Amper 16% van de hoogbegaafden behaalt universitair diploma

Slechts 16% van de hoogbegaafden behaalt een universitair diploma. Over hoogbegaafdheid bestaan er heel wat misverstanden en stereotypen, terwijl de expertise over deze thematiek achterophinkt. De Universiteit Hasselt start daarom met nieuw onderzoek om zowel hoogbegaafde kinderen als volwassenen beter te kunnen helpen.
© Jakub Jirsák

Uit Nederlands onderzoek blijkt dat amper 16% van de hoogbegaafden een universitair diploma behaalt. Ook een ander cijfer liegt er niet om: de kans op een burn-out voor werknemers met een hoog IQ in niet-aangepaste omgeving ligt 30 tot 60% hoger dan bij andere werknemers. Hoewel de aandoening niet nieuw is, bestaan er nog heel wat misverstanden over. Daarom start de Universiteit Hasselt met een nieuwe onderzoeksgroep om zowel hoogbegaafde volwassenen als kinderen vanuit expertise beter te kunnen begeleiden, zo vertelt Tessa Kieboom, directeur van het Centrum voor Begaafdheidsonderzoek en gastprofessor in Hasselt.

Hoogbegaafden blijken zich vooral te storen aan de misverstanden die over hen bestaan. "Er is dringend nood aan meer kennis over de impact van hoogbegaafdheid op het dagelijkse leven. Het Nederlandse onderzoek uit 1997 is momenteel het meest recente. De praktijkervaring leert ons dat bijvoorbeeld hoogbegaafde jongeren te maken krijgen met torenhoge verwachtingen omtrent hun schoolcarrière. Toch is in de praktijk niks minder waar," aldus Kieboom in Hautekiet.

Hoogbegaafdheid bestaat natuurlijk al langer dan vandaag, maar toch lijkt het onderwerp vooral de laatste jaren wat meer aandacht te krijgen. "Wat bekend is, kom je natuurlijk vaker tegen", aldus Kieboom. Bovendien blijkt uit Oostenrijks onderzoek dat bij hoogbegaafdheid een erfelijkheidsfactor van maar liefst 45% meespeelt. Correcte kennis en recent cijfermateriaal worden in dat opzicht nog crucialer.

Nood aan aangepast onderwijs en begrip op de werkvloer

Kan aangepast onderwijs geen soelaas bieden? "De realiteit is dat het onderwijssysteem en extra studiebegeleiding meestal gericht zijn op mensen met een lager IQ en dat mensen met een hoger IQ op dat vlak uit de boot vallen", aldus Kieboom. Toch zouden 60 tot 70 % van de hoogbegaafde kinderen binnen het reguliere onderwijs geholpen kunnen worden met enkele kleine aanpassingen. "Hoogbegaafde kinderen moeten van in de lagere school al inspanningen leren doen en leren omgaan met het maken van fouten om hen beter te wapenen voor hun verdere schoolcarrière en loopbaan", meent Kieboom.

Ann Mertens, zelf hoogbegaafd, heeft een hoogbegaafde zoon. Ze ziet een duidelijk verband tussen hoogbegaafdheid en faalangst. "Je wil de perfectie doortrekken in alle domeinen van je leven. Daardoor leg je de lat voor jezelf zo hoog, dat je die bijna niet kan halen, en daaruit ontstaat faalangst. Vandaar het belang om te leren falen, zeker voor kinderen."