De evacuatie 20 jaar later

Radiojournaliste Katrien Vanderschoot was 20 jaar geleden in Rwanda toen de genocide plaatsvond. Ze bezoekt deze week opnieuw het land, doet indrukken op en vertelt haar ervaringen in een dagboek dat ze voor ons bijhoudt. Vandaag, in dit slotstuk, kijkt ze filosofisch vooruit.
De evacuatie in Rwanda destijds.

Het tarmac op Kigali National Airport. Grote plassen, een felle regenbui, in de verte een grote hangar. Rondom mij enkele tientallen Belgische blauwhelmen. Het had april 1994 kunnen zijn. Maar nu staat een airbus van de regering te wachten op de pers en de vrienden en families van de 22 Belgen die hier toen het leven lieten. Vanmorgen zijn ze naar Camp Kigali geweest, een akelig bedevaartsoord, voor de Belgische blauwhelmen die daar werden gelyncht. Binnen in het kleine huisje met de brokkelige kogelgaten is nu een fresco geschilderd, met verwijzingen naar andere volkenmoorden: de Holocaust, Cambodja,….

Twintig jaar na de politiek geladen beslissing om de Belgische blauwhelmen terug te trekken -een beslissing die de politieke kop had kunnen kosten aan eender wie besliste wél te blijven- lijkt de tijd rijp om niet meer terug te kijken maar vooruit. Rwanda is gebeurd. Die klok kunnen we niet terugdraaien. Waar zijn de andere Rwanda’s aan het broeien en wat kunnen we ertegen beginnen?

Kennis is het begin van alle waarheid

In elk geval kan geen enkele politicus 20 jaar na Rwanda ermee weg dat hij niet op de hoogte was. In 1994 was er geen internet, geen mobiele telefonie, geen sociale media. Vandaag wordt mijn postbus overstelpt met rapporten en "early warning systems" over latente crisissen van Niger tot Burundi, van Colombia tot Tibet. We kunnen met snapshots op twitter live in een betoging in Kiev gaan staan.

Dat verhoogt de druk op beleidsmakers om ook daadwerkelijk in te grijpen. Maar er is een keerzijde: de waan van de dag. De media zijn zo snel geworden dat alles in een onoverzichtelijke mallemolen aan ons voorbijvliegt. Syrië, Zuid-Soedan, daar vallen elke dag doden, maar het is moeilijk de aandacht bij het publiek gaande te houden. Rwanda bestaat maar uit enkele beelden en verslagen, en die zijn in het geheugen van velen gegrift.

Interventie: waar en wanneer?

De vredesmissie die naar Rwanda werd gestuurd in 1993, paste in de context van de vroege jaren 90. Vredesmissies waren "in", ze pasten in het optimisme van na de Koude Oorlog. Ze werden samengesteld uit diverse nationaliteiten, maar waren daardoor niet echt efficiënt en hun mandaat was veel te zwak. Somalië, Rwanda en later ook Bosnië zouden dat pijnlijk illustreren.

Ook nu nog wordt er hopen geld besteed aan vredeshandhavers die zich op het terrein als waarnemers gedragen, denk maar aan de MONUC in Congo, die nu gelukkig een iets robuuster mandaat heeft gekregen en erin is geslaagd de rebellengroepen in te tomen. Ban Ki-moon zei tijdens de herdenking in Kigali dat dat inderdaad een van de lessen was uit Rwanda.

Afrikaanse verantwoordelijkheid

Vandaag lopen er Rwandese soldaten rond in de Centraal-Afrikaanse Republiek, als troepen van de Afrikaanse Vredesmacht. Ook dat is een stap vooruit. Als er regionale brandhaarden zijn, kan de Afrikaanse Unie daar stilaan zelf een oplossing voor vinden. Zuid-Afrika heeft een goed uitgerust en getraind leger, en ook Rwanda wil duidelijk aan de buitenwereld tonen dat het zijn eigen boontjes kan doppen.

Welke belangen spelen er?

Maar hoe je het ook draait of keert: het zijn de grootmachten met hun regionale belangen die beslissen waar er al of niet wordt ingegrepen. De Fransen weten maar al te goed dat er in de CAR en in Niger uranium zit. Hun motivatie om in te grijpen in de CAR en ook eerder in Mali heeft weinig te maken met medeleven met de geterroriseerde inwoners.

De Amerikanen lijken in Afrika naïef. Zien ze te veel hongerende kinderen in Somalië, dan sturen ze soldaten, gaat er een film rond over de Oegandese krijgsheer Kony, dan vinden ze het ineens nodig om die man snel te gaan inrekenen. Nu betalen de Amerikanen een kwart van de kosten van de VN-vredesmissies, maar een beetje politieke moed om Rwanda’s steun aan de tutsi-rebellen in Oost-Congo te stoppen, dat hebben ze niet.

België wel of niet?

België zit krap bij kas voor veel meer buitenlandse interventies. Troepen sturen naar de Centraal-Afrikaanse Republiek, waar we nu net overheen vliegen, lijkt op dit moment uitgesloten. Gisteren noemde VN-secretaris-generaal Ban Ki-moon het land nochtans een "chaos" die we niet mogen negeren. Hoeveel mannen, vrouwen en kinderen zouden daar nu op dit moment even gruwelijk worden afgeslacht als de slachtoffers destijds in Rwanda? Als we mogen voortgaan op de ronkende toespraken van gisteren, moeten we dan ook maar de daad bij het woord voegen.