"Kaalplukken van Sabena door Swissair te weinig onderzocht"

De curatele van Sabena uit felle kritiek op het openbaar ministerie. Dat zou het faillissement van de luchtvaartmaatschappij onvoldoende onderzocht hebben. Volgens een voormalige piloot die zich burgerlijke partij heeft gesteld, is nogmaals aangetoond dat het "kaalplukken" van Sabena door Swissair te weinig is onderzocht.

De raadkamer heeft een tijdje geleden beslist dat er te weinig bezwaren zijn om onder meer Swissair te laten terechtstaan voor de rol die het gespeeld heeft in het faillissement van Sabena. Zowel langs de kant van de doorverwezen verdachten als van de burgerlijke partijen werd beroep aangetekend tegen die beslissing en dat is vandaag gedeeltelijk behandeld voor de kamer van inbeschuldigingstelling (KI).

De curatoren van Sabena uitten daarbij zware kritiek op het openbaar ministerie en op het onderzoek, vooral naar de rol van Swissair en de aankoop van de Airbussen (zie kaderstuk onder). Volgens de curatele zijn een hele reeks stukken die in 2001 door het gerecht in beslag waren genomen, nooit onderzocht.

Het gaat om verschillende dozen met documenten die in een bestelwagen stonden en daar waren geplaatst door de directie van Sabena House, kort voor de aankondiging van het faillissement van Sabena. De curatele sluit niet uit dat er nu nog bijkomend onderzoek naar die documenten moet komen.

"Als het openbaar ministerie zijn taak met evenveel volharding had uitgevoerd als wij, was dit nu allemaal niet nodig geweest", zei curator Christiaan Van Buggenhout. "Wij hebben ons werk gedaan, we hebben ervoor gezorgd dat alle bevoorrechte schuldeisers hun geld hebben gekregen, zo'n 560 miljoen euro."

Uit de argumenten die de curatele naar voor bracht, blijkt nogmaals dat Swissair bewust Sabena kaalgeplukt heeft, aldus voormalig Sabena-piloot Waldo Cerdan, die zich ook burgerlijke partij heeft gesteld in het dossier. "De Zwitsers hebben op alle mogelijke manieren zoveel mogelijk geld uit Sabena en haar filialen gehaald en daar is veel te weinig onderzoek naar gevoerd", zei de man. "Het is nu wachten op het antwoord van het openbaar ministerie op die kritiek."

Het parket-generaal heeft nog niet gereageerd op die kritiek en zal dat vermoedelijk pas op 5 maart doen, wanneer het dossier opnieuw voor de KI komt. Maar daartegen is dus nog een beroepsprocedure lopende.

Het onderzoek

Het onderzoek naar mogelijke fraude bij Sabena begon in 2001 na een klacht van twee personeelsleden. Na zeven jaar stelde onderzoeksrechter Van Espen 36 mensen in verdenking, van wie er een tiental voor de raadkamer werden gedaagd. Een van hen, de voormalige algemeen directeur Paul Reutlinger, is intussen overleden.

Het onderzoek draaide enerzijds rond een systeem van betalingen in het zwart, het zogenoemde "Sabbel"-luik. Sabbel was een offshore-filiaal van Sabena dat officieel instond voor de verzekering van niet-luchtvaartgebonden risico's, zoals de hotels. Naar dit filiaal zouden tussen 1995 en 1999 miljoenen euro's gestort zijn, waarmee vervolgens leden van het directiecomité in het zwart betaald werden. De winst die Sabbel maakte, zou daarnaast ook gebruikt zijn om voor de Sabena-directieleden een levensverzekering aan te gaan bij Axa Luxemburg, een bijkomend voordeel bovenop hun loon.

Het is in het kader van dit luik dat de Brusselse raadkamer in november besliste om Pierre Godfroid, gedelegeerd bestuurder van Sabena van 1990 tot 1996, en vijf andere voormalige kaderleden door te verwijzen naar de correctionele rechtbank. Voor revisorenkantoor KPMG en diens topman Pierre Berger was de strafvordering verjaard en er waren tegen die twee verdachten ook te weinig bezwaren, oordeelde de raadkamer. Verzekeraar Axa Luxemburg sloot dan weer een minnelijke schikking met het parket waardoor het bedrijf niet meer vervolgd werd.

Daarnaast werd onderzoek gevoerd naar de aankoop van 34 Airbus-toestellen in 1997, waarvan Sabena maar de helft nodig had. Over dat onderdeel oordeelde de raadkamer dat er te weinig bezwaren zijn om onder meer Swissair te laten terechtstaan.