Recordaantal schenkingen van familiebedrijven aan volgende generatie

Het aantal familiale bedrijfsleiders dat zijn of haar onderneming bij leven schenkt aan de opvolgers, is fors gestegen. Dat blijkt uit het antwoord op een parlementaire vraag van Vlaams volksvertegenwoordiger Robrecht Bothuyne (CD&V). De nieuwe fiscale regeling voor familiale opvolging, waarbij geen schenkingsrechten meer verschuldigd zijn, is de belangrijkste verklaring voor de stijging.

In 2011 werden 300 schenkingen genoteerd, in 2012 steeg dat aantal naar 1.053. Vorig jaar werd een recordaantal van maar liefst 1.470 familiebedrijven weggeschonken, een stijging van 40% tegenover 2012. De strategie van de Vlaamse regering, om ondernemers attent te maken op de tijdige regeling van hun opvolging, werpt dus zijn vruchten af.

Vanaf 1 januari 2012 werd een nieuwe fiscale maatregel van kracht. De schenkingsrechten bij de overdracht van een familiebedrijf vallen volledig weg. Het tarief van 2% werd dus herleid tot 0%. De vrijstelling van successierechten werd vervangen door een tarief van 3% voor wanneer de onderneming in rechte lijn wordt geërfd, tussen echtgenoten en de meeste samenwonenden, of 7% indien anderen het familiebedrijf verkrijgen via erfenis.

Bovendien was er geen tewerkstellings- of loonlastvoorwaarde meer vereist, enkel een activiteitsvoorwaarde. De onderneming moet minimaal 3 jaar actief blijven in Vlaanderen. Door deze versoepeling werd de regeling nog aantrekkelijker.

"Familiebedrijven zijn belangrijke schakel in onze economie"

"Het is cruciaal voor onze economie om deze ondernemingen verder te zetten. Het is duidelijk dat het actieplan van de Vlaamse regering en de eraan gekoppelde fiscale maatregelen werken. Vlaanderen moet dan ook op de ingeslagen weg verder gaan. Nog steeds zijn te weinig ondernemers bewust bezig met de overname en opvolging van hun familiebedrijf", aldus Bothuyne (CD&V).

Het soort familiebedrijven dat wordt overgedragen aan de volgende generatie, zijn vooral land- en tuinbouwbedrijven (26%), bedrijven uit de distributiesector (22%), holdingvennootschappen (15%), bouw- en industriële bedrijven (11%) en bedrijven uit de dienstverlenings- en verzekeringssector (11%).

77% van de Belgische ondernemingen zijn familiebedrijven. Hun impact op de economie is groot: samen produceren ze 33% van het bruto binnenlands product en zijn ze goed voor 45% van de tewerkstelling in ons land.