Stookolietankfonds laat op zich wachten

Eigenaars van een lekkende stookolietank moeten vaak zelf opdraaien voor de saneringskosten van de vervuilde bodem. Het langverwachte stookolietankfonds, dat financieel tussenbeide zou komen en waarvan al meer dan 10 jaar sprake is, is er nog altijd niet. Dat komt door politieke onenigheid.

OVAM, de Openbare Vlaamse Afvalstoffenmaatschappij, probeert de sanering uit te stellen in afwachting van een fonds, maar soms is dat niet mogelijk. "Binnen de bepalingen van het bodemdecreet proberen wij inderdaad de dossiers die nog wachten op verder onderzoek of verdere uitvoering, even te temporiseren of on hold te zetten zolang er een fonds in het vooruitzicht staat", zegt Jan Verheyen van OVAM.

Soms is uitstel echter niet mogelijk en dan draait de eigenaar van de vervuilde bodem dus op voor de kosten. "Wij wachten even af totdat een dergelijk solidariteitsfonds er is, in de mate van het mogelijke uiteraard. Wanneer er gevaar is voor mens of milieu, dan gaan we wel optreden", aldus Verheyen.

Over het stookolietankfonds wordt al sinds 2001 gepraat. Maar door politieke onenigheid is het nog steeds niet van start gegaan. Deze keer ligt Open VLD dwars, zo schrijft De Standaard. De partij zou niet willen dat er federale middelen overgaan naar de gewesten.

Eerder hadden de verschillende overheden nochtans een akkoord gesloten over de kwestie. Ver­vuilde grond saneren, is een kostelijke zaak. De bedoeling was vanaf 2015 een tussenkomst van maximaal 200.000 euro te kunnen bieden. Bij OVAM liepen daarvoor al ruim 350 aanvragen binnen.