"Een goede relatie kan tegen een stootje"

De regering-Peeters II is de meest stabiele Vlaamse regering van de afgelopen vijftien jaar. U kunt het misschien moeilijk geloven - en de oppositie al helemaal niet - als u terugdenkt aan de onderwijs-, Oosterweel- en andere discussies en relletjes, maar de naakte cijfers tonen het aan: Peeters II zag in vijf jaar geen enkele minister vertrekken. En dat is in het verleden wel eens anders geweest. Toch heeft de regering vaak onder hoogspanning gestaan. Een terugblik op vijf jaar bommetjes, ontmijners, verontschuldigingen en uithoudingsvermogen.
BELGA/VERGULT
De regering-Peeters II in juli 2009. Onveranderd tot vandaag.

De Vlaamse regering is een legislatuurregering. Dat wil zeggen dat ze in principe niet kan vallen tussen twee verkiezingen. Toch is het goed mogelijk dat regeringen tijdens de legislatuur een serieuze gedaanteverwisseling ondergaan. De regering-Peeters II heeft daar echter geen last van gehad, in tegenstelling tot haar voorgangers.

Duivenkot

Om u een idee te geven hoe volatiel een Vlaamse regering kan zijn, gaan we even terug in de tijd. De regering-Dewael was daar een van de beste, zo niet het beste voorbeeld van. Van de negen ministers die in 1999 de eed aflegden, bleven er op het einde van de legislatuur slechts drie over. Om het wat oneerbiedig te zeggen: het leek wel een duivenkot.

Minister-president Patrick Dewael (toen VLD) gaf er na vier jaar zelf de brui aan. Dewael stapte toen over naar de federale regering-Verhofstadt II en werd als minister-president opgevolgd door zijn partijgenoot Bart Somers.

In de jaren daarvoor was de regering echter al meerdere malen hertimmerd: Johan Sauwens werd vervangen door Paul Van Grembergen (beiden toen nog VU-ID), Jaak Gabriëls (VLD) kwam de ploeg versterken, Bert Anciaux (VU-ID) nam ontslag, Guy Vanhengel (VLD) kwam er bij, Steve Stevaert werd vervangen door Gilbert Bossuyt (beiden toen SP) en Agalev verving zijn twee ministers na de pandoering bij de federale verkiezingen van 2003.

Dewaels opvolger Somers verbleef maar een goed jaar op het Martelarenplein, maar zag zijn regering in dat jaar ook danig veranderen, vooral door het uiteenvallen van de Volksunie. De volgende Vlaamse regering, Leterme I, bleek ook geen honkvaste ploeg te zijn. In 2007 stapten minister-president Yves Leterme en minister Inge Vervotte (beiden CD&V) op om zich volledig op de vorming van een nieuwe federale regering te kunnen storten.

Kris Peeters nam het roer over van Leterme. Zijn eerste regering bestond uit ongeveer dezelfde ploeg als Leterme I, maar Leterme en Vervotte werden vervangen door twee nieuwe gezichten: Hilde Crevits en Steven Vanackere (beiden CD&V).

Helaas voor Peeters I bleef ook deze regering in haar tweejarige bestaan niet gespaard van wissels. Fientje Moerman (Open VLD) ging, Patricia Ceysens (Open VLD) kwam. Ook Geert Bourgeois (N-VA) en Steven Vanackere (CD&V) verlieten het schip en Bert Anciaux ruilde van partijpetje waardoor de SP.A ineens drie ministers had.

En dan komen we bij Peeters II. Na vijf jaar nog steeds dezelfde ploeg. Peeters zelf is, sinds de eerste rechtstreekse verkiezing van het Vlaams Parlement in 1995, de langstzittende minister-president. En alle 9 ministers die in de zomer van 2009 op het regeringsportret blonken, zijn vandaag nog steeds op post. Puur op basis van deze gegevens kunnen we dus zeggen dat de regering-Peeters II de meest stabiele regering in jaren is geweest.

Lekgeslagen

Maar er zijn cijfers en er is perceptie. En die toont een heel ander beeld. Want hoe hard minister-president Peeters ook zijn best deed om de rangen te sluiten, de regering heeft de voorbije vijf jaar meermaals onder druk gestaan en een stabiele indruk heeft ze niet echt gegeven. Ook in de ogen van de oppositie was de regering-Peeters II een onsamenhangende ploeg.

Een reeks schandaaltjes, relletjes en interne discussies hebben dat beeld geschapen. Minister van Media Ingrid Lieten (SP.A) liet begin 2011 een eerste bommetje vallen. Ze stuurde een mail van haar kabinet ongewild door naar enkele collega-ministers. In die mail werden de ministers van CD&V en N-VA omschreven als "uit teflon en beton opgetrokken gevoelloze karikaturen". Het uithangbord van de regering, het actieplan 'Vlaanderen in Actie" (VIA), werd bovendien "geen sterk merk" genoemd.

Lieten moest door het stof en verontschuldigde zich bij haar collega's. De kritiek in de mail op VIA werd bijgesteld tot "iedereen moet een tandje bijsteken om VIA te doen werken". Over het vertrouwen binnen de regering na de teflon-mail besloot Lieten: "Ik denk dat een goede relatie tegen een stootje kan."

De regering-Peeters II bleek in de daaropvolgende jaren nog wel vaker niet volledig waterdicht te zijn. Ook begin 2012 ontstond er een schandaaltje na een gelekte mail. Deze keer beschuldigde Philippe Muyters de oppositiepartijen Open VLD, Groen en LDD van "politieke spelletjes" in een mail aan een burger over de invoering van een nieuwe regeling voor de belasting voor de inschrijving van voertuigen. Muyters verontschuldigde zich, maar moest wel tegen een motie van wantrouwen aankijken, ingediend door de oppositie. Een primeur in Vlaanderen.

Nog geen week later was Muyters opnieuw het middelpunt van een schandaal. In een gelekte mail gaf een kabinetsmedewerker van de minister aan dat Muyters gelogen zou hebben over de omvang van het begrotingstekort in 2009. De mail had het ook over "die smeerlappen van Onderwijs". Muyters zat in zak en as - op een persconferentie liepen de tranen in zijn ogen - maar voelde zich nog voldoende gesteund door partij en regering en weigerde ontslag te nemen.

Opendebatcultuur terug van weggeweest?

De Vlaamse regering blonk de voorbije jaren ook uit in openlijke discussies - de opendebatcultuur uit de paarse jaren leek weer even helemaal terug. Lieten kreeg midden 2012 de hele CD&V en N-VA over zich heen toen ze publiek forse kritiek gaf op minister van Leefmilieu Joke Schauvliege (CD&V) omdat die een milieuvergunning had goedgekeurd voor het winkelcentrum Uplace. Er kwam opnieuw een mail uit de omgeving van Lieten in de verkeerde handen terecht (in die van Peeters), waarin volgens sommige media het woord "dictator" was gevallen, maar Peeters zelf ontkende dat. Lieten kreeg wel een bolwassing van de minister-president.

Ook de hervorming van het secundair onderwijs leverde geen fraai beeld op van de Vlaamse regering. Na veel gebakkelei binnen de regering, flink uitgesmeerd in de pers, bereikte de regering uiteindelijk een akkoord. Maar de praktische uitvoering ervan is grotendeels voor de volgende regering. Bovendien valt op dat de partijen het akkoord wel erg verschillend interpreteren.

En dan is er ook nog de Oosterweelverbinding, de molensteen van deze regering én vorige regeringen. Op Valentijnsdag 2014 hakte de regering-Peeters II de knoop door. De zoveelste knoop. Want in dit dossier zijn meer bochten genomen dan je voor mogelijk acht. Al moet gezegd dat het eindbeeld er een is van eensgezindheid bij de meerderheidspartijen.

Had Lieten dan toch gelijk toen ze zei dat een goede relatie wel tegen een stootje kan? Ja en neen. Zeggen dat Peeters II een goede relatie was, lijkt, terugkijkend op de voorbije vijf jaar, toch wat overdreven. Maar toegegeven, ze kon wel degelijk tegen een stootje. Meer dan één.

lees ook