Kiezer moet niet meer dan twee keer bijzitten

Een kiezer zou in zijn leven niet meer dan twee keer lid moeten zijn van een kiesbureau, behalve als hij dit wenst. Dat vindt ook minister van Binnenlandse Zaken Joëlle Milquet (PSC), zo bleek uit het antwoord dat ze donderdag in de Senaat gegeven heeft op een mondelinge vraag van een voorganger van haar, Guido De Padt (Open VLD). Milquet zal het principe opnemen in een omzendbrief, die zij net zoals De Padt in 2009, aan de gemeenten en kantons stuurt.

De omzendbrief beveelt voorts aan een beroep te doen op vrijwilligers om te zitten in de bureaus, en te vermijden dat beide partners van een koppel of een alleenstaande met een of meer jonge kinderen opgeroepen worden. Ook wordt gevraagd rekening te houden met de bijzondere situatie van studenten, gelet op de blokperiode.

Milquet kondigde ook aan dat haar administratie een samenwerking is aangegaan met de Kruispuntbank voor Sociale Zekerheid, de RVA en de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid van de Provinciale en Plaatselijke Overheidsdiensten om de gemeenten gegevens door te sturen van ambtenaren en onderwijzend personeel. Het Kieswetboek bepaalt immers dat ambtenaren en leerkrachten deel uitmaken van de voorkeurscategorieën om lid te zijn van een kiesbureau.

De Padt zelf diende in 2011 een wetsvoorstel in dat bepaalt dat iemand die al minstens tweemaal een functie heeft uitgeoefend in een kiesbureau, een geldige reden heeft om vrijstelling te vragen voor een functie in een stem- of telbureau. Over het voorstel werd echter niet gestemd deze legislatuur.

De oud-minister merkte nog op dat hij ervoor gezorgd heeft dat de gemeenten sinds 2009 in het Rijksregister kunnen vermelden hoeveel keer iemand al opgeroepen is bij een verkiezing.