Belasting- of besparingsregeringen? De puntjes op de i

De N-VA verwijt de federale regering "een Franstalige belastingregering” te zijn. Maar is dat wel zo? En hoe pakt de Vlaamse regering, waarvan de N-VA deel uitmaakt, de dingen aan? Besparen om de openbare financiën op orde te krijgen: dat is wat de Europese Unie en een hele trits andere internationale instanties van ons land verwachten. Hoe hebben de verschillende regeringen van ons land zich van deze taak gekweten?

“Het enige structurele dat de regering doet, is belastingen heffen”, liet N-VA-voorzitter Bart De Wever in 2012 optekenen. Om de haverklap haalt de Vlaams-nationalistische partij uit naar de “Franstalige belastingregering” van Elio Di Rupo, die volgens haar door de PS wordt gedomineerd.

De federale regering zit inderdaad met een serieuze put in de overheidsfinanciën, grotendeels het gevolg van schulden die in een ver verleden zijn gemaakt. De laatste jaren is de put weer groter geworden, met dank aan de schuldencrisis van de laatste jaren en de financiële injecties die aan de grootbanken zijn gegeven.

De federale recepten

De opdracht van de federale regering was niet klein: weer orde brengen in het financiële huishouden van de staat. Pas eind 2011 – zowat anderhalf jaar na de verkiezingen – schoot Di Rupo I uit de startblokken: het gevolg van ellenlang aanslepende onderhandelingen over de staatshervorming.

Di Rupo kondigde al vlug een hele reeks maatregelen aan. Hier volgt een beknopt overzicht.

Belastingmaatregelen

  • Verhoging van de roerende voorheffing van 21 naar 25 procent (voor inkomsten uit beleggingsproducten).
  • Verhoging van de accijnzen op tabak en alcohol.
  • Verhoging van de btw op kosten notarissen, gerechtsdeurwaarders en advocaten.
  • Verhoging taks op digitale televisie en betaaltelevisie.
  • Hogere nucleaire rente en bankentaks.
  • Aanpassing rentevoet notionele intrestaftrek.
  • Verhoging premietaks op levensverzekeringen TAK 21 en 23.
  • Beperkte meerwaardebelasting voor holdings (heffing van 0,4 procent via afzonderlijke aanslag in de vennootschapsbelasting).
  • Beperking aftrekbaarheid dienstencheques.
  • Hogere belasting op bedrijfswagens door een herberekening.
  • Strijd tegen fiscale fraude is opgevoerd.
  • Fiscale regularisatie is geëindigd in december 2013.

“Goed nieuws” van het belastingfront

  • Geen btw-verhoging van 21 naar 22 procent.
  • Geen vermogensbelasting.
  • Geen nieuwe belastingen op arbeid.
  • Aftrek van restaurantkosten blijft behouden.
  • Btw op elektriciteit daalt.
  • Octrooirecht afgeschaft.

“Slecht nieuws” van het belastingfront

  • Aftrek van een aantal uitgaven vervangen door een belastingvermindering, bijvoorbeeld bij individuele levensverzekering, pensioensparen en bijdrage werkgever voor groepsverzekering. In realiteit een belastingverhoging, zeggen critici.
  • Hele reeks groene premies voor isolatie van huizen en ecopremies voor milieuvriendelijke auto’s zijn afgeschaft.

 

Besparingsmaatregelen bij onder meer Defensie, Ontwikkelingssamenwerking, Fedasil, preventieve diplomatie en conflictpreventie, de NMBS, Bpost, volksgezondheid en de sociale zekerheid.

De lijst met belastingmaatregelen oogt inderdaad indrukwekkend, maar als je de cijfers bekijkt, oogt het plaatje enigszins anders. Het was niet bepaald makkelijk om alle cijfers te verzamelen, maar voor de hele legislatuur komen we uit op 11,32 miljard besparingen (52 procent), 6,56 miljard extra fiscale ontvangsten (30 procent) en 3,95 miljard andere inkomsten (18 procent). Bij Volksgezondheid alleen al is voor 4 miljard bezuinigd. “Andere inkomsten” slaat onder meer op niet-fiscale ontvangsten, inkomsten uit fraudebestrijding, impact van structurele hervormingen, enzovoort.

In regeringskringen is te horen dat het hier gaat om indicatieve cijfers omdat er wel eens onenigheid bestaat over in welke categorie bepaalde maatregelen thuishoren. Hoe dan ook: de verhoudingen geven aan dat de besparingsmaatregelen in grootte belangrijker zijn, namelijk goed voor 52 procent.

Ook Vlaanderen belast

In de Vlaamse regering is de N-VA wel vertegenwoordigd. Meer nog: met Philippe Muyters levert de partij zelfs de minister van Begroting. De Vlaamse begroting was de laatste jaren wel in evenwicht, wat niet vanzelfsprekend is in tijden van crisis. Hoe doet Vlaanderen dat?

Belastingmaatregelen

  • De verdeeltaks, die moet worden betaald bij verdeling van een onroerend goed n.a.v. een scheiding bijvoorbeeld, stijgt van 1 naar 2,5 procent.
  • De jaarlijkse verkeersbelasting is geïndexeerd in 2012.
  • Meer ontvangsten door een “betere inning”.
     

“Slecht nieuws”

  • Afschaffing van jobkorting levert 800 miljoen euro op.
  • De kindpremie wordt uitgesteld wegens een gebrek aan budgettaire ruimte.
     

Besparingsmaatregelen

  • Inkrimping van overheidspersoneel.
  • Efficiëntiemaatregelen bij Vlaamse overheidsdiensten.

 

De Vlaamse begroting mag dan wel misschien in evenwicht zijn, de financiële toestand van de steden en gemeenten is dat zeker niet. 54 van de 308 Vlaamse steden en gemeenten zijn genoodzaakt de belastingen op een of andere manier te verhogen. Volgens critici kan dat nefast zijn. “Als de Vlaamse regering de economie wil aanzwengelen, dan zullen de investeringen van de gemeenten daarbij een essentiële bouwsteen moeten zijn”, zegt Vlaams Parlementslid Bart Caron (Groen).

“Als de gemeentelijke budgetten blijven dalen, leidt dat onvermijdelijk tot een ernstige daling van openbare werken, investeringen in infrastructuur, in wegen, natuurontwikkeling, enz…" Voor alle duidelijkheid: de gemeenten zijn zowat de grootste investeerders van alle overheden in ons land. Ze halen zo'n 20 procent van hun inkomsten van het Gemeentefonds, dat valt onder het Vlaams Gewest.

Waar staan we nu en hoe moet het verder?

De totale overheidsschuld - van alle entiteiten samen dus - klokte vorig jaar af op 99,7 procent van het bruto binnenlands product. Het begrotingstekort bedroeg 2,7 procent. Ons land voldoet daarmee aan de afspraken die daarover met de Europese Unie zijn gemaakt. Volgens minister van Begroting Olivier Chastel (MR) behoort ons land opnieuw bij de beste leerlingen van de Europese klas. Van onze buurlanden doen alleen Duitsland en Luxemburg het beter.

Door de zesde staatshervorming die onder Di Rupo I is ingevoerd, krijgen de gewesten meer fiscale autonomie, voor zo’n 10,7 miljard euro. De federale tarieven in de personenbelasting gaan met ongeveer een kwart naar beneden en gewesten zullen op- en afcentiemen kunnen heffen op de federale belastingtarieven, hoewel dat aan voorwaarden zal zijn gebonden. Daarnaast zal de speelruimte voor de regio's beperkt zijn omdat maar 87 procent van de financiële middelen meekomt met de nieuwe bevoegdheden.

lees ook