Betere arbeidsvoorwaarden voor niet-Europese seizoensarbeiders

Werknemers die van buiten de Europese Unie naar Europa komen om er tijdelijk werk te verrichten, zullen in de toekomst van betere arbeidsvoorwaarden kunnen genieten dan nu vaak het geval is. Het Europees Parlement in Straatsburg heeft vandaag een met de lidstaten bereikt akkoord goedgekeurd dat stelt dat zulke seizoensarbeiders een arbeidscontract moeten hebben of een jobaanbod waar minstens hun loon en werkuren in vermeld staan. Om uitbuiting te vermijden, worden ook minimumvereisten ingevoerd voor hun leefomstandigheden.

Wie tijdelijk werk in de EU komt verrichten, moet een contract(aanbod) hebben waarin zwart op wit staat dat hij of zij over een degelijk onderkomen zal kunnen beschikken, zo werd beslist. Als het de werkgever is die voor dat verblijf instaat, mag hij geen overdreven hoge huurprijs aanrekenen en de huur ook niet automatisch van het loon aftrekken.

Seizoensarbeiders zullen dezelfde rechten genieten als EU-burgers wat betreft de minimumleeftijd om te gaan werken, verloning, ontslagvoorwaarden, werktijden, vakantieregeling en gezondheids- en veiligheidsvoorschriften. Ze krijgen ook het recht om zich bij een vakbond aan te sluiten en krijgen toegang tot sociale zekerheid, een pensioenstelsel en opleiding.

"Niet zomaar papieren rechten"

Volgens het Britse Europarlementslid Claude Moraes zullen de regels niets veranderen voor werkgevers die hun seizoensarbeiders goed behandelen, maar krijgen de anderen minimumvoorwaarden opgelegd. "Dit zijn niet zomaar papieren rechten."

In het parlement wordt benadrukt dat ondanks de nieuwe regels het de lidstaten zijn die blijven beslissen hoeveel seizoensarbeiders ze elk jaar binnenlaten. De EU-landen krijgen dertig maanden tijd om de wetgeving in nationale regels om te zetten. Ze moeten ook zelf bepalen hoe lang seizoensarbeiders maximaal in het land mogen blijven: tussen vijf en negen maanden, gemeten over een periode van twaalf maanden.

Volgens de Europese Commissie komen elk jaar zo'n 100.000 niet-Europeanen tijdelijk werk verrichten in de EU.