Tweede pensioenpijler overtreft pensioensparen

Het aantal mensen dat aangesloten is bij de tweede pensioenpijler is de voorbije 10 jaar tijd verdubbeld. De tweede pensioenpijler is het beroepsgebonden aanvullend pensioen dat werkgevers en werknemers bijeensparen. Nu is bijna de helft van de zelfstandigen en ongeveer drie kwart van de werknemers aangesloten bij de tweede pijler.

De tweede pijler van het pensioenstelsel, via verzekering of pensioenfondsen, heeft voor het eerst meer aangeslotenen dan de derde pijler, het pensioensparen. Concreet gaat het om 2,8 miljoen individuen versus 2,7 miljoen, blijkt uit het jaaroverzicht van de BVPI, de Belgische federatie van pensioeninstellingen.

De groei is vooral voor rekening van de pensioenfondsen waar zich de laatste jaren een heuse "democratisering" heeft voorgedaan, zegt BVPI-voorzitter Philip Neyt. Vooral een aantal grote sectoren zoals metaal, bouw en non-profit kozen de voorbije jaren voor het aansluiten bij een pensioenfonds. "Dit leidde in tien jaar voor een verviervoudiging van het aantal aangeslotenen."

De Belgische pensioenfondsen hebben globaal opnieuw een goed jaar achter de rug. Het gewogen gemiddeld rendement bedroeg 6,73 procent. Na inflatie blijft er zelfs nog 5,71 procent over. Maar nog belangrijker, aldus Neyt, is het rendement op lange termijn. Dat bedraagt 6,81 procent sinds 1985. "We hebben de crisis van 2008 al lang verteerd", zei de voorzitter nog.

Drie pijlers in pensioenstelsel

In de meeste landen, ook in België, bestaat het pensioenstelsel uit drie pijlers.

1) het wettelijk pensioen, waar de actieve beroepsbevolking, werklozen en zieken recht op hebben. Het is een basisinkomen voor elke gepensioneerde dat door de overheid gegarandeerd wordt. Het wordt gefinancierd op basis van het solidariteitsprincipe: iedere actieve werknemer, zelfstandige en ambtenaar betaalt sociale bijdragen om het wettelijk pensioen te financieren.
2) het aanvullend pensioen, rechten die werknemers tijdens hun loopbaan opbouwen. Een onderneming of een hele bedrijfssector kan een aanvullend pensioenstelsel toekennen. Het is een mogelijkheid, maar geen verplichting. Werkgevers en werknemers betalen premies om het aanvullend pensioen te financieren.
3) individueel pensioensparen. Deze derde pijler is vrijwillig.