Grote schoonmaak van de Klaagmuur

Het Joodse Paasfeest is in aantocht. In Jeruzalem wordt de grote lenteschoonmaak gehouden. Supermarkten maken de rekken schoon en herorganiseren de winkel. En ook voor de Klaagmuur staat er een clean-team klaar.

In de aanloop naar het Joodse paasfeest heerst hier in Jeruzalem een drukte van jewelste. Pesach is één van de drie grote pelgrimsfeesten met heel veel rituelen en gebeden. Het is mijn eerste Pesach sinds ik hier woon en ik weet niet wat ik zie.

Wekenlang al heerst er een buzz en nodigen Israëli’s onbekenden uit om samen met hen de Sederavond te vieren. Dat is de avond voor het Joodse Paasfeest. Dit jaar valt dat traditionele feest op maandagavond 14 april.

Zo’n groot Joods feest betekent traditiegetrouw namelijk ook samen zijn en veel eten! En ja hoor, ik ben ook ergens uitgenodigd om vragen te gaan stellen (jawel), wijn te gaan drinken en matzes te gaan eten.

Niemand vindt zijn weg nog in de supermarkten

De meeste winkels hebben wel wat in de aanbieding en het personeel van de supermarkten en voedingszaken is druk in de weer met het schoonmaken van de winkelrekken en het herorganiseren van de voedingswaren. Alles waar gist in zit moet weg!

Geen tarwe, gist, spelt, rogge of haver meer, maar matzes of crackers. Het is compleet geschift, want niemand vindt zijn weg nog in de supermarkten, wat het duwen en het trekken in de gangen tussen de winkelrekken nog erger maakt dan gewoonlijk.

Het eten van matzes moet de Joden herinneren aan hun moeilijke tijd in de woestijn, toen ze moesten overleven op ongerezen broodkoeken. Joden mogen gedurende Pesach, een week lang, niet alleen geen gist eten, er mag ook nergens nog een kruimeltje brood te bespeuren zijn. Daarom zetten ze het hele huis op zijn kop.

Betere peuter- en prutswerk aan de Klaagmuur

De poetswoede kent geen grenzen en is uitgegroeid tot de jaarlijkse lenteschoonmaak. Zelfs de Klaagmuur moet het ontgelden. Gisteren zijn medewerkers van Schmuel Rabinovich, de rabbijn van de Klaagmuur, de muur te lijf gegaan met allerlei materiaal om de vele duizenden briefjes aan God te verwijderen die echte en ad hoc gelovigen in de gleuven van de muur stoppen. Het betere peuter- en prutswerk, zeg maar.

Ik vind het maar een trieste, "ongoddelijke" aangelegenheid. Je zal maar net een briefje aan God in de gleuven van de eeuwenoude muur hebben gestopt als je de mannen van het clean-team ziet arriveren.

Gewapend met houten stokken en grote plastic vuilniszakken zetten ze een stuk van de muur af en beginnen met hun drieste arbeid. Honderdduizenden wensen worden bij mekaar geveegd, weggevoerd en vervolgens ergens op de Olijfberg begraven, daar waar de Messias zal verrijzen. Hij kan dan meteen zijn post lezen.

Wie dacht dat zijn wens voor eeuwig in de gleuven van de muur zat, is eraan voor de moeite. “Dit ritueel wordt twee keer per jaar herhaald om plaats te maken voor de wensen van andere gelovigen”, zo de rabbijn.

“Iedereen moet de kans krijgen om zijn wens aan God te bezorgen." De medewerkers van de rabbijn hebben alleszins het absoluut verbod gekregen om de briefjes te lezen of te tellen. Dat is dan toch een geruststelling.

De Klaagmuur kan er weer voor eventjes tegen. De volgende busladingen vol toeristen en gelovigen gewapend met pen en papier en geheime wensen heeft weer een propere lei om te vullen en ik ben weer een illusie armer.