste regeerperiode in 2006-2007 onthield de huidige premier Abe zich nog van een bezoek aan Yasukuni. Nu waren de televisiecamera's massaal aanwezig om het bezoek in beeld te brengen.

De Japanse premier, die een jaar in functie is en rechtsconservatief is met nationalistische neigingen, legde het bezoek in een officiële mededeling uit als een "symbolische daad tegen de oorlog". Hij had niet de bedoeling China en Zuid-Korea voor het hoofd te stoten, luidde het.

Met die uitleg lijken China en Zuid-Korea geen genoegen te nemen. Een Chinese functionaris zei donderdag al dat het bezoek van Abe "absoluut onaanvaardbaar" is.